JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

De Heidelbergse Catechismus

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De Heidelbergse Catechismus

6 minuten leestijd

Caspar Olevianus. 2 In Trier

(3).

In 1559 vinden we Olevianus dus in Trier terug. Op 26 juni van dat jaar wendde hij zich in een schrijven tot de raad der stad en vroeg daarin een plaats als leraar. Inderdaad werd hij als zodanig aangesteld. Hij moest onderwijs geven in de Dialektiek (= logica en methodiek) van Melanchton. Zo bood deze betrekking hem volop gelegenheid, om de zaak des Heeren te dienen en om de jeugd tot de eeuwige waarheid te leiden. De ijver en de gelofte van Olevianus lieten zich echter niet binnen de wanden der school begrenzen: wat hij voor zijn leerlingen was, moest hij zijn voor al zijn stadgenoten: een leidsman tot de Heere. Hij kon het licht der waarheid, dat in zijn eigen hart was ontstoken, niet onder een korenmaat verbergen. Reeds één maand na zijn aanstelling sloeg hij een oproep aan „het rode huis, " waarin hij zijn medeburgers uitnodigde, om te komen luisteren naar een preek, die hij tussen 8 en 10 uur op Laurentiusdag zou houden in het schoollokaal. Dit was zeer vermetel in de grijze bisschopsstad. Olevianus sterkte zich in zijn God en in de overtuiging, dat er in Trier reeds een volk des Heeren was, clat voor hem bad.

Op cle bepaalde dag stroomde het volk, in plaats van naar de mis, naar de preek van cle jonge, vurige getuige. Men verdrong zich rondom de eenvoudige kansel. Onbewimpeld, op grond der Schrift, ijverde Olevianus hier tegen de mis, de verering der heiligen, cle bedevaarten en gebreken der roomse kerk.

't Gevolg was, dat hem door het stadsbestuur verboden werd, weer in de school te prediken. Hij trad toen op in de kerk van het St. Jacobsgasthuis. Omringd door gewapende burgers werd hij naar cle kerk geleid.

Ondertussen was het gebeurde ter kennis van de keurvorst gekomen, clie Olevianus ter verantwoording riep. Daar verklaarde hij, dat cle ere Gods alleen hem bewogen had openlijk het Evangelie te verkondigen en het hem toevertrouwde talent niet onder de grond te begraven. Hij wist de ure zijns doods niet, daarom had hij de handen aan cle ploeg geslagen; ook had Duitsland en zijn vaderland aan niets meer behoefte dan aan het Woord van de levende God. Niet lang hierna werd hij voor de tweede keer voor het keurvorstelijk gericht gedagvaard. Het prediken werd hem toen verboden en het stadsbestuur werd gelast, hem als calvinist en oproermaker in hechtenis te nemen. Dit laatste werd niet ten uitvoer gebracht, maar cle preekstoel werd hem op zware straf ontzegd. Des namiddags van dezelfde dag trad Olevianus echter voor cle gemeente op en zei: „Mij is op bedreiging van zware straf, vanwege de keurvorst verboden te prediken. Nu weet gij u wel te herinneren, hoe ge mij gesmeekt hebt u Gods eeuwige waarheid te verkondigen. Hebt gij berouw over hetgeen gij gedaan hebt, clan zal ik van nu af niet meer voor uw aangezicht verschijnen. Hebt gij geen berouw, blijft uw keuze u heilig, wilt ge haar met uw gebeden bevestigen, vasthouden aan cle waarheid, welke gij beleden hebt, welaan, clan wil ik lijf en bloed voor u in gevaar stellen, u het Evangelie blijven verkondigen, Gode meer gehoorzamen dan de mensen. Die dit van harte begeren, zeggen: „Amen." De hele menigte herhaalde „Amen!"' Onder luide snikken stemde zij in met het gebed, door Olevianus tot God opgezonden, dat hun keus onberouwelijk mocht zijn en door Hem bevestigd mocht worden.

Vanaf dit ogenblik nam het getal van hen, die geloofden, dagelijks toe en klom snel tot 600 zielen, behalve vrouwen en kinderen. De St. Jacobskerk was spoedig veel te klein.

Caspar Olevianus was toen 23 jaar oud. De oppositie werd echter steeds levendiger en duidelijker, zodat zijn taak buitengewoon zwaar werd. Onweersbuien kwamen opzetten.

