JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Dit is het eeuwige leven

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Dit is het eeuwige leven

6 minuten leestijd

En dit is het eeuwige leven, dat zij U kennen, den enigen waarachtigen God, en Jezus Christus dien Gij gezonden lieht. (Joh. 17 : 3)

Het eeuwig zalig leven in gemeenschap met de Drieënige God is een souvereine genadegift. Sions hoogste Profeet en Leraar heeft dit duidelijk geopenbaard, ook in Zijn Hogepriesterlijk gebed, wat door Johannes is gehoord en opgetekend.

Eeuwig zalig leven was in de staat der rechtheid het beloofde goed, aan ons Verbondshoofd Adam beloofd op voorwaarde van volmaakte gehoorzaamheid aan de wet. De Boom des Levens was een zichtbare, tastbare en proefbare bevestiging wat betreft de vervulling der Goddelijke belofte aan Adam vermaakt in de sluiting van het werkverbond. Volmaakt geschapen, begiftigd boven alle schepselen met kennis, gerechtigheid en heiligheid was Adam en wij in hem, bekwaam om aan de gestelde voorwaarde te voldoen. Het proefgebod in de Boom der Kennis des Goeds en des Kwaads gesteld, was een zichtbare sprake: daarvan zult gij niet eten; want ten dage, als gij daarvan eet zult gij de dood sterven. Alzo gaf de Heere in Adams hand de beslissing van eeuwig zalig leven in Gods gemeenschap door gehoorzaamheid of eeuwig sterven door ongehoorzaamheid. Maar als hij in ere was, zo heeft hij het niet verstaan, noch zijn uitnemendheid erkend, maar heeft zichzelf willens der zonde onderworpen, en over zulks de dood en de vervloeking, het oor biedende aan het woord des duivels. Want het gebod des levens, dat hij ontvangen had, heeft hij overtreden, en heeft zich van God, die zijn ware leven was, door de zonden afgescheiden; hebbende zijn gehele natuur verdorven, waardoor hij zich schuldig gemaakt heeft aan de lichamelijke en geestelijke dood (art. 14).

O, vreselijke staat, waarin het gehele menselijke geslacht gezonken is, hetwelk door de apostel Paulus genoemd wordt: Want de bezoldiging der zonde is de dood.... Maar, de genadegift Gods is het eeuwige leven door Jezus Christus onze Heere. Eeuwig wonder van vrije genade, want door de gruwel der zonde heen volvoert God Zijn raad en verheft de luister Zijner deugden in verkiezing en verwerping; het eeuwig zalig leven is genadegift. Deze genadegift kan niet verworven worden door enig schepsel, noch in doen, noch in laten. Wie van Adams nakomelingen vermag Gods gerechtigheid te voldoen en zijn geheel bedorven natuur te verandoren? Wie kan en wil zich oprichten uit zijn geestelijke doodstaat, waarin allen verzonken liggen? Neen, eeuwig zalig leven is genadegift, Goddelijke gift uit Zijn eeuwig welbehagen, verworven gift door Jezus Christus, toegepaste gave door de Heilige Geest, die door Zijn levendmakende, overtuigende, verlichtende en Christus verheerlijkende werking de uitverkoren zondaar bearbeidt en leidt, ja, vernieuwt tot kennis naar het voorbeeld Desgenen Die hem geschapen heeft.

Welke voorstelling vormt een verduisterd mens zich toch van het eeuwig zalig leven? De heidenwereld, vreemd van de openbaring Gods door Zijn Woord, houdt er verscheidene fantasieën op na, naar de verscheidenheid harer afgoden en verbreidt door de afgodendienst van hun leer: „Dit is het eeuwige leven." Het grote aantal dergenen die onder Gods Woord leven maakt zich, mede door hun dwaalleer en dwaalvoorstellingen, een begrip eigen van een hemelplaats en hemelvreugde, welke zij zelf of gedeeltelijk door goede werken hebben verworven en zeggen: „Dit is het eeuwige leven." Ook onder de zuivere bediening en voorstelling van Gods woord bemerkt men méér blootverstandelijke begripstheologie (leer aangaande God) wat zich veeltijds soms in een verbeten strijd openbaart in de uitroep: „Dit is het eeuwige leven, " dan practische theologie geleerd op de Hogeschool waar Sions Profeet de enige leraar der Gerechtigheid is. Doch dat we horen mochten de levendmakende en onderwijzende stemme van Sions hoogste Profeet door middel van Zijn woord: „Dit is het eeuwige leven, dat zij U kennen." Deze kennis is bovennatuurlijk, een geschonken geestelijke kennis van God, gevolg

