JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Wonderlijke wereldbeschouwing

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Wonderlijke wereldbeschouwing

5 minuten leestijd

We moeten niet denken dat de zendelingen, die gaan arbeiden onder de heidenen, met een volk in aanraking komen dat helemaal geen godsdienst heeft. Het tegendeel is waar: men staat versteld hoe vernuftig hun „leer" is uitgedacht en hoe vast het volk ermee is verweven. Dat is goed te begrijpen: de heidenen, die de wet niet hebben, doen van nature de dingen die der wet zijn, volgens Romeinen 2. Bovendien heeft Kaïn, die we eigenlijk een heiden zouden kunnen noemen, goed geweten wat goed en wat kwaad was; hij heeft gehoord van de Schepper van hemel en aarde; hij heeft vernomen van God Zelf, dat er verhoging zou zijn, indien hij wél deed, maar zo niet, clat clan de zonde aan de deur ligt. Laat dit dan voor de eerste wereld zijn, maar hetzelfde zouden we kunnen opmerken over Cham. En de verschillende volken, die de aardbodem gingen bewonen (Gen. 10), zijn niet onkundig geweest van de grote bemoeienisen van God. Het besef van God en de dienst des Heeren zijn onder de verschillende volken zeer vervaagd en vermengd geworden met bijgeloof en allerlei menselijke inzettingen. Maar inwendig, in het diepst van het hart, zit een besef van Iemand, Die hoger is dan al het menselijk kunnen. Dat besef is door de eeuwen heen zo vertroebeld, dat we ternauwernood nog iets terug kunnen vinden van hetgeen God geopenbaard heeft.

Een zendeling kan en mag met het vreemde van zo'n godsdienst de spot niet gaan drijven, maar hij zal nauwlettend nagaan hoe het volk tot dat vreemde is gekomen, om van daaruit te geraken tot het zuivere besef en de rechte plicht om God te vrezen en Hem alleen te dienen.

Neem als voorbeeld de wereldbeschouwing van de Dajaks op Borneo. De godheid bij deze mensen werd voorgesteld als een wezen dat bestaat uit de Hemelmacht en cle Aardegodin, een tweevoudig wezen dus. Alle bestaan op aarde kwam van die twee goddelijke machten, die alles beheersten en vervulden. Het hele leven van de Da jakkers wordt beheerst door dit eigenaardige godsbeeld. Het komt uit bij de opbouw van cle stam, bij cle inrichting van cle huizen, bij huwelijk en begrafenis. Wanneer een zendeling onder deze mensen daarvan niet op de hoogte is, wordt het een onbegonnen werk om deze heidenen enigszins de weg te wijzen die naar het Leven leidt, afgezien van het feit, dat de Heilige Geest alles vermag.

In de leer van de Dajakkers vinden we een grillige tegenstelling tusen hemel en aarde, en toch moeten hemel en aarde een eenheid vormen. De donkere aarde kan uit zichzelf niets voortbrengen; ze bergt verschrikkelijke dingen in haar schoot: vuur komt uit haar ingewanden en geweldige orkanen teisteren uitgestrekte streken; aardbevingen schrikken de mensen op. En toch komt uit diezelfde aarde de vruchtbaarheid: zon en regen komen op tijd om wasdom te geven. De hemel zorgt om het angstaanjagende te verdrijven en leven mogelijk te maken. De Hemelmacht en de Aardegodin zijn tegengesteld aan elkander en toch moeten ze samen werken voor de mensheid.

Dit beeld komt onder cle meeste volken voor. Schier overal merken we de aarde als iets donkers en de hemel als de lichtende kant; er zijn machten die rampen veroorzaken, maar ook krachten die juist tegenovergesteld werken. Tussen die twee machten staat nu de mens, maar die mens staat niet alleen. Hij staat daar als stam, die eensdeels verbonden is met de hemelmacht en anderdeels met de aarde. Vandaar dat er offers gebracht worden zowel aan de hemelmacht als aan de aarde. De offers aan de hoge macht (hemel) zijn om die macht te vereren; de offers aan cle lage machten (demonische machten van de aarde) dienen om die boze geesten te bezweren, zodat die geen kwaad zullen doen. Elk offer heeft dus een betekenis.

De levenden zijn dus deels verbonden met cle hemelmacht en deels met cle aardegodin. Zo is het ook met de doden. Deze zijn wel uit deze wereld uitgegaan, maar ze behoren toch nog tot de stam en nemen een biezondere plaats in te midden van het ganse samenstel van hemel en aarde. Vandaar dat de gestorven voorouders met grote zorg dienen vereerd te worden.

Ook de natuur is heel belangrijk. Deze is geen dood ding, maar vol verborgen krachten. In de natuur ontmoeten ze elk ogenblik cle goddelijke machten. Daarom plechtigheden bij zaaien en oogsten. De verschillende regels die in acht dienen genomen te worden zijn alleen bekend bij cle priesters, cle toverdokters en de stamhoofden. Deze hoogstaande mensen weten de boze geesten te bezweren en weten bij ram-

pen de aanleidende oorzaak en kunnen die wegnemen, opdat er niets ergers zal komen.

De vrees voor toverdokters is dus goed te verklaren en het is begrijpelijk dat een stamhoofd een zeer grote macht bezit. Wanneer een stamhoofd door het evangelie is overwonnen, zal dit niet nalaten een grote ommekeer te brengen in de hele stam.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 juni 1962

Daniel | 8 Pagina's

Wonderlijke wereldbeschouwing

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 juni 1962

Daniel | 8 Pagina's