JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Antwoord aan een belangstellende.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Antwoord aan een belangstellende.

4 minuten leestijd

Gaarne wil ik aan 't verzoek uit Rotterdam voldoen. Uit de serie vragen blijkt belangstelling. Belangstelling is altijd aangenaam, en voor wat hoort wat, zoals 't spreekwoord zegt.

Allereerst dan de „brochures in de nieuwste tijd." De nieuwste tijd kan ook bij „vroeger" horen. Denkt U eens aan de indeling van de geschiedenis in Oudheid, Middeleeuwen, Nieuwe Tijd en Nieuwste Tijd! En van brochures spreekt men niet voor 1800, maar wel na die tijd. Waarmee U mijn bedoeling duidelijk zal zijn.

Ten tweede: de verschijning van de paperback. „Het is minder", lijkt mij juist. Zou „hij" of „zij" niet heel erg stijf aandoen? En het normale spraakgebruik rechtvaardigt toch een dergelijk gebruik van „het"? Ik zou bijvoorbeeld kunnen zeggen: „Die man leest blijkbaar heel nauwkeurig, maar het lijkt me toch geen lastig iemand". Of: „Die Rotterdammer weet ook wat hij zegt. Het is geen domme jongen, hoor!" Zou daar dan iets op tegen zijn?

Ten derde: „dan en dus". Mijns inziens is er hier een klein verschil. „Dus" geeft een konklusie aan, die na het voorgaande verantwoord is. In „dan" zit bovendien iets van wat men omschrijven kan met „eindelijk". „Dus" wijst op de overwegingen en „dan" op de langdurigheid ervan, 't Verschil is klein, maar zinloos is de kombinatie niet. Bovendien: het ritme spreekt hier ook een woordje mee.

Van het woordje uit het vierde punt: „betreffende", valt echt niets kwaads te zeggen. Kijkt U maar in Van Dale — de grote, in de laatste druk — die toch voor menigeen het eind van alle tegenspreken is. U zult daar tevergeefs naar „germanisme" zoeken. En waarom zou men er zoiets in zien? „Betreffen" wordt toch ook genoeg gebruikt? „Wat mij betreft" is ook goed Nederlands.

Ten vijfde: Is „ten allen tijde" goed? Officieel moet men „te allen tijde" schrijven, maar dat doe ik nooit. Regels zijn er om gebruikt te worden met verstand. En aangezien ik nooit „te allen tijde" zeg, omdat „ten allen tijde" naar mijn mening beter is, wijk ik hier welbewust van 't voorschrift af. Het woordje „te" toch, eindigt op een klinker, en het woordje „allen" heeft een klinker aan 't begin. Spreekt men beide woordjes na elkander uit, dan stokt de uitspraak even. De moeilijkheid — een klein hiaat — wordt weggenomen door de invoeging van „n", die het hiaat helpt overbruggen: „Ten allen tijde" doe ik dat!

Ten zesde: „Is er hier werkelijk verband? " en „Is hier werkelijk verband? " zijn beide goed. De situatie en het ritme maken uit of men het ene zal gebruiken of het andere. Tegen: „Is er werkelijk verband? " zou U toch wel niets hebben. Wat kan er tegen zijn om met het woordje „hier" de plaats nog eens te onderstrepen?

Maar we gaan door: punt zeven. Leren en genieten gaan vaak samen, niet altijd. Wil men op beide nadruk leggen, dan is „èn heel veel leren èn heel veel genieten" een verantwoord middel. Het staat gelijk met „zowel dit als dat"!

Ten achtste: „deze" klinkt hier houterig. Logisch redenerend kunt U het een eind verdedigen — „die" zou beter zijn, zoals ik beter „dat" had kunnen schrijven — maar over taal moet men niet enkel redeneren. Taalkunde is geen logika! Iemand heeft voor iets een uitgesproken aanleg. Aanleg is een de-woord. Niettemin zegt men: „Hij heeft dat nu eenmaal", en bovendien: „Je hebt dat of je hebt het niet". Vanwege de natuurlijkheid van uitdrukking geef ik in al deze gevallen aan de woordjes „dat" of „dit" de voorkeur. Maar ik geef toe, het is een kwestie van gevoel.

Tenslotte krijgt U echter ook een keer gelijk. „Vrijwel moet als één woord geschreven worden, maar „vrij wat" bestaat uit twee afzonderlijke woorden. Ik neem op Uw gezag graag aan dat ik het in het stuk verkeerd geschreven heb — dit moet ik doen, omdat ik zelf de stukken meestal niet bewaar en het dus niet meer kontroleren kan — en — laat ik nu eens deftig eindigen — ik bid U en alle lezers om verschoning voor die grove fout!

Naschrift van de redactie: Voor ditmaal is deze reactie mèt het antwoord geplaatst. Dit moet echter tot een uitzondering beperkt blijven. Plaatsruimte is al een probleem op zichzelf; onze scribent zal ook wel meer te doen hebben.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 april 1963

Daniel | 8 Pagina's

Antwoord aan een belangstellende.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 april 1963

Daniel | 8 Pagina's