Voor onze militairen
DE NAVO
III.
De vorige keer hebben we gezien dat de hoogste leiding van de NAVO is toegekend aan de Noord Atlantische Raad. Deze raad wordt in de leiding bijgestaan en geadviseerd door:
le 2e 3e het Internationale Secretariaat de comité's van de Raad het Militair Comité.
Aan de eerste twee zullen we voorbijgaan omdat het ondoenlijk is het Internationale Secretariaat (met ± 20 onderafdelingen) en de verschillende comité's van de Raad (± 25) in dit artikel te bespreken. Bovendien zijn deze voor ons niet van zoveel belang, hetgeen wel het geval is met het Militair Comité.
Het Militair Comité is het hoogste militair college van de NAVO en staat rechtstreeks onder de NAR. Het wordt gevormd door de chefs van staven van de deelnemende landen. (IJsland wordt vertegenwoordigd door een burger omdat dit land geen strijdkrachten heeft). Het comité zetelt te Washington.
Het uitvoerend orgaan van het Militair Comité is de Permanente Groep, bestaande uit vertegenwoordigers van de chefs van staven van Frankrijk, Engeland en de Verenigde Staten. De taak van de Permanente groep is het geven van strategische richtlijnen aan de verschillende NAVO-opperbevelhebbers en hun opgestelde verdedigingsplannen te coördineren.
Uit het bovenstaande blijkt dat de NA-VO meerdere opperbevelhebbers heeft. Gezien de indeling van de defensielijn is dit ook nodig. De belangrijkste voor ons is de opperbevelhebber Europa (SACEUR - Supreme Allied commander Europe). De overige opperbevelhebbers zullen we in dit artikel maar overslaan. Het hoofdkwartier van de opperbevelhebber Europa (bekend als SHAPE - Supreme Headquarters Allied Powers Europe) is gevestigd in Parijs.
Zijn bevelsorgaan bestrijkt het landgebied dat zich uitstrekt van de Noordkaap tot Noord-Afrika en van de Atlantische Oceaan tot de oostelijke grens van Turkije, uitgezonderd Engeland, Algerije en Portugal.
De huidige opperbevelhebber is de Amerikaanse generaal Lauris Norstad. Het gebied dat onder zijn leiding verdedigd dient te worden is verdeeld in 4 commando's n.1.:
a. Het Noord-Europees commando;
b. Het centraal-Europees commando;
c. Het Zuid-Europees commando;
d. Het Middellandse Zee commando.
Aangekomen bij deze commando's lijkt het mij gewenst een einde te maken met de bespreking over de indeling van de NAVO. Het meest belangrijke, althans voor ons, heb ik tot nu toe besproken.
Ter verduidelijking verwijs ik naar het nevenstaande schema, hetgeen weergeeft het in deze artikelen behandelde gedeelte.
Rest ons nu nog even te lezen in de inhoud van het verdrag zelf, waarin o.m. de voorwaarden voor de deelnemende landen staan ^omschreven. De NAVO stelt dan in dit verdrag:
Elk deelnemend land zal:
le In vredestijd een gedeelte der strijdkrachten ter beschikking stellen van de NAVO.
2e In oorlogstijd een aantal extra legereenheden ter beschikking stellen ter versterking van de on-
3e der 1 genoemde strijdkrachten. Bovendien voor eigen landsverdediging strijdkrachten hebben onder nationaal bevel.
Genoemde strijdkrachten zijn dringend nodig want, zegt men, „Waakzaamheid is de prijs van de vrijheid".
Tot slot nog enkele opmerkingen. Misschien is bij sommige lezers de gedachte opgekomen dat de NAVO uitsluitend een militair bondgenootschap is. Toch is dit niet het geval, want de deelnemende landen besloten: „de vrij-
heid, het gemeen erfdeel en de beschaving hunner volkeren veilig te stellen." Zij beweegt zich, behalve op militair gebied, dan ook op politiek, economisch, wetenschappelijk en cultureel terrein. Afzonderlijke comité's regelen deze zaken.
