Het Deltagebied
Vermindering van ruimtelijke afstanden
Door de volvoering van de, in het voorgaande artikel, genoemde plannen komen de Zeeuwse en Zuidhollandse eilanden en Westbrabant dichter bij elkaar en ook bij de randstad Holland te liggen.
Bijvoorbeeld: een boer uit Dinteloord, die in het bezit is van een auto, kan straks binnen 3 kwartier in Rotterdam in de kerk zitten en de Beneluxtrein brengt dadelijk een arbeider uit Bergen op Zoom binnen dezelfde tijd naar de havens in Antwerpen.
De ruimtelijke afstand tussen plaatsen, provincies en landen wordt in deze tijd steeds meer van geringere betekenis. Dit betekent dat ons wereldbeeld verandert en moet veranderen. Wat eens ver weg leek te liggen, blijkt plotseling vlakbij te zijn. Dit „vlakbij", het vreemde, vervult ons enerzijds met huiver en onbestemde angstgevoelens, anderzijds trekt het ons aan en boeit het ons.
Vermindering van de beslotenheid
Door de vermindering van de afstand, zal menige streek opgenomen worden in de „wijdere wereld". Het is bekend, dat de randstad Holland worstelt met een ernstig tekort aan geschikte recreatieruimte. Dit tekort is nog vergroot door de invoering van de vijfdaagse werkweek.
Welnu, door het Deltaplan etc. kan dit tekort verminderd worden. Het Veerse Meer zal voor watersport gebruikt worden; jachthavens te Wolphaartsdijk of Kortgene; aanleg van kampeer-en picnicplaatsen, bungalowkampen op Goeree—Overflakkee etc. Deze recreatiecentra zijn eveneens belangrijk voor Vlaanderen, en de industriecentra in Noordfrankrijk en het Ruhrgebied. Naast dagrecreatie, zullen vooral de weekend-en vacantierecreatie in het Deltagebied een belangrijke plaats gaan innemen.
Aan de middenstand geeft deze ontwikkeling vele begeerde mogelijkheden. Het is belangrijk, dat men zich niet uitsluitend laat leiden door „zaken zijn zaken" en terwille van vermeerderde omzet enkele Christelijke levensbeginselen overboord zet.
Daar de industriebevolking o.a., gezien haar vaak monotone arbeid, absoluut behoefte heeft aan recreatie zijn we er niet mee klaar deze, als zodanig, te veroordelen. Het is echter stellig onjuist om de dag des HEEREN te besteden als een gewone vacantiedag, ook al heeft men vacan tie.
Het ligt voor de hand dat Zijn dag, de feestdag bij uitstek!, door velen in de recreatiecentra en daarbuiten misbruikt en ontheiligd zal worden. Immers: in Rotterdam is de onkerkelijkheid van 1930—'47 toegenomen met 41, 5%! Daarom is het de taak van de Gemeenteleden, wonend in de omgeving van deze recreatiecentra, de mensen in deze centra op de dag des HEEREN op te zoeken en met hen te spreken over Zijn Woord en Dienst. „Ga uit in de wegen en heggen, en dwing ze in te komen, opdat mijn huis vol worde." Oud èn jong worden tot deze dienst aan God en de naaste geroepen.
De kerkelijke Gemeenten in het Deltagebied zullen zich op deze taak moeten gaan bezinnen. Ook op de vereniging kan hierover gesproken worden. Mits het maar niet bij bezinning en gesprek blijft! En „wie wijsheid ontbreekt, dat hij ze van God begere, die mildelijk geeft en niet verwijt".
Een eigen levensstijl
Het is een bekend feit, dat bijna elk mens zich tijdens zijn vacantie in een vreemde omgeving anders gedraagt dan in de vertrouwde omgeving, die zijn doen en laten nauwlettend volgt, beoordeelt en critiseert. Het zgn. „stoom afblazen", de zgn. ventielzeden van de vacantiegast in de vreemde omgeving kunnen menigmaal de toets van de Verbondswet niet doorstaan.
Wij, als leden van een Gemeente van Christus, moeten een eigen levensstijl vertonen en handhaven, ook in ons contact met de vacantiegasten opdat zij door onze wandel voor Christus gewonnen mogen worden. Hooghartigheid óf meedoen moeten ons vreemd zijn, worden en blijven. Reeds nu is het zo, dat vele recreatiecentra een merkwaardige aantrekkingskracht uitoefenen op jongeren (en ouderen? )
Op het tamelijk orthodoxe eiland Goeree—Overflakkee nemen vele jongeren deel aan de geneugten van het strandleven. „In het zomerseizoen oefent Ouddorp een sterke aantrekkingskracht uit op de jongeren uit Middelharnis, Dirks-
land en tal van andere dorpen. Met vrije dagen komen zij er hun tentje op het v.v.v.-terrein opslaan en des zondagsavonds is het een gedrang van je welste in en rond hotel Duinzicht, al waar men zich met geestdrift aan de danskunst wijdt" 1 ) En dit is slechts één voorbeeld!
„De Gemeente is Gods visitekaartje in deze wereld" (Spurgeon). Deze jongeren bekladden dit door een dergelijk gedrag. Uiteraard heeft de jeugd behoefte aan ontspanning. Het gaat er echter om, dat gezin, kerkelijke vereniging etc. zó aantrekkelijk voor hen zijn of worden, dat zij geen enkel redelijk excuus meer kunnen bedenken als zij zich misdragen. Is dit nu zo?
Prof. dr. R. Schippers constateert terecht: „Trouwens het hele verenigingsleven in de dorpen is in vele gevallen te eenzijdig ingesteld op de jeugd, die in het dorp blijft. Het wil soms niet eens door laten komen, dat er een kerkelijk en maatschappelijk leven is met een ander levenspatroon dan dat van het eigen dorp en eigen omgeving. Wanneer er gesproken wordt over kerk, staat en maatschappij gaat men eenvoudig statisch uit van wat men in eigen levenskring daarvan meemaakte" 2 ).
Laat men met bovenstaande professorale opmerkingen in het Deltagebied èn daarbuiten zijn winst doen! Nog is het daarvoor niet té laat! Utrecht.
) „Goeree—Overflakkee; het vertekende eiland" 1960; publicatie v.h. Sociol. Instituut der Ned. Herv. Kerk.
) „De industrialisatie en ons volk" prof. dr. R. Schippers e.a.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 december 1961
Daniel | 8 Pagina's