JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Crematie

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Crematie

6 minuten leestijd

RONDKIJK

De crematie of Lijkverbranding neemt in ons land band over hand toe. Lijkverbranding in ons land dateert vanaf 1914, toen het eerste crematorium te Westerveld bij Haarlem in gebruik kwam. Sindsdien hebben in de verbrandingsovens te Velzen en Dieren reeds 120.000 verassingen plaats gehad. Nu het college van B. en W. de gemeenteraad van Rotterdam hebben voorgesteld H.M. de Koningin te adviseren, aan de Crematorium-vereniging Nederland verlof te verlenen dat ook in de Maasstad een crematorium wordt opgericht, dacht uw Rondkijker het goed, op de lijkverbranding eens wat dieper in te gaan.

Tegen de oprichting van een crematorium te Rotterdam zijn van diverse kerkelijke en politieke instanties bezwaren ingebracht, óók uit gemeenten van de omgeving. In een verslag hiervan lazen we dat deze bezwaren afkomstig zijn van een groep, die slechts een klein gedeelte van de bevolking uitmaakt. Het college is derhalve van oordeel, dat van „overheersende bezwaren" in de zin der wet niet gesproken kan worden. Ze worden dus niet geteld en het staat vrijwel vast, dat ook in deze stad een crematorium zal komen. Wel zo ver mogelijk van de bebouwing en op een zo onopvallend mogelijke plaats, opdat de gevoelens van de tegenstanders zo weinig mogelijk worden gekwetst.

Overgens is de Crematoriumvereniging Nederland voornemens gebruik te maken van de nieuwste verbrandingsinstallaties met toebehoren, waardoor wordt gegarandeerd dat slechts reukloze gassen zullen vrij komen. Op het terrein zal gelegenheid worden geschapen voor het bijzetten van asbussen en verstrooien van asresten

Het vraagstuk van de lijkverbranding is ook op de onlangs gehouden Generale Synode van de Gereformeerde kerken ter sprake geweest, waar gesproken is over het al of niet geoorloofde daarvan. Met stomme verwondering hebben wij gelezen, dat de synode uitsprak dat geen bijbelse motieven zijn aan te voeren om crematie te veroordelen. Men was wel niet eensgevoelend op dit punt — uit de discussie bleek dat de meningen verdeeld waren. Een van de motieven (van de voorstanders die het gebruik vrij wilden laten) was, dat in andere landen de crematie onder christenen een normaal gebruik is en een ander argumenteerde dat crematie geen gewelddadig aantasten van het lichaam door het vuur zou zijn, omdat in het graf het lichaam ook verbrandt, al verloopt dit proces dan wat langzamer.

Wij zeiden hierboven, dat wij ons over de uitspraken van deze Gereformeerde theologen zeer hebben verbaasd. Het moet voor ons toch geen maatstaf zijn, wat christenen(? ) in andere landen doen, we hebben ons toch te conformeren aan het voorbeeld der Heilige Schrift, die wel terdege spreekt dat onze doden zullen worden „begraven" en niet moeten worden „verbrand". Reeds in Genesis 3:19 wordt gezegd, dat de mens tot de aarde zal wederkeren, dewijl hij daaruit genomen is! Ons lichaam is er niet voor de vernietiging, maar voor de bewaring ten opstanding. De Heere Jezus Christus is daarvan het grote voorbeeld: die geleden heeft onder Pontius Pilatus, is gekruisigd, gestorven en begraven ten derden dage wederom opgestaan van de doden". En, zoals het lichaam van Christus bij zijn opstanding vernieuwd en verheerlijkt werd, zo is de weg Gods met de lichamen van al de heiligen. Paulus zegt er van in Fil. 3:21: Die ons vernederd lichaam veranderen zal, opdat het gelijkvormig worde aan Zijn heerlijk lichaam". Het is dus het concrete, aanwijsbare lichaam dat veranderd en verheerlijkt wordt. Hier wordt dus van een reëele samenhang gesproken tussen ons lichaam van nu en van straks en het is tegen de Heilige Schrift om het facultatief te stellen m.a.w. dat de keuze vrij blijft of men zich laat begraven of verbranden. Crematie is wezenlijk vreemd aan het christelijk levensbesef. Het is heidens. Uit de kerkgeschiedenis kunnen we weten, dat de heidenen wisten dat de meest kwetsende manier om de christenen te doden was, hen met vuur te verbranden. Hier zit de opzet achter van een totale vernietiging. Het concilie van Constanz, dat in 1415 de leer en de persoon van Wicklif veroordeelde (31 jaar na zijn dood) gaf bevel zijn gebeente op te graven, te verbranden en te verstrooien. Polycarpus, die in het midden van de 2e eeuw weigerde zijn Heiland, die hij 86 jaar gediend had af te zweren, moest de brandstapel beklimmen — zijn gebeente dat overbleef, werd echter met grote eerbied door de christenen begraven. Nu rust de zekerheid van de

