Meditatie
„Toen zeide Jezus tot hen: ij zult allen aan Mij geërgerd worden in deze nacht; want er is geschreven: k zal de Herder slaan en de schapen der kudde zullen verstrooid worden. Maar nadat lk zal opgestaan zijn, zal Ik u voorgaan naar Galilea" (Matth. 26 : 31, 32)
Op de weg van de Paaszaal naar de Olijvenhof sprak Christus tot Zijn discipelen: „Gij zult allen aan Mij geërgerd worden in deze nacht."
Het woord, dat hier voor „ergeren" gebruikt wordt, doet ons denken aan een struikelblok.
Aan een struikelblok op de weg stoten wij ons en we vallen er over. En nu zal Jezus dus voor Zijn discipelen een struikelblok worden, een ergenis, een aanstoot. De discipelen zullen over Jezus struikelen.
De discipelen immers verstonden nog zo weinig van de noodzakelijkheid van het borgtochtelijk lijden en sterven van Christus. Zij wisten wel dat met de Heere Jezus hun levensgeluk en zaligheid verbonden was, in Zijn gemeenschap was het hun zoet, maar dat Hij als Priester Zichzelf Gode onstraffelijk moest offeren tot een rantsoen voor de zonde, daar was hun oog nog zo gesloten voor.
En daarom zouden ze in deze nacht over Hem struikelen, zouden ze zich aan Hem ergeren.
Want in deze nacht zal Jezus gebonden worden en dan zal het schijnen, of Hem de macht ontbreekt om de boeien te verbreken. Valse beschuldigingen zullen tegen Ilem ingebracht worden en dan zal in Zijn mond geen tcgenrede zijn. Hij zal aan het kruis genageld worden en dan zal het lijken, of Hij Zichzelf daarvan niet kan verlossen.
Jezus zal sterven en dat juist op het ogenblik, waarop Zijn discipelen meenden, dat Hij het koninkrijk in Israël zou oprichten en de troon van David beklimmen om het volk weer tot oude glorie en welvaart te brengen.
Zie lezers, omdat ze dit alles niet kunnen verklaren, omdat dit alleen hun zo diep tegenvalt in de Heere Jezus en ze zich in Hem teleurgesteld voelen, daarom zullen ze over Hem struikelen en zich aan Hem ergeren.
De Emmaüsgangers zullen straks diep teleurgesteld zeggen: „En wij hadden gehoopt, dat Deze het was, Die Israël verlossen zou". O, de discipelen staan voor een raadsel; moet het nu zo laag aflopen met de Heere Jezus? Daar ergeren ze zich aan.
Toen Jezus geslagen werd, toen Hij Zich in een gedaante vertoonde, die zij niet hadden verwacht, zie, toen schaamden ze zich schapen te zijn van zo'n geslagen Herder. Toen zijn ze weggegaan en hebben Hem verlaten.
Lezers, die ergernis des kruises is ons geen van allen vreemd. Immers, de diepe kruisweg van Jezus predikt onze diepe val en ellendestaat.
Omdat wij zo diep gevallen zijn, daarom moest fezus Zich zo diep vernederen. En daar willen wij van nature nu niet aan, dat we zo diep ongelukkig geworden zijn en machteloos gebonden in onze verlorenheid neerliggen en daarom ergeren wij ons aan Jezus' diepe vernedering, omdat die vernedering ons herinnert aan onze diepe ellendestaat.
Ja, die ergernis kennen al Gods kinderen.
Wat is het een zalige tijd, clie tijd deieerste liefde, als cle Heere hun naar het hart spreekt en hun ziel verblijdt met zalige tegenwoordigheid; als ze evenals de discipelen in die jaren van Jezus' omwandeling Hem mogen volgen als een goeddoende Meester en het cle keus van hun hart is, zich aan Hem te verpanden, waar in Zijn gemeenschap het hun ziel zalig is. Maar wat kennen we clan als cle discipelen nog weinig van Jezus' borgwerk, van de weg der verlossing.
En als de Heere dan als het ware voor ons in gedaante komt te veranderen, als clat gevoelige leven weg gaat wijken en Hij Zichzelf gaat openbaren als een rechtvaardige Rechter, Die volkomen voldoening voor onze schuld vordert en we clan moeten gaan leren dat we niet als een vrome jongeling of godsdienstig meisje, maar alleen als een Goddeloze uit vrije genade door het bloed des kruises met God kunnen worden verzoend, dan komt de ergernis openbaar, cle ergernis des kruises, cle ergernis tegen vrije genade.
De discipelen zullen zich ergeren aan een Jezus, Die zo diep vernederd wordt. En alleen, als wij zelf eerst ons als een
gevloekte recht leren kennen, clan eerst wordt cle diep vernederde, gekruiste Christus ons dierbaar, dierbaar juist in cle diepte van Zijn vernedering, in de weergaloze liefde van Zijn Borgtocht.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 maart 1961
Daniel | 8 Pagina's