van Zijn openbaring en verlichting in het hart, want God die gezegd heeft dat het licht uit de duisternis zou schijnen, is degene, die in onze harten geschenen heeft om te geven verlichting der kennis der heerlijkheid Gods in het aangezicht van Jezus Christus (2 Cor. 4 : 6). Door deze kennis leert men God kennen als de enige drieënige God, Schepper van hemel en aarde, waardig om gediend, geëerd, geprezen en gehoorzaamd te worden zonder hel-of hemelbedoelingen. Dan worden alle goden afgoden en wordt de sprake gehoord of gezien: henen uit"; dan zal Efraïm zeggen: wat heb ik meer met de afgoden te doen? " Dan wordt Hij gekend als de Rechtvaardige God, volmaakte gehoorzaamheid en voldoening eisende in Zijn goddelijke wet, dan wordt de vervloekende en verdoemende kracht der wet gekend in levende smart en droefheid. Bange dagen en nachten worden doorworsteld in smeking en geween! met innerlijke hoogachting en jaloersheid gezien op het grotelijk bevoorrechte volk van God, en toch, in dit alles geen rust. O, hoe wordt Hij gekend als de Alwetende en Waarachtige God, handhavend Zijn Gerechtigheid en Waarheid, dan wordt alle hoop op behouden te worden benomen en wordt al hun gerechtigheid in het licht der bondsbreuk verdoemelijk en wegwerpelijk.

Hoe wordt Hij gekend als de verlossende God in de handhaving Zijner Gerechtigheid in Christus Jezus. O wonder van goedertierenheid en recht: God was in Christus de wereld met Zichzelve verzoenende, hun zonden hun niet toerekende. Welk een dierbare kennis van cle weg en cle Middelaar der verzoening Jezus

Christus wordt hun geschonken. Zielsverblijdend is de vrucht van deze geloofskennis. Neen, zulk een kennis maakt niet opgeblazen, integendeel, ze vervult het hart met verwondering en ootmoed. Ja, dan antwoordt het geloof op de vraag van Christus: Wie zeggen de mensen dat Ik ben? Gij zijt de Christuos, de Zoon des levenden Gods. Hoe leert het geloof Hem kennen: in Zijn namen, ambten, naturen, staten en weldaden. En hoever Gods kinderen door genade ook mogen opwassen in de kennis van Christus, het blijft toch altijd een ten dele kennen. De apostel Paulus heeft aan de Filippensen daarvan geschreven: Ja, gewisselijk, ik acht ook alle dingen schade te zijn om de uitnemendheid der kennis van Christus Jezus, mijn Heere, om Wiens wil ik al die dingen schade gerekend heb, en acht die drek te zijn, opdat ik Christus moge gewinnen. Hoe noodzakelijk toch om al onze grond te verliezen en onze reinigmaking en zaligheid buiten onszelf in Christus te zoeken en te vinden, ja, om met Hem één plant te worden in de gelijkmaking Zijns doods, zo zullen wij dit ook zijn in de gelijkmaking Zijner opstanding. En dit is het eeuwige leven, dat zij U kennen, de enige waarachtige God en Jezus Christus, Die Gij gezonden hebt.

Want bij U heer is de levensbron, Uw licht doet klaarder dan de zon, ons 't heuglijk licht aanschouwen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 augustus 1960

Daniel | 8 Pagina's

Dit is het eeuwige leven

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 augustus 1960

Daniel | 8 Pagina's