“ De Grieken een dwaasheid"
(3.)
HET WOORD IS AAN een van onze jonge vrienden met zijn inleiding gehouden op de vergadering van de ring Gouda van jongelingsverenigingen der Ger. Gem. op 12 dec. 1958.
Wij zagen, dat de Stoïcijnen en Epicureërs de boodschap Gods verwierpen. Paulus' prediking vond echter bij het volk gehoor, getuige o.m. de gemeente van Korinthe. Ook de volgelingen van de filosoof Plato, die overigens buiten ons onderwerp valt, hebben zeer veel aanknopingspunten voor de prediking van Paulus geboden. De Griekse cultuur bezat inderdaad contactpunten voor Paulus, zoals in het begin is aangetoond.
Men heeft wel eens willen beweren, dat Paulus op de Areopagus de verliezer was. Ds. Ten Have geeft aan deze mening voet b.v. in zijn bijbelverklaring: „Bij de Bron."
Dit is niet waar. Zegt Gods Woord ons zelf niet: „Werpt Uw brood uit op het water en gij zult het vinden na vele dagen." Nooit, zegt De Rover in zijn „De Strijdende Kerk", verliest het Evangelie de slag.
Onze hedendaagse cultuur, biedt zij contactpunten voor de prediking? Technische ontwikkeling en materialistische levensbeschouwing hebben een groot deel van ons volk van de Schrift afgetrokken en blind gemaakt voor geestelijke waarden.
De huidige mens leeft echter ook in onzekerheid, die bij ieder mens zijn oorsprong vindt in het feit, dat wij de rust, het Beeld Gods hebben verworpen, ook bij de mens van deze eeuw, kerkganger of niet.
Gods Woord vindt weinig weerklank in de harten. Men grijpt vandaag weer naar de filosofie. De weg door God aangewezen in Zijn Woord, wordt eenvoudig genegeerd. Ook door ons. Het Evangelie is de mens een dwaasheid en zal de mens een dwaasheid blijven. Filosofie kan ons nooit de weg brengen. Gods Geest zelf moet in het hart de begeerte wekken naar Zijn inzettingen te leven. Daar is niets van de mens bij.
„De studie van de filosofie is dan zeker verwerpelijk", zult U vragen. Met inachtneming van het bovenstaande kunnen we zeggen, dat dit niet verboden is; ons doel kan echter dan alleen maar zijn de geesten ook hiermede te beproeven. De apostel heeft dit alles zeer goed geweten en beleefd: „Maar de natuurlijke mens begrijpt niet de dingen, die des Geestes Gods zijn: want zij zijn hem een dwaasheid en hij kan ze niet verstaan."
De Heere beware ons bij de zuivere Evangelie-prediking, die vruchten zal dragen op Gods tijd. Daarvan getuigt Hand. 17: „Doch sommige mannen hingen hem aan en geloofden onder welke was ook Dionysius de Areopagiet en een vrouw met name Damaris met hen."
Bronnenopgave: M. Henry: Practicale Verklaring. Dr. F. W. Grosheide: Korte Verklaring der H.S., Handelingen, 2e deel. P. A. de Rover: De strijdende Kerk, le deel.
Mr. L. J. M. Hage: Kerkgeschiedenislessen. Ds. Landwehr: Kerkgeschiedenis, 2e deel. Prof. Dr. H. D. F. Kitto: De Griekse beschaving.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 maart 1959
Daniel | 8 Pagina's