JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Bij de verkiezing van een nieuwe paus

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Bij de verkiezing van een nieuwe paus

9 minuten leestijd

RONDKIJK

De paus is dood — paus Pius XII heeft het tijdelijke met het eeuwige verwisseld. Hij is intussen al begraven. De „heilige vader", „de stedehouder van Christus", sterft als ieder ander sterveling. Zijn „onfeilbaarheid" vermag hem niet in het leven te behouden. Al sterft de paus — het pausdom blijft. Daar is Rome's organisatie wel op gericht. Men is op het ogenblik bezig een nieuwe paus te kiezen; de hele wereld houdt er zich mee bezig hoe dit afloopt en wie het zal worden. Uw rondkijker kwam dit ook in het vizier; hij wil daarom in 't kort vertellen hoe het kiezen van een nieuwe paus toegaat. De dwaasheid van het roomse on-en bijgeloof komt er wel in uit.

De eigenlijke naam van de overleden paus was Eugenio Maria Guiseppe Govani Pacelli, die op zijn 63ste verjaardag, 2 maart 1939 tot 261ste paus der rooms-katholieke kerk werd verkozen. Het was ongetwijfeld een zeer knap man, die een belangrijke rol op het wereldtoneel heeft gespeeld. Ik ga dat hier maar voorbij. We hebben in deze rubriek al meer geschreven, dat de kerkelijke macht van Rome grote invloed uitoefent op de wereldlijke macht. Die invloed blijkt wel als we uit de bladen vernemen, dat uit alle werelddelen door de staatshoofden condoleantie-telegrammen naar het Vaticaan zijn gezonden. Ook uit Nederland door onze Koningin en minister-president dr. Drees. Zo buigt men ook in ons staatsbestel voor de macht van Rome.

De nieuwe paus wordt gekozen door kardinalen. Dat zijn de voornaamste raadsleden en medehelpers van de paus in het bestuur van de roomse kerk. Het woord kardinaal komt van het Latijnse woord cardinalis, wat voornaamste betekent. Ze worden door de paus gekozen, zeventig in getal, waarin men Mozes wil nadoen, die 70 oudsten aan zijn zijden had. Er zijn 6 kardinaalbisschoppen, 50 kardinaalpriesters en 14 kardinaal-diakenen. De onderscheidingstekenen bestaan uit een rode of purperen toga, als symbool dat men de kerk met het offer van zijn bloed moet beminnen. Dan de kardinaalsring met saffier, als zinnebeeld van de innige verbinding met de kerk en de rode kardinaalshoed met lage bol en brede platte rand, die door de paus persoonlijk wordt uitgereikt.

Bij het sterven van Pius XII waren er geen 70 maar slechts 55 kardinalen; met de benoeming bij sterfgevallen e.d. was hij daarin in gebreke gebleven. Hij bleek daarin zo zijn eigen opvattingen te hebben, wat hem door de roomse prelaten wel is kwalijk genomen. Maar de paus heeft nu eenmaal de oppermacht.

Bij de dood van de paus zijn de kardinalen uit alle werelddelen opgeroepen om (uit hun midden) een nieuwe paus te kiezen. Sommigen van hen konden de reis naar Rome niet meer maken, wgens te hoge ouderdom. Tien dagen na het overlijden moeten zij volgens het tweede concilie van Lyon (1274) samenkomen in het Conclaaf, een kamer in het Vaticaan te Rome, die geheel van de buitenwereld is afgesloten. De trappen en gangen worden tijdens de verkiezing zelfs bewaakt, deuren worden gegrendeld en de vensters met gordijnen gesloten.

Extra voorzorgen worden dan genomen voor het geval het conclaaf door het mislukken van de stemmingen lang zou duren. Voorraden voedsel zijn aangelegd, ook medicamenten indien een der kardinalen onwel zou worden. Tijdens de pauskeuze hebben n.1. tussen de 2 a 300 personen intrek in het conclaaf genomen; iedere kardinaal heeft n.1. het recht zijn secretaris en kamerheer mee te nemen. Ook zijn er enige doktoren aanwezig.

Het contact met de wereld is volledig afgesloten, zo zelfs dat de telefoonverbindingen zijn doorgesneden. Het conclaaf begint met een plechtige zitting, waarin de kardinalen een eed afleggen, dat zij zich bij hun keuze volledig zullen houden aan de voorschriften van de kerk en volstrekte geheimhouding zullen bewaren over alles wat zich tijdens het conclaaf afspeelt.

In de Sixtijnse kapel, waar ook de stemming plaats heeft, wordt eerst een mis opgedragen door de deken van het college van kardinalen, in dit geval de Franse kardinal Tisserant. Iedere kardinaal vult daarna zijn stembriefje in, met de naam die hij tot paus wil kiezen. De gevouwen briefjes worden daarna op het altaar gelegd en geteld. Blijkt na het tellen dat geen enkele kandidaat het voorgeschreven aantal stemmen — twee derde plus één — heeft behaald, dan worden de stembriefjes in een kachel verbrand te zamen met stro. Dit geeft zwarte rook af, waarop de wachtende menigte van buitenaf kan zien dat de stemming is mislukt. Heeft men bij een der volgende stemmingen volstrekte meerderheid verkregen, worden de briefjes met wierook verbrand, waardoor een witte rookpluim uit de kachelpijp komt, wat voor de wachtenden een teken is, dat weer een nieuwe paus is benoemd.

