JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Christus' kerk is onuitroeibaar

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Christus' kerk is onuitroeibaar

4 minuten leestijd

Het moet ons telkens wel opvallen wanneer we uit andere landen vernemen hoe de kerksituatie daar is, hoe rustig we hier in Nederland voor ons geloof kunnen uitkomen; we gaan ongemoeid naar de kerk en we kunnen horen en lezen zoveel we maar willen van de Weg die tot het leven leidt.

We kunnen het ons haast niet indenken, dat nu nog mensen leven zoals de Germanen in ons land rondom het begin van onze jaartelling.

Neem de grootste staat van de wereld, China, met zijn 580 miljoen inwoners. Een grote storm is door dat uitgestrekte land gegaan tussen de jaren 1949—'53 en de christenen werden aan een felle vuurproef overgegeven. Vóór de kommunistische storm bedroeg het aantal christenen daar iets minder dan 1%, en hoe nu het aantal is, laat zich niet bij benadering zeggen.

Het moet de bezoekers, die de laatste jaren China mochten binnengaan, wel opvallen, dat er nu minder armoede en minder misdadigheid is dan twintig jaar geleden, maar welke prijs de christenen hebben moeten betalen voor die betere levensomstandigheden, daar kom je zo maar niet achter. Prof. Freytag heeft het land bezocht en zijn ervaringen te boek gesteld in „Kirchen im neuen Asien" (Kerken in nieuw-Azië). Uit de mond van christenen heeft deze professor deze uitspraak opgetekend: „U kunt van ons denken wat u wilt. U kunt ons voor naïef en blind houden. Slechts één ding moogt u van ons niet zeggen: dat wij onze Heere hebben verraden." En prof. Freytag komt dan tot deze gedachte, dat men als christen erkend wil zijn en dat men een ongebroken gemeenschap met christenen buiten China wil hebben.

Heel wat christenen zijn door het geweld van de kommunistische storm afgevallen en zijn weggestoven als kaf voor de wind. Geen wonder! De zending was er gebracht in de geest van het humanisme, hoofdzakelijk onder amerikaanse invloed, en hoe zou zulk een christendom weerstand kunnen bieden aan zo'n verschrikkelijke vuurproef? Deze christenen hadden weinig weerstand tegen de aanvechtingen van het kommunisme, en toch zijn er onder hen geweest, die moedig getuigenis hebben afgelegd van hun geloof. Bij hen, waar de wortel der zaak werd gevonden, is van geen afval sprake. Deze moeten met Luther getuigen: „Ik kan niet anders, God helpe mij."

En deze christenen, die staande zijn gebleven, erkennen dat zij de Bijbel thans hebben leren verstaan. Het echte goud kan de vuurproef doorstaan. Prof. Freytag schrijft dan ook: „Wat zou in het huidige China iemand, die christen wordt, anders venvachten dan Christus zelf? Er is geen politiek voordeel te behalen. Verdwenen is de vroeger zo belangrijke kans op een betere opvoeding. Integendeel. Wie christen wordt, ziet van de mogelijkheid, lid van de partij te worden, af; hij sluit zich bij een momenteel hoogstens gedulde minderheid aan."

Men kan niet zeggen, dat er in China vrijheid van godsdienst heerst, maar het christendom wordt er geduld. En het werk van Christus, door de zending in China gebracht, zal gestadig zijn voortgang hebben. Zo komt het dat de laatste jaren het aantal christenen met 10% is toegenomen in een grote stad; dat er veel volwassenen zich laten dopen, en dat onder de jongeren het veelal arbeiders en studenten zijn, die op de voorgrond treden. Aan een leken cursus van een theologische school nemen 70 jonge mensen deel, om zich gedurende drie jaren vijf avonden per week voor te bereiden om getuigen te worden van het heil dat alleen in Christus is. En die getuigendienst is heel vrijwillig, zonder enige bezoldiging!

De kerk is onuitroeibaar en blijft haar aantrekkingskracht uitoefenen. Een blijk van de overmacht van het Evangelie is wel, dat vertegenwoordigers in het parlement openlijk durven zeggen: „Wij zijn geen atheïsten. Wij geloven in God, het kruis van Christus, de opstanding, het eeuwige leven; wij bidden."

In de' dagbladen in China wordt zo'n getuigenis zonder kommentaar opgenomen! In de jaren 1936—'38 werd in het buitenland door christenen gezegd: „Wie thans in Duitsland niet in het concentratiekamp is en nog in leven verkeert, kan geen christen zijn." Zo'n oordeel mogen we niet over de chinese christenen hebben, hoewel wij wel graag zouden zien, dat ze een ander politiek systeem kregen.

Toen prof. Freytag de laatste avond met een kleine groep chinese predikanten bijeen was, zei hij, na een zeer openhartig gesprek tot hen: „Gij weet, dat in de gehele wereld voor u gebeden wordt. Wanneer ik nu thuiskom, zullen velen van mij willen horen, waar zij dan om bidden moeten als zij aan u denken. Wat moet ik dan tot hen zeggen? " Spontaan kwam toen het antwoord: „U moet bidden dat het Evangelie in China gehoord wordt."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 april 1962

Daniel | 8 Pagina's

Christus' kerk is onuitroeibaar

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 april 1962

Daniel | 8 Pagina's