JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

RONDKIJK

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

RONDKIJK

11 minuten leestijd

Vijftig jaar Ger. Gemeenten Het klinkt een beetje vreemd: „Vijftig jaar Ger. Gemeenten" want in werkelijkheid bestaan de gemeenten veel langer. Zij zijn voortgevloeid uit de Ledeboeriaanse en de Ger. Gemeenten onder het Kruis en het was op 9 oktober 1957 precies een halve eeuw geleden, dat deze gemeenten verenigd werden onder de naam Ger. Gemeenten. In feite Geref. Gemeenten in Nederland — want in Amerika wonen we niet, placht ds. Verhagen te zeggen. Dit historische feit is op 9 oktober j.1. op historische bodem herdacht; in dezelfde kerk aan de Boezemsingel, waar deze vereniging werd bekrachtigd. Er hebben op die dag twee samenkomsten plaats gehad; een des voormiddags waar de nestor van onze predikanten ds. A. Verhagen van Gouda heeft gesproken en een des middags, waar ds. L. Rijksen en ds. Hegeman het woord hebben gevoerd. De meeste predikanten der Ger. Gemeenten waren aanwezig (behalve enkele die ziek waren) alle studenten van de Theol. School en afgevaardigden van kerkeraden uit alle delen van het land.

Het ligt niet in de bedoeling van uw rondkijker, die deze herdenking heeft meegemaakt, om een volledig verslag van deze samenkomsten te geven; zoals bekend mag worden geacht, worden de redevoeringen in druk uitgegeven. Maar van dit heugelijke feit dienen we ook in ons Jongelingsblad gewag te maken, om de historie te laten spreken en bij Gods grote daden in onze gemeenten gewrocht, een ogenblik stil te staan. Ds. A. Verhagen had voor deze gelegenheid een wel zeer treffende tekst gekozen, n.1. Gen. 49 : 22 en 24 en bepaalde zijn gehoor bij: Jacobs zegen omtrent Jozef', waarbij hij ten le stilstond bij een treffende beeldspraak en ten 2e bij een rijke stof ter gedachtenis.

Spr. gaf een schets van de onvergetelijke ure aan Jacobs sterfbed, waar de doodgewaande Jozef stond, die zulk een rijke zegen kreeg toegezegd. Het dubbele deel: heerschappij over zijn broederen? God heeft het bevestigd; mannen van betekenis zijn uit zijn geslacht voortgekomen; de richter, Gideon, maar ook een scheurmaker, Jerobeam. Niet alleen tijdelijke, maar ook geestelijke zegeningen zijn hem geschonken; de vreze Gods was reeds in zijn jeugd zijn deel. Ds. Verhagen tekende Jozef als een schaduwbeeld van Christus; in zijn diepe vernedering maar ook in zijn verhoging. Hem is veel bitterheid en geweld aangedaan, door zijn eigen broers werd hij in de put geworpen! Spreken dan geen bloedbanden meer? aldus stelde spr. de vraag. Ondanks dat de schutters hem beschoten is zijn boog in stijvigheid gebleven. Hij werd gesterkt door de Machtige Jacobs, hij wordt gezegend als een herder en een steen Israëls.

Ds. Verhagen trok een parrellel met het leven, de strijd en de moeite van Jozef, met dat der Geref. Gemeenten in de afgelopen 50 jaren. De Heere heeft zich in alles getoond als een trouw houdend God. Rijke stof is er aldus spr. om te herdenken wat de Heere gedaan heeft.

Op 9 en 10 oktober 1907 is in het kerkgebouw aan de Boezemsingel een grote algem. vergadering gehouden, waar afgevaardigden van 22 gemeenten van ds. Ledeboer en 14 van de Geref. Gemeenten onder het Kruis bijeenkwamen. De definiteve akte bestaande uit 13 artikelen (vastgesteld door 19 deputaten 25 juli 1907) werden akkoord verklaard en de vereniging bekrachtigd. „Wij zijn" — zo schreef ds. G. H. Kersten bij het 40 jarig bestaan der vereniging — „met de beide kerkformaties niet saamgeregen, maar saamgegroeid" en wij mogen aldus ds. Verhagen de Heere groot maken, dat die vereniging toen is tot stand gekomen. De schutters hebben haar wel fel beschoten, vooral in de laatste tijd, wat tot droefheid stemt, maar ondanks die bitterheid is de boog in stijvigheid gebleven, omdat de handen gesterkt werden door de Machtige Jacobs.

God heeft onder de bediening des Woords veel rijke getuigenissen gegeven; hartelijk en sterk was-de band onder het volk. Spr. moest ten deze wel uitroepen dat de eerste liefde was verlaten en alles zo ver weg is.