T.z.t. hoop ik nog eens te schrijven over cle NAVO-strijdkrachten. D.V. de volgende keer sluit ik de bespreking, waarbij ik tevens de binnengekomen vragen zal beantwoorden.
De jonge meisjesver. te Vlaardingen ging over naar het Landelijk Verband van Knapenverenigingen en de Studiever. te Rotterdam-C. naar het L.V. van J.V.'s.
Er zijn thans 49 verenigingen aangesloten met 828 leden tegen 49 in 1961 met 741 leden.
Dit verschil valt te verklaren uit genoemde mutaties maar vooral door de innerlijke groei der plaatselijke verenigingen.
Kon een vorig jaar vermeld worden hoeveel stuks goederen werden vervaardigd, nu kan dat niet worden vermeld omdat de betreffende vragen niet werden beantwoord.
Veel verenigingen delen niet meer uit aan gezinnen in eigen kring. De goederen worden verkocht en voor het geld een bepaald doel gesteund, bijv. de zending, kerkbouw, vluchtelingenhulp enz. In ieder geval worden dus de belangen van onze naasten gediend.
In okt. 1961 was er een contactmiddag, waar 86 dames vertegenwoordigd waren en waar de interne belangen der verenigingen werden besproken.
Mevr. Mijnders te Lisse hield daar een lezing: „Tot arbeid geroepen."
Velen onzer zijn naar de Landdag van het L.V. van J.V.'s geweest. Ook hebben wij nu een pagina in „Daniël", maar daaraan moeten allen zo veel mogelijk meewerken.
Aanbeveling verdient het, clat de verenigingen een abonnement op „Daniël" nemen en voorts ieder die nog geen abonné van „Daniël" is. Want voortaan komt alle nieuws van ons L.V. en verenigingen in „Daniël".
Als gasten hebben wij in ons midden de vrouwenverenigingen te Capelle aan de IJssel, Leerdam en zoals later bleek uit Gouda.
In veel plaatsen worden vrouwenverenigingen opgericht. Naar wij hopen mogen zij ervaren wat een kracht er uitgaat van de band en de samenwerking.
Het verslag van de penningmeesteresse geeft een vrij gunstig beeld van de kaspositie. Mej. Slinger noemt een saldo van ƒ 307, 11 tegen ƒ 216, 99 in het verslag van vorig jaar.
Wat de bestuursverkiezing betreft, als een bijzonderheid kan worden gemeld, clat de aftredenden, mevr. den Hertog en mej. Slinger beide met 41, dat is met alle stemmen der verenigingen, werden herkozen.
Na het afhandelen van deze huishoudelijke punten van de agenda gaat de voorzitter, ds. Rijksen over tot het uitspreken van zijn rede: „Belijdenis doen".
Deze lezing hield ds. Rijksen ook op cle jaarvergadering van het Landelijk Verband van Jongelingsverenigingen.
Dit belangrijke onderwerp is in druk verschenen en wordt door de jeugdactie Kerkbouw Gouda vandaag voor het eerst verkocht. Daarbij is opgenomen de discussie die destijds is gevolgd op die lezing.
Om die reden gaan wij in dit verslag aan elke vorm van weergave voorbij. Het boekje is voor ƒ 1, 50 te koop.
Met grote belangstelling en stille aandacht werd de lezing van ds. Rijksen aangehoord.
In de pauze is cle gelegenheid schriftelijk vragen te stellen en die op de bestuurstafel te brengen.
De morgenvergadering wordt met dankgebed gesloten door ouderling van Grol te Apeldoorn, die vooraf nog enkele verzen laat zingen uit Ps. 119.
De middagvergadering wordt geopend door de voorzitter. Gezongen wordt Ps. 118 : 1, waarna ds. Rijksen in gebed voorgaat.