Nu rust de zekerheid van de opstanding in de kracht Gods en in de overwinning van Jezus Christus, die dood en graf heeft teniet gedaan. De stofdeeltjes (door verbranding) zullen in de grote dag der opstanding evengoed bij elkaar komen als elk been tot zijn been. Daarom vreesden de martelaren in dit geloof de vuurdood niet. De opstanding is niet afhankelijk van wat er met het lichaam is geschiedt al denken de ongodisten dit wel — dit zal geschieden door de eeuwige kracht Gods, zoals Paulus zegt „naar de werking waardoor Hij ook alle dingen Zichzelven kan onderwerpen." Het maakt echter een groot verschil of wij slachtoffers of zelf schuldig zijn aan verbranding. In de moderne oorlogvoering is radikale vernietiging van onze lichamen mogelijk. Het gaat om de verantwoordelijkheid van ons lichaam; in bovengenoemd geval wordt het ons van buitenaf — zoals ook bij de martelaren — aangedaan, bij de crematie bewerken we de verbranding zelf.

Wanneer men in een lichamelijke opstanding gelooft, zal men die verantwoordelijkheid over zijn lichaam toch ten volle moeten beseffen. Dan gaat het om de reëele samenhang van het lichaam van nu en van straks. Er is samenhang tussen oud en nieuw. In het visioen over het herstel van Israël in Ezechiël 37:1-14 wordt een duidelijke voorstelling gegeven van de lichamelijke opstanding; de profeet spreekt tot het dode gebeente — er komt beweging in — elk been kwam tot zijn been en zo vormde zich opnieuw een lichaam.

Daarna kwam de geest er in en de doden werden levend. En in het nieuwe testament wordt als beeld gebruikt de graankorrel, die in de aarde valt en sterft, en een nieuw lichaam ontvangt: et lichaam wordt gezaaid in verderfelijkheid het wordt opgewekt in onverderfelijkheid. Het wordt gezaaid in oneer, het wordt opgewekt in heerlijkheid; het wordt gezaaid in zwakheid, het wordt opgewekt in kracht. Een natuurlijk lichaam wordt er gezaaid een geestelijk lichaam wordt er opgewekt. (1 Cor. 15:42-44).

Er is met ons lichaam een onbegrijpelijk geheim, dat het in „de dag der dagen" door de kracht Gods zal worden opgewekt. Zullen wij dan dit geheim Gods schenden door onze lichamen te laten verbranden, de as in urnen bewaren of de asresten verstrooien?

Lijkverbranding was bij de Israëlieten de grootste straf die men denken kon; lees maar Leviticus 20:14, 21:9 en Jozua 7:15. In het Nieuwe Testament is vuur de uitbeelding van de helse straf (Marcus 9:48) „waar hun worm niet sterft en het vuur niet uitgeblust wordt." Lijkverbranding zou men dus het symbool van het eeuwige lijden, van eeuwige oordeel kunnen noemen.

RONDKIJKER

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 oktober 1961

Daniel | 8 Pagina's

Crematie

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 oktober 1961

Daniel | 8 Pagina's