De Heidelberge Catechismus
(2)
Caspar Olevianus.
Zijn jeugd
Olevianus werd geboren in één der bolwerken van het Rooms-Katholicisme, de grijze aartsbisschoppelijke stad Trier, de oudste stad van Duitsland.
Hij kwam voort uit een zeer geachte burgerfamilie. Zijn vader heette Gerliard von der Olewig. Olewig is een klein dorpje in de nabijheid van Trier. Caspar heeft zelf deze naam Olewig later vervormd tot Olevianus. Vader Gerhard was meester-bakker, later ook meester van zijn gilde, lid van de stedelijke gemeenteraad en rentmeester van de stad. Caspars moeder, Anna, was ook een dochter van een gildemeester, de rijke slager Anton Sinzig, die zich zeer geïnteresseerd heeft voor de goede opvoeding van zijn kleinzoon Caspar. Behalve Caspar had het echtpaar von der Olewig nog twee zoons, Matthias, die goudsmid werd en Frederik, die arts is geworden, en verder nog één dochter.
Caspar werd op St. Laurensdag, 10 augustus 1536 in het „Wittlicher Haus"' op cle markt geboren. In de kerk van de Heilige Laurentius werd het knaapje gedoopt. Bij het opgroeien bleek hij een talentvolle knaap te zijn, die met ongelooflijke snelheid een aantal scholen doorliep, zoals de scholen te Sanct Laurentius, Sanct Simeon, de Domschool en het Collegium van Sanct German. In het laatste trof hij een oude, eerwaarde priester aan, die hem godsdienstonderwijs gaf, dat hem zijn gehele verdere leven is bijgebleven. Wanneer deze priester in de vasten over het lijden van Christus sprak, de profetieën verklaarde en de vervulling daarvan in de geschiedenis aanwees, dan sprak hij steeds over het zoenoffer van Jezus aan het hout des kruises gebracht en hoe alle kinderen Gods van de vroegste tijden af hun enige troost, beide in leven en in sterven, in het geloof aan clat offer hadden gevonden. Deze leer bleef „als een vonk der rechte kennis van het offer van Christus" in zijn hart, totdat het God op Zijn tijd behaagde hem tot hogere kennis te leiden. In 1576 schreef Olevianus een inleiding bij zijn verklaring van de Apostolische geloofsbelijdenis. Hierin werpt hij een blik terug in zijn eigen jeugd. Hij herinnert dan aan de trouwe leiding van zijn hemelse Vader. Deze was het, die hem uit de trouwe leraarshand van cle genoemde priester enige kruimels cler Waarheid toevoerde in de dagen van zijn paapse duisternis.
Nog geen 14 jaar oud werd Caspar Olevianus door zijn ouders naar Parijs gestuurd waar hij „rechten" zou gaan studeren. Eerst voltooide hij daar zijn humanistische studies en bezocht daarna de beroemde rechtsfaculteiten van Orleans en Bourges. In deze steden had de reformatie toen reeds haar stille, maar volijverige aanhangers. Caspar beluisterde er Gereformeerde preken, las Gereformeerde boeken, en werd voor 't Gereformeerde gevoelen gewonnen. Zijn gang is enigszins met die van Calvijn te vergelijken. Hij sloot zich aan bij een geheime gemeente Gods, hoewel hieraan in Frankrijk cle grootste gevaren verbonden waren. Daar in Bourges kwam zijn geloofsleven tot volle doorbraak, doordat hij in groot levensgevaar kwam te verkeren.
Er studeerde daar ook één der zoons van de paltsgraaf Frederik van Simmern. Olevianus had met hem een echte vriendschap gesloten. Op zekere dag gingen ze langs de rivier Auron wandelen en troffen daar enkele dronken Duitse adellijke studenten aan, die op de rivier wilden gaan varen. Ook de prins van Simmern wilde in de boot. Olevianus ontried hun het ten zeerste, maar ze gingen toch. Judex, een lakei, ging ook mee. Middenop de rivier gekomen, gingen de studenten overmoedig schomme-
len, zodat de boot omsloeg. Zonder zich een ogenblik te bedenken, wierp Olevianus zich in het water om zijn vriend te redden. Door de slijkerige bodem kwam hij echter zelf in 't uiterste gevaar, zodat hij tussen leven en dood zweefde. In dit moment beloofde hij God, als Deze hem 't leven wilde schenken, dat hij zich geheel in de dienst van het Evangelie wilde geven in zijn vaderland. Daar snelde een lakei uit het gevolg van de prins toe. Deze meende de prins te redden, maar trok bij vergissing Caspar Olevianus op uit het water. De prins verdronk jammerlijk, evenals de andere inzittenden van het bootje. Sedert dit voorval legde Caspar zich nog meer toe op de studie van de Heilige Schrift en van de boeken der reformatie, bijzonder de werken van Calvijn.
Hij promoveerde op 6 juni 1557 tot doctor in de rechten en kwam als jurist in Trier terug. De rechtspraktijk bekoorde hem echter niet meer. Toen hij ook de begeerte van de reformatorisch gezinde burgers van Trier vernam, hoorde hij steeds duidelijker Gods roepstem om zich te bekwamen voor de dienst van het Evangelie. Om zijn gedane belofte nu ook op waardige wijze te gaan vervullen en zich voor 't werk in Gods wijngaard flink en alzijdig voor te bereiden, begaf hij zich naar Genève. Als een bezield leerling zette hij zich aan de voeten van de grote Zwitserse reformator Calvijn. Vervolgens ging hij naar Zürich, om zich verder in het Duits te bekwamen voor het kanselwerk. Hier maakte hij kennis met Bullinger en Martyr.
Via Lausanne, waar hij vriendschap sloot met Beza, keerde hij weer terug naar Genève. Toen hij daar eens Farel ontmoette, drong deze er bij hem op aan zijn studietijd te bekorten, naar Trier terug te keren en daar openlijk tegen het pausdom op te treden. Spoedig deed zich een gewenste gelegenheid voor. Eerst vierde hij nog het H. Avondmaal in Genève en nam met weemoed afscheid van de trouwe leraars van dit deel van Zwitserland. Er waren hier vriendschapsbanden gelegd, die zouden standhouden. Met dankbare liefde en diepe verering was Olevianus vervuld, speciaal ten aanzien van Calvijn en Beza. Vlak vóór zijn vertrek nam hij schriftelijk afscheid van Martyr te Zürich, voor wie hij in diepbewogen woorden zijn hart bloot legde. Zo kwam de jonge, vurige prediker in juni 1559 te Trier terug, nu om er Gods boodschap te brengen. Hij was toen 22 jaar oud.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 16 oktober 1959
Daniel | 8 Pagina's