De keurvorst kwam zelf naar Trier. Op zijn bevel zou de roomse pastoor van Boppard, op een listige manier op de kansel der Gereformeerden komen. Hij had zijn priesterkleed onder een lange mantel verborgen. De list gelukte. Nauwelijks had hij echter enkele woorden gezegd, of de gemeente had in de gaten wat er aan de hand was en keerde zich op heftige wijze tegen de roomse indringer. Toen Boppards leven in gevaar kwam, besteeg Olevianus de kansel, nam de sidderende priester bij de hand en leidde hem de kerk uit, waarna hij zelf optrad en tot grote stichting der gemeente predikte.

De gebeurtenis had grote gevolgen: Hier was de door de keurvorst gezonden prediker verhinderd om te preken. Dat was rebellie! Dat was majesteitschennis. Drie kwartier gaans van Trier sloeg de keurvorst zijn residentie op en verzamelde troepen om zich heen. Het landvolk in zijn gebied werd onder de wapenen geroepen. Trier werd als een rebelse stad behandeld en kompleet ingesloten en belegerd. Systematisch werden de burgers gekweld, velden werden verwoest, bomen geveld, de toevoer van eten en drinken werd belemmerd. Bovendien stuurde cle keurvorst zijn handlangers in cle stad, clie het zaad van verdeeldheid tussen roomsen en protestanten kwistig uitstrooiden en dat niet zonder sukses. Ruwe schippers en kuipers maakte hij dienstbaar aan zijn zaak. Ze zaten in herbergen, verwekten onrust en strooiden fabelachtige geruchten rond. Eindelijk kreeg cle keurvorst zoveel vat op de roomsen, clat twaalf aanzienlijken, onder wie Olevianus, in de gevangenis werden gezet. Op 26 oktober trok cle keurvorst de stad in met 200 ruiters en 600 man voetvolk. De inkwartiering van de troepen vond uitsluitend plaats ten huize van cle protestanten. Zo kreeg de moeder van Olevianus 10 man voetvolk ingekwartierd!

Tegen Olevianus en de zijnen werd een aanklacht ingediend.

Intussen zaten de protestantse vorsten niet stil. Frederik III, keurvorst van de Palts, organiseerde te Worms een samenkomst van hun afgezanten. Men vormde een gezantschap, dat naar Trier ging om te onderhandelen. Na ingewikkelde en zware verhandelingen stemde de keurvorst van Trier er tenslotte mee in, dat na betaling van ƒ 3000 cle gevangenen ontslagen zouden worden, mits ze wilden emigreren. Bij voorlezing van cle akte sprak Olevianus driemaal een protest uit, waarbij hij verzekerde, niets gepredikt te hebben tegen Gods Woord en niets gedaan te hebben, dat strafwaardig was.

Keurvorst Frederik III wilde Olevianus aan zijn hogeschool te Heidelberg verbinden en bood hem het leraarsambt aan. Olevianus nam het aanbod aan, doch verwisselde spoedig deze betrekking met het hoogleraarsambt aan cle hogeschool en dit later met de betrekking van leraar aan de St. Pieterskerk.

vervolgens in de H. Geestkerk en die van hofprediker.

Olevianus had zich in de strijd in Trier, die we zeer oppervlakkig geschetst hebben, een man getoond met een scherp en vast karakter. Onbuigzaam als het om de Waarheid ging. Een geboren kerkreformator. Hij zou zijn gaven verder in de Palts ontplooien. De strijd en de teleurstellingen hadden hem alleen gestaald, maar niet overwonnen!

In Heidelberg wachtte hem nog een hevige strijd met de Lutheranen over de opvatting van het Heilig Avondmaal. Bovendien heeft hij daar veel gedaan voor de liturgie en de kerkelijke tucht. Wij zullen daar niet op ingaan, ook niet op zijn werk te Berleburg en te Herborn. Ons onderwerp zou te langdradig worden. We willen slechts Caspar Olevianus een klein beetje aan de vergetelheid ontrukken, opdat men iets meer van hem afweet dan alleen het feit, dat hij één der opstellers van de Heidelbergse Catechismus is geweest.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 oktober 1959

Daniel | 8 Pagina's

De Heidelbergse Catechismus

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 oktober 1959

Daniel | 8 Pagina's