JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Een liefdesnodiging  des Heeren

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Een liefdesnodiging des Heeren

4 minuten leestijd

„Zie, Ik sta aan de deur en Ik klop". (Openbaring 3 : 20a.)

De liefdesuitnodiging, waarover onze tel's* spreek 1 ", J s gericht to* dp gemeente van Laodieea.

Laodicea was een stad in Phrygië in Klein Azië. Door de vruchtbaarheid van de bodem en de rijkdom aan kudden met zeer kostbare wol had zij zich tot een bloeiende handelsplaats verheven.

In cle gemeente daar ter plaatse was het echter zeer droevig gesteld. Zeker, uitwendig ging alles goed. Geen benauwing van de zijde der wereld viel haar ten deel, maar juist tegenovergesteld stond zij bij de wereld in aanzien. Ook was er in de gemeente veel rijkdom. Maar al ging uiterlijk alles nog zo goed, innerlijk verkeerde ze echter in een droevige staat.

Deze gemeente miste eigenlijk alles, wat voor de kerk des Heeren nodig is om in de ware bruidsgestalte te verkeren. Zij miste daartoe alles, juist omdat ze meende niets te missen, maar rijk en verrijkt was.

Mede afgevoerd door de weelde en de rijkdom, waarin cle stad Laodicea zich baadde, leefde dat volk daar in dodelijke rust en zelfgenoegzaamheid voort.

En tot die gemeente, die zo ver van haar plaats was, klinkt nu met kracht het woord van onze tekst: „Zie, Ik sta aan de deur en Ik klop."

Wie is cle „IK", lezers, die in onze tekst spreekt? We lezen het in vers 14: „Dit zegt de Amen, de trouwe en waarachtige Getuige, het Begin der Schepping Gods". Het is Christus Die hier de Amen wordt genoemd. Het woord „Amen" wijst op vastheid, onveranderlijkheid, zekerheid en zo wordt Christus hier de Amen genoemd. In Hem toch ligt de eeuwige vastheid en zekerheid voor de kerk des Heeren. Ja, in Hem, Die de Amen is, zijn alle beloften Gods ja en amen, Code tot heerlijkheid.

En Hij nu, Die cle Amen is, de trouwe en waarachtige Getuige, het Begin der Schepping Gods, Hij nu zegt in onze tekst: „Zie, Ik sta aan de deur en Ik klop". Hij klopte aan cle gesloten hartedeur van de Laodicenzen, maar Hij klopt ook aan cle deur van ons aller hart. Welk een nederbuigende goedheid! De Bomeinen achtten het beneden hun waardigheid om, wanneer zij ergens op bezoek gingen, de klopper op de deur te laten vallen en te moeten wachten tot de deur openging. Daarom lag er bij de deur een slaaf, die, zodra de bezoeker aankwam, de deur opende zodat de bezoeker niet eerst behoefde te kloppen en niet voor een gesloten deur behoefde te wachten.

Maar zie nu het wonder. Hij, Die de Amen is. Hij acht Zich niet te hoog om te kloppen aan de hartedeur van zondaren, van hellewichten, vragend om binnengelaten te worden.

Als vanuit Zijn majesteitelijke troon buigt Hij Zich neder om te kloppen aan het hart van verloren en doemwaardige zondaren.

Het blijft ook niet bij kloppen alleen. Jezus verheft immers ook Zijn stem, want Hij zegt uitdrukkelijk daarop: „indien iemand Mijn sïtem zal horen."

Het is dus niet een werkeloos staan aan de deur van Laodicea. Niet een lijdelijk afwachten, maar Hij klopt. En al kloppende verheft Hij Zijn stem bovendien, zoals iemand doet, die alarm maakt, die de slapenden wil wekken bij dreigend

gevaar. Wij verkeren immers in een dreigend gevaar, want ieder ogenblik kunnen nen wij wegzinken in de eeuwige dood. Daarom klinkt de roepstem: „Ontwaakt, gij die slaapt en staat op uit de doden, en Christus zal over U lichten." „Waarom weegt gij geld uit voor hetgeen geen brood is? " „Wij bidden U van Christus wege: Laat U met God verzoenen".

Christus klopt aan de deur van ieder mensenkind, dat onder het Woord leeft.

De uitwendige roeping komt immers tot allen.

Ook bij de voortgang klopt Hij aan de gesloten hartedeur van Zijn volk. Dat volk kan immers zover van Zijn plaats raken. Zij hebben soms hun eerste liefde verlaten en moeten inleven, dat ze tot hinken en tot zinken ieder ogenblik gereed zijn.

Lezers, hebt gij de klop op Uw hartedeur vernomen? Als ge er geen acht op slaat, als het door genade niet komt tot een openen van de deur, hoe zult ge dan ontvlieden?

De volgende keer hopen we na te gaan door welke middelen Christus klopt en roept.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 januari 1962

Daniel | 8 Pagina's

Een liefdesnodiging  des Heeren

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 januari 1962

Daniel | 8 Pagina's