Op het moment dat wij dit schrijven lazen we in de krant, dat er onder de wachtenden een misverstand ontstaan is. Bij het verbranden van de stembriefjes ontstond n.1. tot tweemaal toe een witte rookpluim, terwijl later bleek, dat de stemming toch was mislukt. Hoe men dit nu aan de weet kwam bij totale afgeslotenheid, werd ons niet recht duidelijk. Is het eenmaal zo ver dat een paus is gekozen, maakt deze zijn nieuwe naam bekend en wordt door de overige kardinalen een „Te Deum" aangeheven. De oudste kardinaal maakt het nieuws van het balcon van de St. Pieter bekend. Aangekondigd door trompetgeschal verschijnt even later de nieuwe paus op het balcon en geeft voor de eerste maal zijn pauselijke zegen.

Er worden tevoren allerlei gissingen gemaakt, wie de nieuwe paus zal worden. Waarschijnlijk wordt het weer een Italiaan. (De laatste niet Italiaanse paus was de Nederlander Adranus VI, die nog te Goedereede heeft gewoond. Hij overleed in 1523). Méér dan vroeger bestaat het college van kardinalen uit niet-Italianen (37 van de 55; één uit Amerika is er deze week juist overleden dus 54) achttien wonen er in Italië. Er schijnt nog al enige rivaliteit onder de kardinalen te bestaan; de eenheid der roomse kerk moet echter voor alles bewaard blijven.

Een paus moet en zal er komen; Rome moet de macht die zij op de wereld heeft behouden.

Als men de dwaasheid van de roomse leer beziet, is het onbegrijpelijk dat zij die zich Calvinisten noemen openlijk durven zeggen: „alleen de kerkmuren scheiden ons, in de hemel zien wij elkander weer." De Heidelberger Catechismus nomet de leer van Rome een vervloekte afgoderij — maar tegenwoordig mag men dat niet eens meer zeggen! Er is onder ons volk een lauwheid gevaren, dat men niet meer voor de ere Gods durft op te komen. Men is vergeten de geweldige strijd tegen Rome gevoerd, die eens het bloed der martelaren dronk. Niet alleen het communisme maar ook Rome jaagt naar de wereldheerschappij, alle vorsten en volken moeten zich buigen onder de macht van de paus. Dat onze jongeren het weten en zien en pal mogen staan voor de waarheid Gods.

— „Hoe denk jij daarover Leo? "

Dat is de titel van een bij W. M. den Hertog's Uitgeverij te Utrecht verschenen boek, geschreven door Jac. de Geus, wat zo juist is uitgekomen. Twee jonge mensen houden er een vraaggesprek in over „Jeugdproblemen"; uw rondkijker meent dat het goed is om dit boek daarom in ons Jeugdblad onder de aandacht te brengen. Dialogisch worden door Leo en Frans hier onderwerpen aangesneden, die de overweging waard zijn. In de eerste vijf hoofdstukken wordt de zondagviering bezien; niet in wettische zin, maar zoals Gods Woord en de Catechismus ons voorschrijft. In de volgende hoofdstukken wordt het licht van Gods Woord geworpen op het gebruik van de radio, op het beoefenen van sport, op het film-en lectuurvraagstuk, de wereldgelijkvormigheid enzovoort. De „problemen" die er in naar voren worden gebracht zullen misschien voor velen van onze jongens en meisjes geen problemen zijn, omdat ze er precies over denken als Leo, maar toch zullen over de diverse vraagstukken wel eens gedachten rijzen zo ongeveer als de opponent Frans te berde brengt. We worden immers met alle genoemde zaken dagelijks geconfronteerd, ze worden zo „gewoon", dat men er geen zonde meer in ziet. Daarom is het nuttig, dat door de gesprekken in dit boek gevoerd, richtlijnen worden gegeven op grond van de H. Schrift. Men kan er ook uit leren, hoe men zijn smader heeft te antwoorden. (Spreuken 27 : 11).

Ds. H. Rijksen te Vlaardingen heeft er een „Ten geleide" in geschreven. Hij zegt daarin o.m., dat men dit boek van deze jeugdige schrijvers niet moet zien als een voorschrift wat nu wél en wat niét mag. Het aantrekkelijke van dit werkje is juist, dat geprobeerd wordt onze jonge mensen eigen overtuiging, op grond van Gods Woord bij te brengen. Dat is de positieve waarde van dit geschrift.

Wij zijn dit met Ds. Rijksen ten volle eens. Met heel veel genoegen hebben wij het boekje gelezen en wensen het in veler handen. Duur is het niet, het kost maar ƒ 3.75 (gebonden). En dan zo fraai uitgevoerd! Het moge tot rijke zegen gesteld worden voor onze jeugd in deze decadente tijd van afval en verzoeking.

RONDKIJKER.

Vervolg Gisbertus Voetius

schikte punten met hem van mening verschillen. De „robies theologiae" (de razernij der theologen) was hem vreemd, in tegenstelling tot sommige van zijn collega's, o.a. Nethemus, die om zijn scheldwoorden tegen Marenius uit zijn ambt is ontzet. De balans slaat in de meeste opzichten door naar de zijde van Voetius, temeer, omdat hij met al zijn collega's in Utrecht op zeer vriendschappelijke voet stond.

Natuurlijk was ook Voetius' karakter niet vrij van vlekken. Hij speelde weieens oneerlijk spel, bijvoorbeeld, toen hij een van zijn leerlingen aanzette om tegen Cartesius te schrijven en toen het uitkwam, heftig ontkende, dat hij er iets van wist. Het woord van Jacobus „Wij struikelen alle in vele" was ook op Voetius van toepassing. Maar door zijn gebreken en ondeugden heen zien we hem als een pilaar in de kerk van de 17de eeuw, als een man bij wie het Calvinisme nog in z'n zuiverste vorm was bewaard gebleven.

Over zijn werk D.V. een volgende maal.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 31 oktober 1958

Daniel | 8 Pagina's

Bij de verkiezing van een nieuwe paus

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 31 oktober 1958

Daniel | 8 Pagina's