JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

De aziatische kerk in een  moeilijk parket

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De aziatische kerk in een moeilijk parket

4 minuten leestijd

Het is een feit dat, na elke oorlog, de verhoudingen onder de volken een grote verandering ondergaan. We zeggen wel (en dat voornamelijk na de tweede wereldoorlog) dat de volken op drift zijn gekomen; losgeslagen dus van de ankers of boeien en zich nu gaan bewegen zoals de hoofdstroom ze voert.

Zo lange tijd is Europa het centrum geweest van de wereld, maar iemand heeft opgemerkt, dat ons werelddeel slechts een schiereiland van Azië is geworden. In deze opmerking zit geen overdrijving, als we bedenken, dat het inwonertal van Azië geschat wordt op 1255 miljoen, dat is de helft van de huidige wereldbevolking. De laatste vijftien jaren zijn een aantal staten in Azië onafhankelijk geworden, en het eigenaardige is, dat die staten niet kiezen tussen West en Oost (Amerika en Rusland), maar een eigen weg trachten te zoeken. Dat China overwegend communistisch is staat wel vast, maar we merken toch telkens, dat het niet aan de leiband van Rusland wil lopen. Deze vrije staten nu moeten, verder op de weg en ze beijveren zich om een toekomst op te bouwen zoals ze die gezien hebben van het Westen. Tot nu toe waren deze volken in betrekkelijke rust geweest, maar nu treden er hevige spanningen op, zodat er wel eens gezegd is, dat alle Aziaten tegenwoordig ontheemden zijn. Er ontstaat een westerse wereld. En nu is het wel wonderlijk te beweren, dat dit westerse denken ontstaan is door het Evangelie, maar toch is het zo. Het Evangelie heeft diepere voren getrokken in het geheel van het aziatisch volk, dan men zou durven denken. De westerse kuituur bracht niet met opzet het christendom; integendeel: de westerse kuituur die er gebracht werd was verwereldlijkt, zodat we kunnen spreken van de ontkerstende westerling, die met het Oosten in aanraking kwam. Achter die westerse leef-en denkwijze ligt het chistendom als uitgangspunt.

Nü zoekt men in deze aziatische landen een nieuwe weg om tot het voorgestelde toekomstplan te geraken. En die weg tracht men niet te vinden in het Evangelie, maar in de oude godsdiensten van Azië, en zodoende zien we een krachtige opleving van het Hinduïsme, Boeddhisme, Shintoïsme en de Islam. Ook hier komt weer uit, dat waar Christus gaat werken ook de grote Tegenspeler niet stil zit.

Wanneer we nu weten dat op de 1255 miljoen aziaten slechts 15 miljoen protestantse christenen zijn, dan moeten we ook wel zeggen, dat de christelijke kerk slechts een hutje in de komkommerhof is. Wat zijn de christenen dun gezaaid, als we bedenken, dat van die vijftien miljoen het grootste deel zich bevindt in India, Indonesië en op de Philippijnen. Deze christenen zijn op een biezondere wijze aan het Westen verbonden. Hoe zou het ook anders kunnen. Er ligt een grote breuk tussen hen en de oude aziatische godsdiensten. Zij staan op een gans ander fondament dan zij die de oude religies vasthouden. Wat staat deze kerk in een moeilijke situatie, temidden van alles wat tegen haar is. Daar komt nog bij, dat zij dikwijls wordt misverstaan door de zendingsinstanties van het Westen, omdat het Westen de biezondere problemen niet of zeer moeilijk kan aanvoelen. Deze kerken, als een kroon op het zendingswerk, zoeken zich nauw aaneen te sluiten om des te sterker weerstand te bieden aan alles wat dreigt en bekampt.

In maart 1957 kwamen de kerken van Oost-Azië te Prapat (Indonesië) bijeen om over belangrijke zaken van gedachten te wisselen. Daar sprak een afgevaardigde uit Azië o.a.: „Aziaten moeten begrijpen, dat het Westen ons tracht te begrijpen en dat het ons soms misverstaat, evenals wij in het Oosten het Westen misverstaan."

Men constateerde een groeiende bereidheid om het Evangelie te verkondigen, niet slechts en zelfs niet in de eerste plaats als uitvoering van een opdracht, als vervulling van een plicht, maar als uiting van verbondenheid aan en dankbaarheid jegens God. „Ons leven is een doorlopend „dank U" tot God. Dankbaarheid vereist getuigenis. Gods liefde opent onze monden."

Men zag de eenheid der christenen als een zaak van gemeenschappelijke verantwoordelijkheid voor de verbreiding van het Evangelie.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 9 maart 1962

Daniel | 8 Pagina's

De aziatische kerk in een  moeilijk parket

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 9 maart 1962

Daniel | 8 Pagina's