JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Kerkgeschiedenis

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Kerkgeschiedenis

5 minuten leestijd

Oranjes doelstelling in de vrijheidskrijg

Die komt vooral uit in de Pacificatietijd. Maar die jaren, 1576—1579, en daarna zijn voor de Prins de moeilijkste jaren geweest.

Vooral, toen zijn tegenspeler Parma, knap veldheer en geslepen staatsman, als landvoogd in de Gewesten kwam, waren de moeilijkheden uitermate groot, tot 's Prinsen dood toe. Hij is ondergegaan maar — niet zijn werk!

Die moeilijkheden vloeiden voort uit de veelvuldige tegenstellingen in de Gewesten.

Er waren in de vrijheidskrijg 2 groepen, roomsen en niet-roomsen; onder deze laatsten de gereformeerden.

In de zuidelijke landen domineerden de roomsen; vooral een machtige roomse adel deelde daar de lakens uit en was uiteraard spaans-gericht.

In de noordelijke waren ook talrijke roomsen met dezelfde neigingen en daarbij de groep der Calvinisten, hoofdzakelijk in Holland en Zeeland en, gelijk wij vroeger al zagen, een zeer levenskrachtige kern. Daar zat de grote Stuurman midden in!

Zolang het om de politieke vrijheid ging was samengaan ietwat mogelijk. Maar telkens kwam in de Gewesten het geloofsverschil naar voren.

Het duidelijkst bleek dit op de Conferentie te Geertruidenberg, waar afgevaardigden van Don Jan (de nieuwe landvoogd) samenkwamen met de Prins en afgevaardigden van Holland en Zeeland.

Eerstgenoemde groep zei: „Gij wilt uw religie uitbreiden op allerlei wijze ook in onze Gewesten. (Men lette op dat woord onze!) Waarop de Prins gepast antwoordde: „Gij wilt ons in Holland uitroeien, en dat verlangen wij niet."

Hier moeten wij nu wijzen op wat Berkhof dienaangaande schrijft: „Beiden (nl. roomsen en gereformeerden) konden zich geen staat denken, waarin niet één bepaalde godsdienst het monopolie, het alleenrecht, had." Voor de romsen was dat natuurlijk de roomse godsdienst, voor de gereformeerden de gereformeerde godsdienst.

Met zo'n standpunt kon er van volkseenheid feitelijk geen sprake zijn, maar moest te een of andere tijd een schisma, een splitsing, volgen.

Van die geestesgesteldheid heeft Parma in 1579 gebruik gemaakt en door de Unie van Atrecht de speciaal roomse, zuidelijke gewesten tot de gehoorzaamheid des konings terug gebracht; maar — tot hun eigen verderf!

Zo werden de noordelijke gewesten gedwongen ook verzamelen te blazen in de Unie van Utrecht, wilde men niet onder de voet gelopen worden. Dit begreep de Prins zeer goed.

Maar daarmee was men niet uit de moeilijkheden. Waren het in het noordelijk deel allen protestanten geweest; maar dat was niet zo. Denk aan het gebied van het bisdom Utrecht, aan Gelderland, (waarover hierna meer), aan wat Rennenberg cloor zijn verraad in 1580 uithaalde en 3 gewesten weer afscheurde van de Unie.

Wij zien hier de werking van het rooms ideaal: één Kerk, één Staat. Sommigen noemen dat een theocratisch ideaal, dat ook de Calvinisten in deze materie zouden voorstaan.

Dit ideaal, één Staat, één Godsdienst, hetzij dan rooms óf gereformeerd heeft cle Prins niet gewild. Wat dan?

Lees Groen § 185 I pag. 129: Steeds heeft Willem I recht en billijkheid ook jegens de roomsen gewild uit — staatkunde en uit plichtsgevoel. Nauwgezet in het nakomen van zijn eed, heeft hij nooit toegelaten, clat iemand enig leed of ongelijk zou geschieden; altijd voor ogen houdend, clat God rechtvaardig is en geen valse eed ongestraft laat.

(Het verraad van Rennenberg later was dan ook een hele ontnuchtering voor hem!) Hij was dus tolerant.

Berkhof haalt hierbij aan „Hoewel hij een overtuigd aanhanger der gereformeerde religie was, was zijn overtuiging, clat het Evangelie „wel een andere macht heeft dan des sweerts, ende die herten door andere middelen bekeert." In politicis verdraagzaam; geen theocratisch staatsideaal. (Zie Berkhof pag. 214).

Wij gaan hier niet verder op in, hoe belangrijk dit ook is. Het is te begrijpen, dat hij er met zo'n standpunt van roomsen en sommige gereformeerden allerlei verwijten kreeg te horen. Men leze daartoe eens bij Groen § 184, pag. 128, wat cle prins daaromtrent geschreven heeft: „De roomsen beklagen zich, dat ik hen, door het invoeren der gereformeerde religie, tegen mijn eed, om de tuin heb geleid; de gereformeerden, dat ik door cle roomsen met giften en beloften, omgekocht ben; roomsen en onroomsen beide zijn tegen mij, om de Religievrede, misnoegd." (Over die Religie vrede hierna meer).

Ik voeg er nog maar bij: „Mij wordt cle Unie van Utrecht verweten, alsof ik daardoor aan Holland de overige gewesten opgeofferd had. Velen zeggen, dat ik mij wil verheffen tot Heer van het

land; dat ik de zo gewenste vrede tegenhoud, enkel om meester te blijven van het gezag."

Het was waarlijk de moeite. En wij denken aan het schone beeld, dat hij zich koos als ideaal: het nest met de pelikaan, die haar jongen voedt uit haar borst, drijvers op de golven: Saevis tranquillus in undis: Rustig te midden van de woeste golven.

En wat de gereformeerden betreft: Wij lezen bij Groen (pag. 129): Sommige Hervormden hielden het uitroeien der roomse kerk voor onvoorwaardelijke verplichting; de papist was hun een heiden en een Kanaaniet, doet de afgodendienaars uit uw midden weg; verbreekt hun afgoden; sluit met hen geen verbond; het is nodig en ook betamelijk en godzalig, de beloften en eden geenszins te houden welke men hun, met miskenning der ere van Christus, gedaan heeft."

Dat was felle taal; ook deze moest de Prins aanhoren!

En dan zelf tolerant te zijn, een éénheidsfront te willen vormen! Hoe moest dat gaan?

Zelfs graaf Jan kwam in die stroom terecht.

(Wordt vervolgd)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 maart 1959

Daniel | 8 Pagina's

Kerkgeschiedenis

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 maart 1959

Daniel | 8 Pagina's