De techniek in vroeger tijden
Prof. Dr. A. Sizoo: „Techniek in de Oudheid". Boeketreeks 32. Uitgave van J. H. Kok N.V., Kampen, 1961. 151 blz., ing. ƒ 1.50.
De onlangs overleden oud-hoogleraar aan de Vrije Universiteit te Amsterdam Professor Sizoo is in ruimer kring vooral bekend geworden door zijn meer of minder populaire boeken over Augustinus of de Oudheid in het algemeen en door zijn vertalingen. Aan de reeks voor ruimer lezerskring bestemde werken kan er thans een worden toegevoegd. Vlak na het verscheiden van de schrijver, dus postuum, verscheen in de boeketreeks namelijk een boekje over de techniek en al wat daarmee in de Oudheid samenhangt. We bespraken nog niet lang geleden een geschriftje van Professor Sizoo uit dezelfde reeks. De goede woorden die we daaraan toen besteedden, zouden we nu hier kunnen herhalen. Ook dit boekje is biezonder aardig: Een eenvoudig boekje over een tot de verbeelding sprekend onderwerp, gestoken in een alleraardigst omslag — dat de aandacht trekt door zijn opvallend frisse kleuren — en waarvan de prijs voor niemand een bezwaar kan zijn.
Ieder die zich nooit in het biezonder in de technische prestaties van de Oudheid heeft verdiept, heeft zich toch weieens afgevraagd hoe men met de geringe middelen van toen bepaalde werken die ons thans nog imponeren, heeft tot stand gebracht. Schrijver wilde én op deze vraag én op de vragen die daarop natuurlijk volgen een voor iedereen te vatten antwoord geven. Uiteraard alleen in zover als de wetenschap ons al in staat stelt op die vragen werkelijk te antwoorden. Gelukkig is dit laatste meestal mogelijk: men heeft zich nu al ruim een halve eeuw in 't technisch kunnen van de Oudheid met verrassend resultaat verdiept. Natuurlijk moest de schrijver hier en daar een keus doen, daar „techniek" een ruim begrip is en er vele speciale onderzoekingen verricht zijn. Hij heeft deze keuze echter ruim gedaan, met het gelukkige gevolg dat zijn geschriftje daardoor uiterst levendig, want vol van variatie, is geworden. Tussen „Woord vooraf" plus „Inleiding" en „Slotwoord" is in een tiental kleine hoofdstukjes een massa aardige gegevens overzichtelijk gerangschikt. „Oudheid" heeft de schrijver hier zeer ruim genomen, niet beperkt tot de klassieke Oudheid in de zin van bij de Grieken en Romeinen. De piramiden komen ook ter sprake, evenals de obelisken. Verder treffen we hier allerlei gegevens over mijnen, wegen, bruggen, stedenaanleg, waterleidingen en nog meer aan. De techniek in dienst van 't leger krijgt een hoofdstukje, terwijl de kleine dingen uit het dagelijkse leven evenmin vergeten worden. Kortom, dit is een alleraardigst en gezellig boekje, dat men echt eens lezen moet.
Evenals bij vorige geschriften was het de bedoeling van de schrijver over een en ander ongedwongen te vertellen, wat ook inderdaad gelukt is. Weer heeft hij zich vele uitstapjes veroorloofd, maar in een populair geschrift misstaat dat niet, is het veeleer als een verdienste te beschouwen. Aardig is ook dat er telkens op gewezen wordt dat vele dingen die getuigen van het technisch kunnen in de Oudheid thans nog evenzeer als toen hun dienst verrichten, b.v. een bepaalde tunnel of een. brug. Waar nodig maakt een tekening dat wat beschreven wordt nog extra duidelijk. Het boek is bovendien geïllustreerd met enkele — niet altijd even scherpe — foto's.
Opnieuw blijkt dat Professor Sizoo met de nieuwste spellingvoorschriften zich niet meer heeft vertrouwd gemaakt. Zo schrijft hij konsekwent in plaats van piramide „pyramide". Minder konsekwent is hij waar het „reliëf" betreft. In het begin toch vinden we het nu verouderde „relief", maar tegen 't einde treffen we doorlopend de thans voorgeschreven vorm „reliëf" aan. Zo zouden we nog wel wat kunnen noemen. We doen dat echter niet. Het zijn maar kleine ongerechtigheden, deze taaifoutjes. Wie de bekende populaire boeken van Professor Sizoo die tevoren zijn verschenen met genoegen heeft gelezen, zal van deze kleine stoornissen niet zoveel hinder hebben dat hij minder van dit nieuwe boek geniet. En wie Professor Sizoo's andere geschriften nog niet las, moet zich door deze bijna vitterige aanmerkingen niet weerhouden laten om dit boekje wèl te lezen. Het is een aardig boekje, dus het lezen waard.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 26 januari 1962
Daniel | 8 Pagina's