JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

De Nederlandse kastelen  in de twintigste eeuw

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De Nederlandse kastelen in de twintigste eeuw

5 minuten leestijd

(I).

De Nederlandse kastelen verkeren in grote nood. De kosten van onderhoud en de instandhouding van de monumentale gebouwen zijn enorm hoog. De finantiële draagkracht van de tegenwoordige eigenaars is in vele gevallen niet toereikend om de zware lasten, die op hun historisch bezit drukken, te kunnen dragen. De tijd dat de kastelen bewoond werden door rijke edellieden is voorgoed voorbij! De gevolgen xijn dan ook funest voor de gebouwen zelf. De kasteelheren van de twintigste eeuw kunnen hun bezit dikwijls niet dan met de grootste moeite in stand houden. De belastingen drukken zwaar en bewoning van de gebouwen eist een staf van personeel.

Zo komt het dat in de loop der jaren veel waardevolle historische gebouwen verloren gingen. Ook in de Tweede Wereldoorlog zijn heel wat Nederlandse kastelen met de grond gelijk gemaakt. De terugtrekkende Duitse troepen hebben in hun niets ontziende woede drie prachtige kastelen opgeblazen.

Vlak na de oorlog heeft men ingezien, dat er iets moest gedaan worden. Men heeft de „Nederlandse Kastelenstichting" in het leven geroepen. Deze stichting wil met alle mogelijke middelen de kastelen voor het nageslacht bewaren. Op het ogenblik bezit ons historierijke vaderland circa 150 a 200 kastelen. Overheidssubsidies en ook giften van particuliere zijde maken het de stichting mogeilijk, de kasteeleigenaren in hun finantiële nood te helpen.

Onder de titel „De Nederlandse kastelen in de twintigste eeuw" willen wij in een serie artikelen enkele kastelen beschrijven. Allereerst dan het kasteel „TER HORST" in de nabijheid van het plaatsje Loenen in Gelderland.

Ten noordoosten van Loenen, juist binnen de grenzen van de gemeente Apel-

doom staat het fraaie kasteel „Ter Horst '. Van de vroege historie van dit kasteel is weinig bekend. Het gebouw dateert uit het jaar 1557. In datzelfde jaar heeft de eigenaar Wijnand Hackfort het kasteel ingrijpend verbouwd. Deze Wijnand Haekfort heeft „Ter Horst' gekocht van het geslacht Stepraedt tot Doddendael. Voordat het kasteel werd verbouwd, is het een eenvoudig vierkant stenen gebouw geweest dat versterkt was met een aangebouwde ronde toren. Het geheel stond aan de voet van een beek en was bereikbaar over een houten brug.

Het kasteel is nogal eens van eigenaar verwisseld. In de negentiende eeuw is het geslacht Haekfort uitgestorven. In 1791/92 heeft baron Haekfort tot de Horst, die in de Franse tijd maire van Loenen was, het kasteel nogmaals laten verbouwen. In het begin van de twintigste eeuw Wam „Ter Horst" in handen van baron van Lynden, die het in 1933 weer verkocht aan de familie Russelman. Op het ogenblik is mevrouw Russelman-Koster de eigenares.

Tegenwoordig is het kasteel „Ter Horst" een statig bouwwerk. Het is vrij goed onderhouden en is geheel door een gracht omgeven. Bij het voorplein staat een kapel die in vroeger tijden werd gebruikt voor de roomse eredienst. De kapel was gewijd aan de A. Anthonius Abt. Het barokaltaar staat nog in het gebouwtje.

Toch lijkt „Ter Horst" niet zo veel meer op een kasteel. De wandelaar ziet het misschien voor een herenhuis aan. Het heeft op het ogenblik meer weg van een statig stadhuis.

Een gewone houten brug leidt naar de hoofdingang. Achter de brede en hoge deur bevindt zich een ruime hal. Rechts van deze hal liggen twee kamers. Links is de voormalige eetzaal die nu als kantoor wordt gebruikt. De achterkamer rechts heeft een buitengewoon mooie zandstenen schouw uit de zestiende eeuw, voorzien van fraai beeldhouwwerk. De kap van de schouw wordt ondersteund door twee figuren. Zij stellen de eerste eigenaar en eigenares, Wijnand Haekfort en zijn gemalin voor. Links en rechts van de schouw hangen de wapens van de verschillende geslachten.

Een eikenhouten wenteltrap met ballustrade leidt naar de eerste etage en loopt door tot op de zolderverdieping. Deze trap mocht in vroeger tijden alleen door de graven en gravinnen gebruikt worden. Maar hoe moesten clan de bedienden naar boven zult u misschien vragen? Nu, naast deze familietrap om deze zo maar te noemen, loopt nog een trap. Van deze trap moest het personeel gebruik maken. Deze trappengeschiedenis is wel een typisch beeld van de verhouding tussen graaf en bediende.

De eerste en ook de tweede verdieping hebben veel kamers. Een grote zolder strekt zich boven de tweede verdieping uit. In het midden staat een klokketorentje met uurwerk en wijzerplaat. Op de grote zolder is verder weinig fraais te zien dus dalen we af naar het souterrain. De mimten in dit deel van het gebouw zijn overdekt door kruisgewelven. Het bestaat uit vier vertrekken met een gang in het midden. In het souterrain ligt een cirkelvormige hoogte ongeveer 50 cm boven de vloer. Men beweert dat hier vroeger een put heeft gelegen die nu is dichtgemetseld. Anderen veron der stelp len dat het de fundamenten zijn van de toren die in de middeleeuwen het kasteel versterkte.

Lijkt het uiterlijk van de voorgevel veel op een stadhuis: de zijgevels en achtergevel zijn heel anders. Met elkaar vormen zij een schril contrast met de voorgevel. Aan de achterzijde waant men zich in de zestiende eeuw. Boven de geveltop ziet men een houten luifel. Deze dient om de hijsinstallatie te beschermen. Enkele vensters aan de achterzijde zijn dichtgemetseld.

Op sommige plaatsen bevinden zich duivegaten. Zij verlenen toegang tot de duivenzolder, die boven de gewone zolder, over de gehele lengte van het kasteel loopt. Het is jammer, dat wij deze beschrijving niet met een foto kunnen verduidelijken. Wie nog meer van dit kasteel wil weten, raadplege het boek „Gelderse Kastelen" deel II.

Het kasteel „Ter Horst" is een prachtig bezit. Uit het oogpunt van geschiedenis is het van betekenis, al heeft het in de vaderlandse historie geen grote rol gespeeld.

Als de stenen konden spreken. Wat zouden zij ons veel kunnen vertellen. Immers, in de loop der eeuwen heeft het oude kasteel geslachten zien komen en zien gaan.

Waar zijn de geharnaste ridders? Waar zijn de graven, de bedienden, de soldaten?

Zelfs dit kasteel heeft voor ons nog een les. Het predikt de vergankelijkheid van de mens....!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 26 augustus 1960

Daniel | 8 Pagina's

De Nederlandse kastelen  in de twintigste eeuw

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 26 augustus 1960

Daniel | 8 Pagina's