Enige bijzonderheden omtrent Kerstfeest
Zo de Heere wil en wij leven zullen wij zondag en maandag, 25 en 26 december aanstaande weder bepaald worden bij de verborgenheid der Godzaligheid, dat Gods eniggeboren Zoon kroon en troon verlaten heeft, en afgedaald is in onze diepe ellendcstaat en verlorenheid, ja dat Hij, God uit God, Licht uit Licht en Koning der koningen, in een beestenstal O C-heeft willen geboren worden en dat uit eeuwige liefde tot de Zijnen, opdat Hij ze uit deze tegenwoordige boze wereld zou trekken en plaatsbekledend Gods eer verheffen, Gods gramschap stillen en Gods welbehagen verheerlijken. Bij de betekenende zaak van het Kerstfeit zullen we echter niet nader stilstaan, al is het waar, dat we nooit genoeg bepaald kunnen worden bij het eeuwige wonder, dat Christus, als de Gezondene des Vaders, Zich zo diep heeft willen vernederen om degenen, die zich toch als vijanden van God leren kennen en die de Heere rechtvaardig had kunnen laten verzinken in de ellende, waarin zij zich moedwillig geworpen hebben, te verlossen van onder de verdoemende kracht en tyranniserende macht der zonde en des doods. We willen thans echter iets zeggen over enige bijzonderheden om-
trent het Kerstfeest. Misschien zullen er onder de lezers zijn, die er belang in stellen te weten, waarom wij nu 25 en 26 dec. het Kerstfeest gedenken en niet op een andere datum. Het is toch zo, dat Gods Woord ons hieromtrent nie(ts zegt, terwijl „toch" de kerk over de ganse wereld op 25 dec. de menswording van Christus herdenkt. Het is wel zeker dat de vaststelling van deze datum uit de stad Rome afkomstig is. Immers, niet altijd is de geboorte van de Heere Jezus herdacht, evenmin ah de andere freüsfexten.
Voor het ontstaan van de feestdagen moeten we natuurlijk terug tot de oude kerk en dan zien we dat eerst het Paasfeest is opgekomen en korte tijd nadien de herdenking van het Pinksterwonder. In de eerste helft der 2e eeuw herdacht men met Pasen niet de opstanding van Christus, maar Zijn borgtochtclijk lijden. Men bracht toen n.1. de naam Pasen in verband met het Griekse woord „pasehein", dat „lijden" betekent, terwijl Pasen in werkelijkheid is afgeleid van het Oud-Testamentische Pascha r= voorbijgang. De opstanding werd herdacht op de eerste dag voor de Pinkstertijd (Pasen en Pinksteren omvatten toen een langere tijd en niet slechts één of twee dagen). In de 4e eeuw begon men de opstanding van de Heere Jezus te gedenken op de laatste zondag van de Paschatijd, terwijl nog later de naam Pasen alleen meer werd gebruikt voor de opstandingsdag, dus hetzelfde als wij nu nog als Pasen kennen.
Maar nu wat Kerstfeest betreft. In het Oosten vierde de kerk reeds vóór de tijd van keizer Constantijn de Grote! (306-337) het z.g. Epiphaniafeest, waarbij men de geboorte van de Heere Jezus gedacht, maar tevens zijn doop door Johannes de Doper en het wonder te Kana. Dit feest werd echter op 25 dec. gevierd. In Rome echter herdacht de gemeente reeds omstreeks 350 het Kerstwonder op 25 dec. en langzamerhand heeft de ganse kerk dit overgenomen, zodat thans de kerk over de gehele wereld op 25 december stil staat bij de komst in het vlees van Gods Zoon.
Maar nu komt men tot de vraag: waarom heeft de gemeente te Rome juist deze datum gekozen, daar Gods Woord ons hierin toch geen duidelijkheid geeft. Velen menen, dat de Christenen te Rome 25 december genomen hebben, omdat deze dag op de Romeinse kalender de naam droeg van dies inuirti solis = de dag van de onoverwonnen zon. Deze dag werc om die reden zo genoemd omdat men de kortste dag weer achter de rug hp 1 en de zon vanaf die dag opnieuw in kracht begon toe te nemen en hij de nacht steeds meer overwon. Dan vierden de Romeinen dus de triumf van de zon en zo zou de gemeente te Rome juist die dag gekozen heibben voor de herdenking van de komst van Christus in het vlees, omdat Hij als de Zonne der Gerechtigheid de nacht in de harten Zijns volks overwint door hen te beschijnen met de liefelijke zonnestralen Zijner Genade. Hij, Die in de volle zin des woords de „invictus sol", de „Onoverwonnen Zon" is, wijl Hij getrium-
feerd heeft over de eeuwige nacht van dood, hel en graf. Hoewel natuurlijk niet met volledige zekerheid te zeggen is, of deze reden inderdaad tot de keuze van de datum van 25 december heeft geleid, lijkt er wel veel voor te zeggen en in vergelijking met verschillende andere mogelijkheden, die genoemd worden, doch waar we hier niet dieper op in zullen gaan, lijkt ons deze wel de meest aannemelijke.
Aanvankelijk hadden de reformatoren bezwaren tegen de kerkelijke feesten. Niet dat zij tegen de herdenking van de heilsfeiten op zichzelf waren, maar vanwege de verwording, die ook hier was ingetreden. De feestdagen, b.v. de Kerstdag, was voor velen een heidens feest geworden en met veel bijgelovigheden vermengd. Men denke b.v. in dit verband aan het gebruik, dat nog steeds in de roomse kerk gehandhaafd is en wat ook reeds in de tijd der Reformatoren werd gevonden, het z.g. „kindje wiegen." Het wezen der heilsfeiten werd gans en al voorbij gezien en men ging op in wereldse en zondige vermaken. Bovendien had de Roomse kerk zeer veel en andere feestdagen ingevoerd ter ere van de heiligen. Tenslotte hebben de Hervormers goed gevonden, dat de heilsfeiten herdacht zouden worden, dus ook het Kerstfeest, maar zij verboden alle feestelijkheden op die dagen en legden er de nadruk op, dat alleen het Evangelie van de menswording van Christus zou gepredikt worden. Over het verdere verloop dienaangaande hopen we de volgende keer iets meer te zeggen.
Zo hebben we dus iets geschreven over de datum van Kerstfeest en het ontstaan van de herdenking der heilsfeiten in het algemeen. Belangrijker echter dan de datum van de geboorte van de Heere Jezus op aarde is de geboorte van Christus in ons hart, want bet zal ons allen noodzakelijk zijn om welgetroost zalig te leven en te sterven, en dat die Koning intrek neemt in ons hart, opdat wat Hij door Zijn diepe vernedering borgtochtelijk voorwerpelijk heeft verworven, ons onderwerpelijk door de bediening des Heiligen Geestes worde toe-O O gepast en het ook op ons van betrekking moge zijn wat de apostel zegt: „Want gij weet de genade van onze Heere Jezus Christus, dat Hij om uwentwil is arm geworden, daar Hij rijk was, opdat gij door Zijn armoede zoudt rijk worden."
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 16 december 1960
Daniel | 8 Pagina's