JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Kerkelijk besef

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Kerkelijk besef

5 minuten leestijd

(15).

Terwijl het overgrote deel van cle kerk der Afscheiding zijn standpunt wijzigde en van de rechte Gereformeerde lijn afweek, bleven cle gemeenten, die onder voortgezette vervolging gebukt gingen, wat zij waren: Gereformeerde Gemeenten onder het kruis. Zij zetten toen de historische lijn der Geref. kerk van Nederland voort.

Deze bewering is géén vrucht van kerkistisch denken, maar van kerkhistorisch onderzoek. Als we cle feiten laten spreken, zal ieder, clie onpartijdig oordeelt, deze bewering bevestigen. Niemand verdenke dus Kerkman van één of ander verborgen kerkistisch complex, want dan had hij zich niet déze naam aangemeten, maar 'n ander. Kerkman snuffelt graag in oude historische en kerkhistorische documenten en wil niets anders en

niets liever dan de historische waarheid dienen; en die documenten spreken 'n klare taal, die er niet om liegt.

Bovengenoemde bewering te (willen) ontkennen betekent: 'n ontstellend blijk geven van gemis aan recht kerkelijk besef omtrent eigen gemeenten en geschiedenis. Wie dan ook deze geschiedenis niet kent en ook geen pogingen doet ze te leren kennen (hetzij zelfstandig of in verenigingsverband), mist m.i. de bevoegdheid om hierover 'n oordeel ten beste te geven, welk oordeel dan ook vaak berust op het overnemen van zienswijzen, die andere kerkformaties of personen over onze gemeenten neergeschreven hebben; of het berust op het onnadenkend overnemen van wat zo in de loop der jaren de geijkte, de traditionele gedachtengang in eigen kring is geworden.

Er wordt zo gauw tot kerkisme verklaard, wat in wezen iets anders is, n.1. het hebben van 'n bezonken, gefundeerd kerkelijk standpunt. Kerkelijk besef is, wat we zouden kunnen noemen: de gulden middenweg, het maathouden bij het bepalen, waar wij staan en waar anderen staan. Vatten jullie dit bewandelen van deze middenweg nu alsjeblieft niet op als 'n soort „compromis, " als , , 'n beetje geven hier en wat nemen daar", want dat is het zeer beslist niet.

Nu kan men aan twee kanten van de weg afgaan: naar links en naar rechts. Wie naar links loopt, komt op het on-kerkelijke pad terecht: het ontbreken van kerkelijk besef, het niet (meer) kerkelijk meeleven, het zich-los-voelen. Wie naar rechts wijkt, komt terecht bij het overdreven kerkelijk standpunt: het kerkisme, dat eigen kerk als het enig bestaanbare, het enig onfeilbare en het alles overheersende beschouwt, dat door dik en dun alles wil goed praten (ook het kromme) en dat zelfs eigen mensen, die het met dit surplus aan overkerkelijke ideeën om des gewetens wil niet eens kunnen zijn, aan het verketteren slaat. Aan wat kerkisme eigenlijk is, waarin het wortelt en wat de wrange vruchten ervan zijn, wil ik t.z.t. wel eens 'n aparte studie wijden, als dit n.1. in het kader van deze reeks aan de orde komt. Voorlopig bepaal ik me meer bij de behandeling van „de linkerzijde", om onze jeugd te laten zien, wat juist kerkelijk besef is.

In deze dagen van groot kerkelijk verval allerwegen dienen wij — indien wij aanspraak menen te mogen laten gelden op ne naam van nazaten der Gereformeerden uit de vorige en de daaraan voorafgaande eeuwen — pal te staan en onverwijld, zonder één moment verloren te laten gaan door weifelend te willen afwachten — de wacht te gaan betrekken bij ons gehele opgroeiend geslacht (let wel: het gehele jonge geslacht, niet bij 'n zeker klein deel of bij 'n bepaalde leeftijdsgroep alleen!) om ze te brengen van 'n apathisch „links" naar 'n warmvoelend „midden", naar 'n weldadig aandoend kerkelijk meeleven.

Dit kan echter alleen, als wij zelf warm zijn hiervoor, als wij bij onszelf voelen het trillen van de harteklop voor eigen kerk en al wat daarmee verbonden is, zonder nochtans in het andere uiterste („rechts") te vervallen van alles te willen verdoezelen en te verzwijgen, wat ronduit fout is, alleen maar omdat het eigen kerk geldt. Géén tweeërlei maatstaf: één groot meetlint voor andere kerken en personen en nog ééntje, 'n speciaal lineaaltje voor onszelf, want dit is — Bijbels gezegd — voor den Heere 'n gruwel.

Als wij op de rechte wijze het kerkelijk besef in ons omdragen, zullen we — bij bewaring en verdediging hiervan — ook heus wel cle band voelen en aankweken met hen, die — hoewel buiten ons kerkverband staande — toch in eenheid van leer ons zeer na staan.

Niemand van ons zal toch durven beweren, dat wat wijlen ds. Kersten cursief liet drukken in het „Kort Historisch Overzicht" (blz. 17, begin 18): „Die kerken onder het kruis zijn dus de voortzetting van 1834 en daarmee van de oude Nederlandse Kerk", 'n kerkistische gedachte geweest zou zijn, omdat zijn hele leven vaak 'n strijd is geweest vóór „samen-binding", samen-voeging, bundeling, bijeen-vergaderen van wat wezenlijk bijeenhoort op alle terreinen des levens. Hij vertolkte daarmee het juiste, aloude kerkelijke standpunt onzer gemeenten: niet zij, die in het Herv. genootschap van 1816 bleven, nog minder zij, die de Afscheiding bestreden en de leer der zaligheid gram waren; ook niet meer zij, die het eenmaal ingenomen standpunt van 1834 lieten varen, zijn de ware voortzetting van de aloude vaderlandse kerk; maar de rechte historische lijn is doorgetrokken cloor (en dus te zoeken èn te vinden bij) de Kruisgemeenten, die zich geheel en onvoorwaardelijk bogen voor het ene, ware gezag in cle Kerk: Christus en Zijn getuigenis.

De kerken onder het kruis waren blind voor de toekomst: vervolging en leed zouden zij nog ondergaan, evenals in de eerste jaren der Afscheiding. Maar zij zagen alleen op het gebod, het grote gebod: „God (Zijn Woord, dienst, zaak) liefhebben boven alles!" En zo zongen zij soms in hun door de overheid verboden kerkdiensten:

„Ilij zal eeuw int, eeuw in regeren, Zijn oog bewaakt het heidendom. Hij zal d' afvalligen vernêren, Hij keert hun trots' ontwerpen om"

p.a. Adm. „Daniël", R. v. Catsweg 244a, Gouda.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 februari 1958

Daniel | 8 Pagina's

Kerkelijk besef

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 februari 1958

Daniel | 8 Pagina's