JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Voor onze militairen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Voor onze militairen

3 minuten leestijd

In de afgelopen weken kreeg ik van enkele Daniël-lezers een brief naar aanleiding van de artikelen „het Cafetariasysteem" en „De dagsluiting".

Alhoewel ik deze jongens in een persoonlijke brief reeds heb geantwoord, wil ik toch ook op deze plaats nog even terugkomen op hetgeen zij mij schreven.

Een dienstplichtige uit Schalkhaar schreef over het cafetaria-systeem:

„Bij ons gaat het als volgt. De compagnie marcheert af naar de eetzaal en nadat de sergeant van de week de compagnie heeft gemeld en het geheel nog buiten in het gelid staat, wordt er „stilte" gecommandeerd. Alle petten gaan af en een ieder krijgt gelegenheid om te bidden."

Hij vertelt verder nog dat, wanneer er buiten geen stilte kon worden gehouden dit binnen (in de eetzaal dus) gebeurt, maar dan door ieder persoonlijk. Hij schrijft dat het dan „redelijk" stil is. De brief wordt besloten met de opmerking het cafetaria „goed en hygiënischer" te vinden.

De zaak waar het om gaat is uiteraard niet de hygiëne, doch het gelegenheid geven om te bidden en danken. Bij het cafetaria-systeem kan dit niet behoorlijk worden geregeld. Dit blijkt ook wel duidelijk uit hetgeen de briefschrijver vertelt. De aldaar gevonden oplossing

mag misschien handig zijn aangepast aan de omstandigheden maar het is, naar mijn mening, een noodoplossing. Bij het oude systeem kende men deze moeilijkheden niet. Daar was het een ogenblik stil en ordelijk vóór en na het eten. Vandaar dat ik op dit belangrijke punt het oude systeem nog steeds de voorkeur geef.

Een militair uit Apeldoorn en een oudmilitair uit Middelburg schreven beiden onder meer over de geestelijke verzorging in het leger en over de dagsluiting. Uit hun brieven blijkt duidelijk dat ook zij gemerkt hebben dat er voor de geestelijke verzorging weinig belangstelling bestaat. Vooral wanneer het gaat om iets dat vrijwillig moet gebeuren (zoals bijv. de dagsluiting) moet er niet teveel op belangstelling en medewerking worden gerekend. Dit mag blijken uit hetgeen de oud-militair uit Middelburg schrijft en ik hier laat volgen.

„ïn de legerplaats Ossendrecht werd elke dag, met uitzondering van de woensdag, dagsluiting gehouden. Deze dagsluiting was wel bekend want het stond op de publikatieborden in de gebouwen aangegeven. Bovendien werd vóór de aanvang van de dagsluiting de klok geluid.

In deze legerplaats, waar toch doorgaans plm. 2500 protestantse militairen zijn gelegerd, zag je meestal niet meer dan 10 man bij de dagsluiting. Bijna altijd zag je dezelfde gezichten. Met moeite kon je af en toe eens iemand meekrijgen. De belangstelling was allerbedroevendst."

Commentaar is, dunkt mij, bij dit verhaal overbodig.

De briefschrijver uit Middelburg besluit zijn brief met het verzoek er in „Daniël" nog eens op aan te dringen de dagsluitingen toch te bezoeken, hetgeen ik hierbij graag doe.

Militair.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 23 februari 1962

Daniel | 8 Pagina's

Voor onze militairen

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 23 februari 1962

Daniel | 8 Pagina's