Ris hef getij verloopt .....
Uit verschillende brieven blijkt me, dat sommigen mijn artikelen tè moeilijk vinden. Ik ben u zeer dankbaar voor deze opbouwende kritiek en ik hoop in de toekomst hierin veranderingen aan te brengen.
Verschillende lezers en lezeressen hebben me weer vragen voorgelegd. De beantwoording hiervan volgt in dit en het komende artikel.
Dhr. O. M. schrijft me n.a.v. de artikelen over de verstedelijking van het platteland o.a. het volgende: „Het dorp, waarin ik woon, heeft na de 2e W.O. een tweede dorpskern gekregen, die hoofdzakelijk gevormd wordt door industriearbeiders. Deze verschilt van de oude kern vooral in geloof (vrijzinnig), wereldbeschouwing en levensstijl. De, in de oude kern aanwezige, Ger. Gem. heeft in de afgelopen jaren getracht de bestaande tradities te bewaren (niet op de fiets tiaar de kerk, „gescheiden' catechisaties enz.). Terwijl men vooral de nadruk legde op een wettische vormendienst in de trant van „gebod op gebod, regel op regel". Daardoor kweekte men een groep die alles maar voetstoots aannam en daartegenover één die zich „afslóot" van alles wat vanuit hun eigen kring als noodzakelijk werd voorgeschreven, en daardoor werd overgegeven aan vereenzaming en vertwijfeling. M.a.iv. deze groep werd niet opgevangen„ omdat men meende dat het met die gtoep wel losliep, omdat men zelfs het ontstaan van problemen ontkende (en blijft ontkennen!)
Zo zijn b.v. verenigingen in het algemeen uit den boze en pogingen om hierin enige veranderingen aan te brengen zijn afgestuit (oprichting jeugdvereniging, zondagsschool etc.) Is het niet mogelijk dat u enkele richtlijnen geeft, waardoor dit probleem zou kunnen worden opgelost? "
In het algemeen bestaat er op 't platteland minder behoefte aan een vereniging dan in de stad. Immers: men kent elkaar toch al, ontmoet elkaar reeds voortdurend en waarom dan nog eens een vereniging gaan oprichten?
Dit geldt vooral de ouderen. De jongeren, die met vragen zitten (waarop zij thuis enz. geen antwoord krijgen) verlangen vaak hartstochtelijk naar een gesprek, een ontmoeting met leeftijdsgenoten, clie ook met die vragen zitten. En waarom dan niet hiervoor een speciale vereniging oprichten?
Vele ouderen in onze kring zijn zelf nooit lid geweest van een J.V. of M.V. Daarom alléén al, staan zij er ietwat huiverig tegenover. Sommigen vrezen dat zij, door de oprichting van een J.V., hun greep op de jeugd verliezen. Weer anderen zien de J.V. vaak als broeinest van ketterijen, „ouderlingenfabriek", mensen, die de Waarheid verstandelijk proberen te beredeneren" enz. enz.
Nu de vraag: hoe moet deze kloof tussen jong en oud overbrugd worden?
Wel, de ouderen zullen (met hun begrijpelijke bezwaren) moeten proberen zichzelf te verplaatsen in de situatie van de jongeren. De problemen van de jongeren zijn vaak veel en veel ingrijpender dan de ouderen zich maar kunnen voorstellen. En men is er niet mee klaar met dan te zeggen: „Op die vragen moeten de ouders, de dominé enz. dan maar een antwoord geven". Immers: vele ouders staan door ontwikkeling en werkkring mijlenver van hun kinderen af en kunnen zichzelf dan ook uitermate moeilijk de problemen van hun kinderen indenken. En wat is er dan mooier dan dat de jongeren der Gemeente onder goede leiding gezamenlijk het hoofd buigen over het Woord om daarin het Antwoord te zoeken? Als elk mensenwerk, is dit alles met zonde bevlekt maar.. .. het Woord van God is levend en krachtig en scherpsnijdender dan enig tweesnijdend scherp zwaard! De vorming, die men ontvangt tot zijn 25e jaar, is beslissend voor het verdere leven. Daarom heeft het jeugdwerk, hoe onbeholpen en gebrekkig vaak, het gebed en de liefdevolle aandacht der ouderen meer dan ooit nodig. De beste stuurlui staan nog altijd aan wal, en aan hen de vraag: wat denkt u te doen met de jongeren der Gemeente (uw jongeren!), die hun vrije tijd verdoen met straatslenteren, rondhangen in automatieken, kijken naar zwoele films (Rotterdam, Bergen op Zoom)? ?
Een te grote nadruk op allerlei geboden en verboden, kan de indruk wekken dat het christendom uitsluitend een soort moraal, een geheel van leefregels is. Het behoort echter véél meer te zijn. Het moet bezield zijn en worden door de Geest van Hem, Die allereerst gekomen is om de zonde der wereld weg te nemen. Wanneer allerlei kerkelijke leefregels niet ademen in Zijn Geest, dan worden ze tot een last, een juk te zwaar om te dragen. Dan vallen de verdedigers daarvan onder het zeer felle oordeel: „Wee u, gij wet-geleerden, want gij hebt de sleutel der kennis (Jezus Christus) weggenomen; gijzelf zijt niet ingegaan, en die ingingen, hebt gij verhinderd".
Het is het oordeel van Hem, Die ervan beschuldigd werd dat Hij at en dronk met zondaren! Altijd weer is er in ons het diepgewortelde verlangen om onszelf met Hem te verzoenen, b.v. door een braaf-burgerlijk en fatsoenlijk leven.
Maar Zijn Boodschap aan uw en mijn adres luidt: En al deze dingen zijn uit God, die ons met Zichzelf verzoend heeft door Jezus Christus. Laat u met God verzoenen!" Als deze blijde Boodschap in ons leven inslaat en de H. Geest ons hierdoor vernieuwt, dan ontstaan er werken der.... dankbaarheid. Voorts: al wat uit het geloof niet is, dat is zonde!! Tenslotte: „En ieder die de Naam van Christus noemt, sta af van ongerechtigheid".
In een volgend artikel hoop ik enkele andere lezers te beantwoorden, die verschillende zeer belangrijke vragen gesteld hebben. Uit verschillende brieven heb ik kunnen opmaken, dat men de inhoud van deze artikelen probeert te betrekken op het dagelijkse leven, op zijn persoonlijke leven. En inderdaad, het gaat mij er niet om aan u verschillende wetenswaardigheden door te geven. Maar om u ervan te doordringen, dat de samenleving verandert èn dat het Woord van God ons ook hier niet in de steek laat.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 januari 1962
Daniel | 8 Pagina's