JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Het Deltagebied

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Het Deltagebied

4 minuten leestijd

Niveauverlies van de kerkelijke Gemeente

In menig dorp in het Deltagebied is de kerkelijke Gemeente stevig verankerd in het dorpsleven. Soms vallen dorp en Gemeente samen, doorgaans heeft de kerkelijke verdeeldheid de dorpsgemeenschap a.h.w. opgesplitst. Ondanks deze opsplitsing staat de Gemeente hier dichter bij de enkele mens, dan in de stad. De meeste Gemeenteleden ontmoeten elkaar ook door de week, hetgeen in de stad meer uitzondering dan regel is. Men is doorgaans vrij goed ingelicht over eikaars doen en laten, be-of veroordeelt dit, praat er over etc.

Door deze situatie, deze sociale controle, blijven vaak veel mensen met het Gemeentelijke leven meedoen. Men huivert voor een breken met de Gemeente uit vrees voor eventuele critiek, die in bepaalde daden kan omgezet worden.

Vestigen zich in het dorp echter veel vreemde mensen — door recreatie, industrialisatie etc. — behorend tot andere kerken of tot geen enkele kerk, dan

gaat deze situatie vaak veranderen. Het behoren tot de Gemeente verliest dan veel van zijn vanzelfsprekendheid, de onderlinge beoordeling en critiek verminderen en langzamerhand ontstaat er ruimte voor. ... afval. Dit niveauverlies kan in menige Gemeente bepaalde bevroren verhoudingen op een harde wijze zuiveren en ontdooien. Een opvallende sleurkerkelijkheid houdt geen stand in deze situatie. Trouwens: de werfkracht van de Gemeente wordt door de randen sleurleden meer gefnuikt dan bevorderd.

Niettemin is het pertinent onjuist over deze leden, met name wanneer ze afvallen, hooghartig de staf te breken. De HEERE onze God heeft zich met hen willen bemoeien door hen in Zijn Naam te laten onderdompelen (dopen) en hen Zijn Woord te laten horen. Zouden wij ons dan niet met hen bemoeien, hen zo maar loslaten en hen met een blij gezicht laten gaan? De Gemeente is toch niet een vereniging?

Wanneer de Gemeente niet langer alléén uit landbouwers en middenstandders, maar ook uit kantoorpersoneel, industriearbeiders etc. zal bestaan, betekent dit dat men rekening zal moeten gaan houden met de mentaliteit en het werkmilieu van deze laatste groepen.

Bijvoorbeeld: een landbouwer, die de gehele week buiten werkt, heeft er (begrijpelijk) echt geen behoefte aan om 's zondags een „frisse neus te halen." Dit is echter anders met hen, die door hun werk de gehele week practisch binnen moeten zitten. Uiteraard kunnen ontsporingen optreden; het misbruik heft echter het gebruik niet op.

Functieverlies van de kerkelijke verenigingen

In veel woongemeenschappen zijn bijna alle verenigingen van kerkelijke aard. Door de vestiging van nieuwe mensen of doordat men zijn behoeften aan gezelligheid op andere wijze gaat vervullen, ontstaan andere niet-kerkelijke verenigingen. De kerkelijke verenigingen hebben moeite om hun gezelligheidsfunctie te handhaven. De enkele mens komt door deze ontwikkeling in een krachtenveld van met elkaar concurrerende verenigingen te staan, die alle een beroep op hem doen! Dit geldt met name voor cle jonge mens.

Is er in de Gemeente geen enkele vereniging, dan zullen vele jongeren hun geestelijke verzorging opdoen in deze niet-kerkelijke verenigingen of van alle vorming verstoken blijven. En dit met alle consequenties van dien! Kent de Gemeente echter wel verenigingen, dan komen die door deze ontwikke-

Ling in een concurrentiepositie met andere verenigingen te verkeren, die vaak meer gezelligheid, meer ruimte voor het uiten van de persoonlijke mening (zeggen te) reserveren en bieden. Tengevolge van deze situatie is in de Ger. Kerken slechts 35% der jongeren lid van een jeugdvereniging. Onder ons is dit misschien iets gunstiger; echter véél gunstiger?

Het is m.i. van grote betekenis, dat alle verenigingen in het Deltagebied èn daarbuiten zich op deze situatie gaan bezinnen en nagaan waarin zij mogelijk tekortschieten, en hoe dit eventueel verholpen kan worden. Dit is absoluut noodzakelijk, wil men aan de jongeren de ruimte kunnen bieden om op verantwoorde wijze die geestelijk-zedelijke vorming te ontvangen die uniek is in haar soort en die voor menig mens een levensbetekenis heeft verkregen.

Vorming van discussiegroepen, behandeling van — bij de leden — levende probleven, vorming van Bijbelkringen etc. etc. zijn middelen om het gestelde doel op betere wijze te kunnen bereiken. Veel verenigingswerk kenmerkt zich, vaak onwillekeurig, door een intellectualistische aanpak. De Gemeente heeft in deze tijd echter niet zozeer behoefte aan amateur-theologen, dogmatici etc. maar aan jonge mensen, die de problemen van hun tijd en van hun hart kennen en die daarop een Bijbels antwoord weten te geven.

Slotopmerkingen

In een drietal artikelen heb ik enkele gevolgen van sociaal-culturele aard verbonden aan het Deltaplan etc. weergegeven. Ik heb dit slechts summier kunnen doen, gezien de plaatsruimte èn de ingewikkeldheid van deze problematiek, die meer op wetenschappelijk vlak ligt. Tenslotte wil ik u erop attenderen, dat u te allen tijde over deze artikelen met mij van gedachten kunt wisselen via de Administratie.

In een volgend artikel hoop ik in te gaan op „het gezin in een veranderende samenleving".

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 december 1961

Daniel | 8 Pagina's

Het Deltagebied

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 december 1961

Daniel | 8 Pagina's