JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

ALEXANDER COMRIE

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

ALEXANDER COMRIE

5 minuten leestijd

(II).

Student te Groningen

In de gelegenheid gesteld om theologie te gaan studeren, ging Comrie nie^ aanstonds naar de Universiteit, maar besteedde nog een jaar aan het repeteren van de oude talen. Pas in september 1729 liet hij zich te Groningen inschrijven als student in de Heilige Godgeleerdheid.

Waarom de keuze op het afgelegen Groningen viel en niet op het nabije Leiden of Utrecht, weten we niet. Misschien heeft Comrie zich aangetrokken gevoeld tot een of meer Groningse hoogleraren. De faculteit van Groningen bestond in die tijd uit vier professoren: Antonicus Driessen, Cornelius van Velzen, Otto Verbrugge en Albertus Vogét. Met de eerste twee was Comrie persoonlijk bevriend. Hij is er zelfs getuige van geweest, hoe prof. Driessen in ontzettende zieleangsten verkeerde.

In zijn „Catechismus" vertelt hij dat met deze woorden: „Ik heb dat klaar gezien in een professor, onder wie ik studeerde, bij hem zijnde in zijn zieleangsten, waardoor hij in de diepten en als in de onderste hel lag en als een worm kroop, roepende. O God, is er een weg ter ontkoming, maak hem mij bekend!"

Overigens is er van Comrie's studietijd te Groningen niet veel te vermelden. Hij moet wel breed en diep gestudeerd hebben. Althans, later sprak hij er schande van dat jongelui slechts „drie a vier jaar zich op de Hogeschool ophouden en niet veel van die toch al korte tijd studeren, maar met lanterfanten en nutteloze bezoekjes doorbrengen, hetgeen onvermijdelijd de ruïne van Neerïands Kerk zal veroorzaken, zo er niet in voorzien wordt."

Student te Leiden

In de zomer van 1733 verhuisde Comrie van Groningen naar Leiden, waar hij kamers ging bewonen op het Rapenburg, teneinde daar zijn studie te voltooien. Behalve op de theologie legde hij zich toe op de filosofie, en volgde onder meer cle colleges van cle professoren Taco Hajo van de Ilonert, Petrus Burmannus en G. J. 's Gravensande. Evenals vroeger Jacobus Koelman had Comrie bijzondere belangstelling voor de wijsbegeerte, welke wetenschap ook in die tijd bij het gewone volk maar matig gewaardeerd werd. Nog in zijn „Catechismus" klaagt hij: „De mensen hebben een kwalijk begrip van de filosofie, als ze denken dat die wetenschap maar bestaat in winderige begrippen, zonder te letten op de natuur der zaken...."

Het was dan ook geen theologisch, maar een filosofisch onderwerp, waarop Comrie de doctorstitel behaalde. Op 5 okt. 1734 verdedigde Alexander Comrie zijn proefschrift „De Moralitatis Fundamento et Natura Virtutis" (d.w.z. „Over de grondslag der zedelijkheid en over de aard van cle deugd.") Niemand minder dan professor 's Gravensande was zijn promotor. Van clie dag af noemde Comrie zich „Artium Liberalium Magister et Philosophiae Doctor" („Meester in cle vrije kunsten en doctor in de filosofie") Het proefschrift, dat 17 pagina's telt en geheel in het Latijn geschreven is, laten we, daar het op wijsgerig terrein ligt, hier verder buiten beschouwing.

Beroep naar Woubrugge

Comrie had zijn studie voltooid en meldde zich bij de classis Leiden voor het praeparatoir examen. (Terloops zij vermeld, dat dit werd afgenomen door Simon Ludovicus van der Groe, predikant te Zwammerdam, een broer van de bekende Theodorus van der Groe). Het onderzoek verliep tot volle tevredenheid van cle classis en Comrie verkreeg „het recht en de vrijheid, om in het openbaar het Evangelie te mogen prediken." Hij stelde zieh beroepbaar en ontving terstond (grote uitzondering in die tijd) het beroep van de gemeente Woubrugge.

Deze gemeente was vakant geworden door het overlijden van Ds. Carolus Blom (mei 1734), clie er niet minder dan 32 jaar had gearbeid. Over de geestelijke opwekking tijdens diens ambtsbediening heeft Comrie ons uitvoerig ingelicht. In het begin van de 18de eeuw, zo vertelt hij, „was het volk zeer stil en gerust. De mensen waren wel uiterlijk burgerlijk en godsdienstig en geloofden door een historisch geloof dat Christus hun Zaligmaker was, maar er was geen beweging over cle zaken van cle godsdienst en over de behoudenis van hun onsterfelijke ziel."

In 1714 begon een zekere Klaas Poldervaart, die van Benthuizen naar Woubrugge was verhuisd, op zondagavond in zijn huis gezelschappen te houden. Hij las dan een preek van Brakel of Van der Kemp en clit werk werd kennelijk gezegend, want, zo vertelt Comrie verder, „omstreeks het jaar 1716 werden enige mensen waarlijk getroffen en verlegen over hun zonden en zijn tot Christus overgebracht. De predikant Carolus Blom echter, menende dat er zaden van ketterij gezaaid werden, dacht het zijn plicht te zijn, clat verbeelde kwaad in zijn beginsel te stuiten. Maar als hij in het vurigste van zijn ijver tegen dit werk was, raakte God zijn hart aan door de Heilige Geest, wat hij ook in datzelfde jaar te kennen gaf, toen hij over de stokbewaarder predikte tot verbazing van velen, en waarvan velen nu nog (1749) met het uiterste genoegen spreken. Gods werk was zó krachtig op het gemoed van mijn waardige en zalige voorganger, en zijn gedachten van zichzelf zó klein, dat hij daarna niet anders dan lezende kon prediken, waarin de gemeente hem met liefde en geduld gedragen heeft tot de dag zijns doods in 1734 "

Het lag voor de hand, dat Comrie, die

door de vrijheren van Woubrugge in staat was gesteld om te studeren, in de vakature werd beroepen en het sprak evenzeer vanzelf, dat Comrie het beroep aannam. De classis Leiden gaf haar „approbatie" en Comrie legde een schitterend peremptoir examen af, waarna de classis „Zijn Eerwaarde vervolgens des Heeren rijken zegen toewenste."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 juli 1960

Daniel | 8 Pagina's

ALEXANDER COMRIE

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 juli 1960

Daniel | 8 Pagina's