JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Een in zijn bescheidenheid belangrijk leven

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Een in zijn bescheidenheid belangrijk leven

5 minuten leestijd

C. Postma: „Prins Frederik der Nederlanden. Een vorstelijke burger in de 19e eeuw. 1797—1881." Uitgave van de Europaische Bücherei, 's-Gravenzande, 1961. 184 blz., geb. f 12, 90.

Men mag veilig aannemen dat de gemiddelde Nederlander die de naam van Prins Frederik op een tegenwoordige soldatenjas ziet staan, er moeite mee zal hebben om die naam terstond behoorlijk thuis te brengen. Toch is Prins Frederik een van de twee geliefdste Nederlandse prinsen uit de negentiende eeuw geweest. Geen groot man, heeft hij in bescheidenheid, zijn plaats goed kennend, bijna heel zijn lange leven in de schaduw van de Nederlandse troon geleefd, de troon waarop hii eerst zijn vader, dan zijn broer, en eindelijk gedurende ruim dertig jaar zijn neef zag zitten. Desondanks heeft hij zich met de enigszins beperkte gaven en door welbewust gebruik te maken van de evenzeer beperkte kansen die hem zijn gegeven voor het Nederlandse volk en voor het Nederlandse vorstenhuis verdienstelijk en door het Nederlandse volk bemind gemaakt. En dat in een tijd waarin ons vorstenhuis bijna voortdurend aanleiding tot opspraak gaf. Het is dan ook toe te juichen dat er — na het grote werk van generaal de Bas, dat ongeveer een halve eeuw geleden is verschenen en dat nu alleen maar meer historici bekend is — opnieuw een boek aan hem gewijd is.

Het was Postma's doel om een eenvoudig en dus leesbaar boek over Prins Frederik te schrijven. Hierin is hij ongetwijfeld goed geslaagd. Doorlopend plaatst hij de beschrevene in het verband van de gebeurtenissen van zijn tijd en staat uitvoerig stil bij wat Prins Frederik daarvan persoonlijk meegemaakt heeft. En schrijver is niet zonder meer een loftrompetter. Waar dit nodig is geeft hij, al is het dan tussen de regels door, wel degelijk te kennen waarop hij kritiek heeft. Dat maakt ook voor de historicus het lezen van dit boek tot een genoegen, al vindt hij er niets nieuws in. Tenslotte is dit levensoverzicht geen studie in die zin dat hiervoor uitgebreide onderzoekingen in nog niet eerder aangeboorde bronnen zouden zijn gedaan, maar een goede samenvatting voor een brede lezerskring van wat aan vaklieden reeds lang bekend was. En in zijn soort is het een heel goed boek.

Er blijven echter altijd wensen, ook bij wat men noemt een heel goed boek. Met het oog op het publiek waarvoor hij schreef, zou het verstandig zijn geweest wanneer de schrijver meer gebruik van brieven had gemaakt. Daartoe had hij zich niet eens langdurig in archieven hoeven te verdiepen, al zou dat ook voor hem, als archivaris, niet zo erg bezwaarlijk zijn geweest. Er zijn reeds vele brieven uit de omgeving van Prins Frederik en van hemzelf gepubliceerd die een goed licht op zijn persoonlijk leven werpen. Goedgekozen brieffragmenten verlevendigen iedere biografie. Bij Postma is het af en toe zo dat men bijna zou gaan vragen of hij nu over de tijd waarin Prins Frederik geleefd heeft wilde schrijven of over het leven van Prins Frederik. Dat hij die tijd heel grondig tekent is zeer goed, maar hij had het persoonlijk leven van Prins Frederik en zijn persoonliik medeleven met zijn tijd en met zijn tijdgenoten wat meer nadruk kunnen geven. In elk geval zou dit aan zijn verhaal ten goede zijn gekomen. Met name geldt dit voor de jeugd en voor de laatste jaren van de prins. Voor de eerste levensjaren en de jongensleeftijd had de schrijver aardige gegevens uit de zeer bekende, door mejuffrouw Naber uitgegeven reeks „Correspondentie van de stadhouderlijke familie" kunnen putten. En voor de jaren rondom Nederlands herstelling uit de biezonder mooie „Prinzenbriefe aus den Freiheitskriegen", uitgegeven door Granier, verschenen Stuttgart en Berlijn, 1922, op de waarde waarvan vier jaar later in „Het zilveren getij", een eveneens bekend gedenkboek, door Van Schelven is gewezen in zijn opstel over „Drie belangrijke jaren uit de jeugd van Prins Frederik, 1813—1815". Dat deze studie niet genoemd wordt in de lijst van bronnen die geraadpleegd zijn, achterin het boek van Postma, is beslist een manco. Het zesde hoofdstuk, dat de laatste levensjaren van Prins Frederik bestrijkt, zou men wel graag uitvoeriger gezien hebben, al moet men toegeven dat dit beknopte hoofdstuk het als afsluiting toch wel goed doet. Het geeft uitstekend de positie van de prins in deze jaren weer, maar wat meer kleurigheid en meer uitvoerigheid was op zijn plaats geweest.

Het boek is redelijk geïllustreerd, al hadden er zo hier en daar veel mooiere portretten kunnen staan. Bovendien sluiten de illustraties waar ze staan zo goed als nergens bij de tekst aan. Ze zijn willekeurig over heel het boek verspreid, wat toch wel jammer is. En waarom staat er in dit boek geen enkel jeugdportret van de beschrevene, terwijl er toch verschillende heel aardige bestaan?

Het aantal drukfouten is zeer gering. Waarschijnlijk moet men daartoe rekenen de fout op blz. 162 in noot 9, waar van stadhouder-koning Willem III wordt gezegd „geb. 1702", wat natuurlijk „gest. 1702" moet zijn. Een enkel stijlfoutje ontsiert de tekst wel eens. Ook hiervan maar één voorbeeld, en wel het lelijkste geval: op blz. 59, in de laatste regel, staat dat „de tsaar werd begeesterd". Zo'n afschuwelijk germanisme moet men toch wel signaleren!

Na het uiten van bepaalde wensen en bezwaren is het goed er eindelijk aan te herinneren dat men hier met een heel goed boek te maken heeft, dat in veler handen moge komen. Het geeft een zeer verantwoord beeld van leven en verdiensten van Prins Frederik. De uitgever heeft voor het uiterlijk gezorgd. Het boek is weliswaar eenvoudig, maar niettemin heel keurig ingebonden en gestoken in een sprekend omslag. De prijs is echter ietwat aan de hoge kant. Wat niet wegneemt dat de gemiddelde geïnteresseerde in de vaderlandse geschiedenis zich na lezing van dit boek niet bekocht gevoelen zal.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 juli 1962

Daniel | 8 Pagina's

Een in zijn bescheidenheid belangrijk leven

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 juli 1962

Daniel | 8 Pagina's