Vijfentwintig leraren zijn in die 50 jaar ten grave gedaald, onder wie ook student van Dijke te Tholen. Er onttrokken zich 8 leraren, waarvan de meeste gekweekt op de eigen Theol. school, die geknield hebben gelegen en gezegd hebben te zijn geroepen in de Ger. Gemeenten maar de band hebben verbroken. Twee dienstdoende leraren moesten uit het ambt ontzet; één is lid van de Geref. Gemeenten gebleven. Spr. herdacht ook ds. Hagesteijn die reeds lang ziek is en zulk een zware lijdensweg heeft. (Ds. Hagesteijn is vrijdag 18 oktober te Vlaardingen overleden en aldaar woensdag j.1. onder grote belangstelling begraven). Thans zijn er 19 dienstdoende predikanten en 9 studenten aan de Theol. school, waarvan er vier proponeren.

Staande voor de toekomst zei spr. dat Christus zijn kerk zal in stand houden. Jezus leeft! De schutters zullen blijv» n schieten — Jozef schoot scheer nooit terug. Dat is wel opmerkelijk.

Laten we onze rug voDr een brug geven; de Machtige Jacobs zal zeker Zijn kudde bewaren en behoeden. Terugziende willen wij niet hoog van de toren blazen — als we het leven van 50 jaar geleden met nu vergelijken, kunnen we wel een klacht aanheffen zei spr. tot besluit. Er is een geslacnt gekomen dat Jozef niet kent, het volk Israëls heeft daar van geweten!

Spreker richtte ook een vermanend woord tot de jeugd en wenste dat er maar veel gevouwen handen mochten zijn, daarmee kan men niet vechten. Het verheugde hem dat er weer enige predikanten uit Amerika waren gekomen naar de Hollandse Gemeenten; hij maande te blijven staan op de grondslag van de vereniging en te blijven bij de leer der vaderen. Het is niet zo, dat er door ons gepredikt wordt om de genade maar aan te grijpen, verre van dat. Maar als er niets aan te bieden is, kunnen wij de kerk wel sluiten zei spreker die eindigde met de hartelijke wens dat er gebondenheid zou blijven aan het onveranderlijke Woord Gods en een gebondenheid ook aan elkander.

Een stuk historie

In de middagdienst heeft ds. L. Rijksen van Rotterdam-W. gesproken naar aanleiding van het tekstwoord uit 2 Samuël 22 : 47: De Heere leeft en geloofd zij mijn rotssteen en verhoogd zij God, de Rotssteen mijns heils." Het onderwerp hier is Davids, lof-en danklied zei spreker. David is in zijn leven in veel benauwdheden geweest, maar met zijn God nooit teleurgesteld uitgekomen. Daarom kon hij Hem loven. En op deze gedenkdag kunnen ook wij wel uitroepen: Ten ware de Heere, die bij ons geweest is, als de mensen tegen ons op stonden, zij zouden ons levend hebben verslonden."

Ds. Rijksen gaf daarna een historische schets, eerst van de Kruisgemeenten, daarna van de Ledeboeriaanse gemeenten en zette uiteen op welke wijze de vereniging in 1907 is tot stand gekomen. Uiteraard moeten wij ons wegens plaatsruimte in ons blad "bekorten, zodat we van deze redevoering slechts enkele punten aanstippen.

Ds. Rijksen begon bij de jammerlijke toestand van de Herv Kerk in 1816 en bij de Koninklijke Besluiten van dat jaar, waarbij geheel in strijd met het gereformeerde kerkrecht de belijdenis geweld werd aangedaan en de leertucht verboden. Daardoor ontstond het conflict te Ulrum onder ds. H. de Cock, die met zijn gemeente werd uitgeworpen. Al kende de Grondwet vrijheid van godsdienst, er ontstond een bittere vervolging met zware boeten en soms mishandeling voor hen die een prediking wilden horen waarin God op het hoogst verheerlijkt de zondaar op het diepst vernederd en een levende Christus werd verkondigd, Later werden er condities gesteld voor vrijheid van vergaderen voor „onwettige godsdienstige vergaderingen, " waar bij slechts een gering aantal personen (19) mochten tegenwoordig zijn. De strijd was zwaar. Utrecht begon vrijheid aan te vragen en andere gemeenten, die de strijd moede waren, volgden. Zelfs ds. Brummelkamp en ds. v. Raalte gingen mee. Eerst verzette ds. de Cock zich nog, deze nam later een gematigd standpunt in. Ds. Scholten ontwierp een nieuwe kerkorde, die men aanvaardde. Vele gemeenten echter verzetten zich tegen de vrijheidsaanvrage; Meerdere gemeenten verbraken de band met de Afgescheiden gemeenten, vanaf 1837 dateren dan ook de Geref. Gemeenten onder het Kruis. De afwijking in de leer was mede een van de oorzaken, waarbij het voornamelijk om de volgende punten ging:

1. De leer omtrent de staat der rechtheid.

2. Over de betekenis en diepte van de val.

3. