Kerkgeschiedenis
•e. Wij zijn nog altijd bezig met de behandeling van de Reformatie in de Nederlanden in de le helft der 16e eeuw. Gelijk wij gezien hebben, draagt deze een eigen karakter.
Men clenke dus niet, dat al aanstonds een calvinistisch stempel op deze landen gezet werd. Trouwens dat kon ook niet. Calvijns Institutie b.v. verscheen pas in 1536. Het calvinisme zien wij meer in de 2e helft der 16e eeuw verschijnen, waarbij wij alweer moeten bedenken, dat onze landgenoten ook toen niet allen Calvinist werden; het was maar een betrekkelijk kleine groep; waarvan echter een grote kracht uitging, een taaie weerstand.
Deze nederlandse Reformatie had •. een eigen karakter. Men noemt haar daarom tegenwoordig wel eens nationaai-gereformeerd.
Men zij dan echter al weer voorzichtig met dat woord „gereformeerd", alsof het van gelijke betekenis is als „calvinistisch, " of „zwingliaans" of „luthers."
In ons vorig artikel wezen wij al op invloeden van Zwingli en Luther. Dr. Eerkhof spreekt van reformatorische plus humanistische motieven, een vermenging dus. Priesters en bijbels-humanistische rectoren van de latijnse scholen deden ijverig mee aan de reformatorische beweging in onze landen.
Zo ontstond hier een eigen reformatorisch type, waarin de namen Bullinger en Melanchton genoemd moeten worden.
Bullinger was in Zwitserland de opvolger van Zwingli en trad in later jaren in voortdurend contact met Calvijn. Het ging er dus om tot een consensus, een overeenstemming te komen wat betreft het H. Avondmaal, waarover bittere srijd met de Luthersen was.
Melanchton, de medewerker van Luther zoals wij weten, is bekend geworden door zijn synergisme. Beiden waren, het blijkt al uit hun standpunt, van een milde geest.
De invloed van beiden kwam uit in de persoon van Anastasius Veluanus. Hij heette eigenlijk Versteghe en was pastoor te Garderen. (op de Veluwe). Hij heeft later, in 1554, een boek geschreven „Der Leken Wegwyser, " een werk, dat vooral in het O. van ons land veel gelezen werd.
Het is een soort nederlandse dogmatiek. Het blijkt, dat hij over het Avondmaal net zo dacht als Zwingli (de symbolische opvatting), de predestinatie afwees en verder erasmiaanse invloeden vertoonde. Interessant is wat genoemde schrijver als zijn gevoelen meedeelt omtrent de verhouding Kerk en Staat.
Nationaal-gereformeerd: in dit kader passen ook uitnemend de nederlandse bijbelvertaling van Jacob van Liesveld (zie vorig artikel), de nederlandse psalmberijmingen van Utenhove van Gent, van Willem van Zuylen van Nyeveldt en die van Petrus Datheen.
Bij de behandeling van het 2e gedeelte van deze eeuw, komen wij er nader op terug.
f. Ook voor de reformatie in deze landen, evenals voor die in Duitsland (en Zwitserland) was een gevaarlijke intermezzo de doperse beweging.
Bij de behandeling van deze volksbeweging moet men danig oppassen, en niet alles en allen over een kam scheren. Er zijn natuurlijk gemeenschappelijke kenmerken. In de Dopersen leefde de geest van het oude Montanisme, waartegen reeds Augustinus in zijn dagen gestreden had. Zij wilden een kerk van louter wedergeborenen; verwierpen de kinderdoop en bediende de volwassenen doop, na waarachtige bekering; niet alleen de H.S. maar ook het zogenaamde „inwendig licht" dus de rechtstreekse ingeving van de Heilige Geest was kenbron der Waarheid, wat natuurlijk tenslotte moest leiden tot verwerping der H.S.
Christus had Zijn menselijke natuur niet uit Maria, maar uit de hemel; want Christus mocht volgens hen geen deel hebben aan de natuur. Het natuurlijke was immers toch bij hen zondig.
Met onbekeerden mochten zij niet omgaan en zo kwamen zij buiten het natuurlijk leven te staan.
Hun ethiek was wettisch; zij wilden leven volgens de Bergrede. »
» Uit dit wettisch heiligings streven vloeide voort, dat zij wachtten op de komst van het Duizendjarig Rijk. Daarom mistrouwden zij de staat; deze was alleen goed om misdadigers in de toom te houden, maar daarmee af. Met staatsambten hielden zij zich niet op; ook niet met de eed; dat paste niet bij deze heiligen, bij de genade, dat was alles natuur.
Verder behoorde tot hun leer het geduldig dragen van alle onrecht en geweld, ook van de zijde van de Overheid.
Zo worden de kenmerken van deze Dopersen opgegeven. En zoals wij al schreven: de ene Doper was de andere niet. Maar: de geschiedenis heeft bewezen dat het Anabaptisme een bron van geestdrijverij was, van revolutie, van een strecen naar sociale omwentelingen van een strijd tegen wat de Dopersen noemden „de goddelozen."
Ook onze landen hebben bitter ervaren, wat deze beweging in haar vruchten opleverde; ellenden, die haar hoogtepunt bereikten in het treurspel van Münster.
Het was de Doper Melchior Hoffman, die in 1531 op zijn rondreizen in Amsterdam kwam.
In Straatsburg had hij zich laten herdopen en organiseerde er een gemeente, door het publiek Melchiorieten genoemd. Zij zelf noemden zich de „Bondgenoten." Hij leefde sterk onder de spoedige wederkomst van Christus. Zijn aanhangers beschouwden hem als de Elia, die aan de komst van Christus voorafging. Hij was in zijn ogen de getuige Gods, die voor de zesde maal de bazuin geblazen had!
Bij het zevende bazuingeschal zou Christus uit de wolken dalen, omgeven door legioenen engelen. Met deze boodschap trok hij West-Duitsland door en ook Nederland, getuigend en dopend.
Verder stond hij een apostolische gemeente voor met het „al de goederen gemeen." Let wel: Hoffman was geen agressieman zoals de gevaarlijke Thomas Münzer; maar zijn navolgers des te meer.
Hoffman kwam dan te Amsterdam, maar bleef er niet lang. Trypmaker werd zijn apostel en vormde er een gemeente van „Bondgenoten."
Deze gemeente zou de vervolging niet ontgaan. Van uit Den Haag werd aan de schout van Amsterdam gelast Trypmaker gevangen te nemen; maar de schout had daarin niet veel zin. Herhaaldelijk liet hij Trypmaker door zijn dienstbode waarschuwen onder te duiken. Maar Trypmaker was een wonderlijk heer, hij wilde niet. Tenslotte heeft de schout hem naar Den Haag moeten zenden en daar is hij met nog acht anderen onthoofd, (dec. 1531).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 8 november 1957
Daniel | 8 Pagina's