JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Bij het nieuwe jaar

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Bij het nieuwe jaar

6 minuten leestijd

RONDKIJK

Met dit nummer van ons jeugdblad „Daniël" zijn we weer een nieuw jaar ingetreden: het jaar onzes Heeren 2959. Een onbekende toekomst ligt weer voor ons; wat dit jaar ons brengen zal weten we niet, dit heeft de Heere in Zijn voorzienig bestel wijselijk voor ons verborgen. Wat zouden wij ons ongerust maken, als wij vóóruit wisten, dat ons op een bepaalde dag van het jaar iets zeer ernstigs zou overkomen; we zouden geen leven hebben! We zouden trachten het ongeluk te ontlopen of te verhinderen en zó met vrees bezet zijn, dat wij er onze dagelijkse arbeid niet van konden verrichten. Die vrees heeft de Heere, door een sluier voor de toekomst te hangen, ons onthouden. Maar we moeten daarbij toch ook weten, dat wij vanwege onze zonden allerlei ellendigheden ja, de verdoemenis zelf onderworpen zijn, om met het doopsformulier te spreken. Dat is een hard, maar een waar woord; het houdt in, dat we in het jaar dat we zijn ingetreden overal voor bloot liggen. En nu komt het er maar op aan, wanneer tegenspoed op onze weg komt, dat we in het besef leven, dat we dit alles vanwege onze zonden hebben waardig gemaakt. Dan zal dit niet leiden tot fatalisme, tot een noodlotsberusting, maar tot een gewillige onderwerping aan Hem die het ons deed wedervaren. En Die alles zó schikken en richten kan, dat Hij het tot ons beste keren wil. Dat is genade. En zij die genade kennen zijn daar niet altijd en missen soms de ware onderwerping die alleen rust geeft.

Vruchtbare en onvruchtbare jaren, spijze en drank, gezondheid en krankheid, rijkdom en armoede, en alle andere dingen, ze komen niet bij geval — lees zondag 10 — maar het komt er op aan door genade te weten, dat het ons van Zijn Vaderlijke hand toekomt. Onze vaderen wisten het zo schoon te zeggen. En het kan nuttig zijn, dit bij de jaarwisseling te overdenken.

Er leven bij onze jonge mensen zo veel verlangens, er zijn zoveel idealen. Zeer begrijpelijk. Uw rondkijker zal de laatste zijn, om die idealen de kop in te drukken. Een jong mens, die geen idealen heeft, maakt zich in de maatschappij uitzonderlijk. De voornaamste zaak moet echter bij al ons streven altijd weer zijn, dat we ons niet roeren noch bewegen kunnen zonder 's Heeren heilige wil. Als we in onze studie prima mee kunnen, als we een beste baan hebben, als het ons in alle opzichten wel gaat, dan ligt dat niet aan ons eigen kunnen, maar aan Hem, die ons de wijsheid, de moed, lust en kracht geeft, om onze taak te volbrengen. Zonder Hem toch, kunnen we ons niet roeren noch bewegen. In die steil diepe afhankelijkheid zouden we altijd moeten leven. Helaas gebeurt het nog wel eens, wanneer het ons voor de wind gaat, dat we dan de Heere niet meer nodig hebben. Dat we het dan zelf wel af kunnen. De wereld immers lokt en roept van alle kanten. Hoe vaak komt het voor, wanneer jongens en ook meisjes elders een betrekking krijgen, weg van het ouderlijk huis, men de kerk, de catechisatie, maar links laat liggen. Er liggen op dat pad zoveel voetangels en klemmen en satan probeert ons maar van het pad der waarheid af te voeren. Waarmede zal de jongeling zijn pad zuiver houden? Als hij dat houdt naar Uw Woord. Ps. 119. De bede onder onze jonge mensen mocht in 1959 maar veel zijn: maak in Uw Woord, mijn gang en treden vast.

We treden dit jaar in, levende in een ontzettende dynamische tijd. Ik lees zo juist in de krant, dat de Russen een kunstplaneet de ruimte hebben ingestuurd — een raket voor de maan bedoeld, maar er was een misrekening! — die nu haar weg in de richting van de zon voortzet en waarschijnlijk een baan om de zon zal beschrijven gelijk de aarde doet. De omlooptijd om de zon zal vijftien maanden zijn. Men staat in onze tijd nergens meer voor; men is sneller dan het geluid, men vaart onder de ijskap door naar de andere zijde van de wereld. Het ligt alles ver buiten ons begrip; de techniek schrijdt met zulk een snelle vaart voort, dat we ons over niets meer verbazen. Men poogt nu de planeten te bereiken met ruimteschepen. Uw rondkijker meent dat ze er nooit zullen komen, maar hij is ook een ouderwets man. Zéker is, dat er tot nu telkens een menselijke faktor tussen kwam, een misrekening, waarmee men het doel miste. „Aangaande de hemel, de hemel is des Heeren; maar de aarde heeft Hij der mensen kinderen gegeven. Ps. 115 : 16. Men kan daar een exegese over geven dat hiermee de hemel der hemelen bedoeld wordt — ik ga daar nu niet op in — hoe hoog de techniek ook klimmen zal, de afhankelijkheid van de mens blijft en de Heere staat er boven.

In zulk een wereld, waarin het machtige kennen en kunnen van de mens voor niets staat, stappen wij 1959 binnen. Ook onze jonge mensen worden met die wereld geconfronteerd, een wereld, waar Oost en West tegen elkander botst en zich meet, wie het verst in de techniek gevorderd is. Daartegenover staat in die wereld de Kerk des Heeren, als een nachthutje in de komkommerhof. Voor het oog van de wereld onbetekenend en niets zeggend. En toch — daar draait nu alles om. Het kan met vrees vervullen, ook bij de verbroken en verdeelde Kerk des Heeren, dat ze onder de voet zullen worden gelopen. Maar de Heere zal Zijn Kerk bewaren tot aan het eind der eeuwen. Hij staat boven alle techniek, boven alle rumoer der volkeren. Vrees niet, roept Hij ze toe, Ik heb de wereld overwonnen. Wat een troost, voor dat gezegende volk! Ze mogen wel eens zeggen: wat de toekomst brengen moge, mij geleid des Heeren hand. „Och, of gij ook bekendet in deze uw dag, hetgeen tot uw vrede dient" roept de Heere ons nog toe. Dan alleen zijn wij veilig. „Deze uw dag" zegt de Heere, die Hij ons nog gegeven en gelaten heeft. Niet „dit jaar", dat weer voor ons ligt, maar „deze uw dag". Er is haast bij. Opdat we ons tot Hem zouden bekeren en leven.

RONDKIJKER.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 9 januari 1959

Daniel | 8 Pagina's

Bij het nieuwe jaar

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 9 januari 1959

Daniel | 8 Pagina's