Daarna worden cle talloze vragen op overduidelijke wijze beantwoord. Het gehalte van de vragen is zeer goed en getuigt van een goede aandacht tijdens cle lezing.
Na de beantwoording der vragen wordt Psalm 81 vers 4 en 12 gezongen.
Lezing door mevr. v. Heli-Hulsman
Het tweede onderwerp op deze dag, de lezing van mevr. v. Heil, heeft als titel: „Waarheid wekt vertrouwen".
Op eerlijke, maar ook op vlotte wijze toont spreekster de grote waarde aan van „waarheid" in haar onslosmakelijk verband met het begrip „vertrouwen".
Het is een kort, psychogolisch en paedagogisch getinte bijdrage, waarvan wij nu niet meer zeggen, omdat in de komende nummers van ons blad het geheel wordt afgedrukt.
Er is geen bespreking op dit onderwerp; wèl kunnen vragen hierop worden gezonden aan de secretaresse van het L.V. mevr. Hardon. Ook deze vragen zullen dan in „Daniël" worden beantwoord.
Na een korte theepauze wordt een gedicht: „Zendingsklanken", gemaakt door een lid van de vrouwenvereniging te Tricht, gezegd door mevrouw Kirpestein.
Het einde van de vergadering is nu in het zicht. Zoals gebruikelijk spreekt mej. W. den Hertog, presidente van het Landelijk Verband, het slotwoord.
Na enkele mededelingen, waarin o.a. het blad „Daniël" in cle belangstelling wordt geplaatst en het nemen van een abonnement sterk wordt aanbevolen, dankt de presidente ds. Rijksen voor het houden van zijn lezing.
Het is, aldus mej. den Hertog, zo nodig dat zulk soort onderwerpen worden behandeld.
Ook mevr. v. Heli-Hulsman wordt door haar hartelijk toegesproken i.v.m. haar gehouden lezing.
Tenslotte spreekt zij alle aanwezigen toe, haar voldoening uitsprekend over de mooie vergadering.
Welk een voorrecht zou het zijn als de Heere goedgunstig op ons zou willen neerzien en ons werk zou willen gebruiken.
Uit het leven van dhr. Wijting is bekend, dat hij altijd blij was als hij gemakkelijk gepreekt had, later begreep hij, dat het voornamer was als cle Heere het gebruiken wilde.
Dat geldt dus ook voor onze verenigingen, het is belangrijk als het goed gaat, maar belangrijker als de Heere het wil gebruiken.
En hoe groot zou nu het voorrecht wezen als wij veel op de knieën zouden komen met onze geestelijke noden.
Elke dag zijn we weer een dag dichter bij de eeuwigheid.
Gelukkig de mens die een God heeft voor tijd en eeuwigheid. L T it een geslacht, dat niet verloren gaat, maar verloren ligt, heeft Hij Zich een volk verkoren ter zaligheid.
De Heere zegene U en uw verenigingsarbeid. Hij verzoene het onze en zegene het goede wat er in geweest mag zijn op deze dag.
U, ds. Rijksen, zult wel veel mee maken in uw werk, maar de Heere geve U te zien op Hem en het alles van Hem te verwachten.
Het bestuur wil ik gaarne hartelijk bedanken voor de prettige samenwerking; het mocht bij de voortduur in waarheid zijn, dat vertrouwen wekt.
Na ook cle vereniging te Utrecht te hebben dank gezegcï voor de regeling en verzorging van zovele dingen, ook de organist en wie verder hun krachten ten beste gaven, eindigt de presidente haar slotwoord. Op haar verzoek wordt nog gezongen Ps. 103 : 7, 8 en 9.
De vergadering wordt door ds. H. Rijksen met dankgebed gesloten, nadat eerst nog werd gezongen Ps. 122 : 3.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 18 mei 1962
Daniel | 8 Pagina's