Rond de Calvijn-herdenking
II.
De Institutie van Calvijn
Nadat we in vogelvlucht het leven van Calvijn hebben geschetst, vragen we in dit artikel aandacht voor zijn hoofdwerk, de „Institutie". Grote mannen worden immers slechts zéér ten dele gekend uit hun levensgeschiedenis; deze is alleen maar van belang om de achtergronden te belichten en de karakterontwikkeling na te gaan. Dat geldt ook voor Johannes Calvijn. Wie de grote Hervormer van Génève wil leren kennen, die leze de „Institutie". Dat werk, waarin Calvijn zijn gehele theologische visie heeft neergelegd, is niets minder dan de dogmatiek van de Reformatie. In geen enkel werk is de leer van de Heilige Schrift zó systematisch samengevat en doorzichtig gemaakt.
Ontstaan van het iverk
Tijdens zijn verblijf te Bazel (1535, hij was toen 26 jaar!) schreef Calvijn z'n „Institutio christianae religionis" („Onderwijzing in de Christelijke godsdienst.") De eerste druk verscheen (anoniem) in 1536; ze is voorzien van een bewogen opdracht aan de koning van Frankrijk, Frans I. Die voorrede geldt nog heden-ten-dage als een van de schoonste Franse taalmonumenten. Eerbiedig, maar geenszins kruiperig of vleiend, roept Calvijn om rechtvaardigheid en eerlijkheid en om verzachting van het lijden, cle Protestanten aangedaan.
Met het schrijven van de „Institutie" bedoelde Calvijn aanvankelijk niets anders dan op deze wijze het gewone volk bekend te maken met de hoofdzaken van de Heilige Schrift. De eerste druk van de Institutie is eigenlijk een uitvoerige Catechismus en telt slechts vijf hoofdstukken:1. de Wet (Tien Geboden). 2. het Geloof (Twaalf Artikelen). 3. het Gebed (Onze Vader). 4. de Sacramenten (Doop en Avondmaal). 5. de 5 valse sacramenten. 6. de christelijke vrijheid en de regering van kerk en staat.
Het werk maakte geweldige opgang: in 1539 verscheen te Straatsburg de tweede druk (onder een schuilnaam). Deze tweede editie was al driemaal zo groot als de eerste. Ook de derde en vierde druk (resp. van 1543 en 1550) waren weer belangrijk uitgebreid.
Tenslotte kreeg het boek in 1559 z'n definitieve gestalte, zoals wij het nu kennen. Het bevat 80 hoofdstukken, verdeeld in 4 boeken, die handelen over:
le de kennis van God, de Schepper.
2e de kennis van God, de Verlosser in Christus.
3e de wijze, waarop de genade van Christus wordt verkregen, met haar vruchten en werkingen.
4e de uiterlijke hulpmiddelen, door welke God ons tot de gemeenschap met Christus nodigt en hierin houdt.
Inhoud van het werk
Daar het onmogelijk is in het korte bestek van dit artikel de inhoud van de „Institutie" bij benadering te schetsen, moeten we met enkele grepen volstaan. In het eerste boek handelt Calvijn over God de Vader en onze schepping. Hij begint met de bekend geworden stelling: „Nagenoeg de ganse hoofdinhoud van onze wijsheid bestaat uit twee delen: de kennis van God en de kennis van onszelf." Terstond valt het op, dat hij wijst op het Woord als kenbron van de openbaring. Niet uit de natuur, maar uit de Heilige Schrift is de ware Godsen zelfkennis. „Want al onze wijsheid moet niets anders zijn, dan met een ootmoedige leerzaamheid omhelzen, en dat wel zonder uitzondering van al wat in de Schriften geleerd wordt." De leer van de schepping geeft hem bijzonder de gelegenheid te wijzen op de heerlijkheid en de eer van God, een element, dat we praktisch in al de werken van Calvijn terugvinden.
Het tweede boek spreekt eerst over de val in Adam en de gevolgen daarvan en daarna over de openbaring van Christus als Verlosser. Hierbij komen de Tien Geboden en de Twaalf Geloofsartikelen ter sprake. Ook hier wordt weer met nadruk gewezen op het Woord Gods, waarin de Middelaar als de enige weg ter zaligheid is geopenbaard.
Over de wijze waarop de mens het heil in Christus deelachtig wordt, handelt het derde boek (dat even groot is als het eerste en tweede samen). Niet voor niets wordt Calvijn de theoloog van de Heilige Geest genoemd! De mens wordt Christus deelachtig door de verborgen werking van de Heilige Geest. Die Geest schenkt het geloof en door het geloof worden wij wedergeboren.
Ook het leven van de Christen krijgt hier een ruime plaats. Voor de ethiek — dikwijls een verwaarloosd hoofdstuk — had Calvijn volop oog! Het spreekt haast vanzelf, dat de rechtvaardiging door het geloof in dit boek ter sprake komt en verdedigd wordt tegen al haar aanvallers.
Aan het slot van dit derde boek spreekt Calvijn van de eeuwige verkiezing, niet als uitgangspunt dus, maar als slotsom. (We komen op dit punt later nog wel terug).
Het vierde boek behandelt achtereenvolgens de kerk, de ambten, de kerkregering, de tucht, de sacramenten. Het laatste hoofdstuk gaat over de burgerlijke regering.
We gevoelen wel, dat we hier een terrein betreden hebben, waarvan we de afmetingen niet bij benadering kunnen aangeven. Het gaat echter slechts om een algemene indruk van dit meesterlijke werk, opdat bij velen de lust opgewekt worde, er zelf kennis van te nemen. We hebben hier te maken met een dogmatiek weliswaar, maar met een dogmatiek die verre uitsteekt boven alle andere, wegens de heldere betoogtrant. Het werk is zó instructief, dat de ontwikkelde er veel uit leren kan en tegelijk zó eenvoudig dat de minder ontwikkelde het begrijpen kan.
(Vervolg op pag 142
Vervolg Rondom de Calvijn herdenking
Betekenis van het werk
De „Institutie" is het middel geweest om de Reformatie te bevorderen. Geen boek heeft zulk een invloed gehad in de machtige worsteling van de 16e eeuw dan het werk van de grote Hervormer te Génève. Menselijkerwijze gesproken zou het Calvinisme in Nederland, zónder de Institutie, nooit zo'n vlucht hebben genomen. Reeds in 1560 (een jaar na de eerste volledige editie) werd het werk in het Nederlands vertaald, en nu, na vier eeuwen tijd blijkt het nog niet verouderd te zijn. Op de theologie van de 17de en, in iets mindere mate, op die van de 18de eeuw heeft het een beslissende invloed gehad.
Er bestaan vele Nederlandse uitgaven van de Institutie. De beste is tot op heden die van Dr. A. Sizoo, in drie delen, uitgegeven bij Meinema te Delft.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 maart 1959
Daniel | 8 Pagina's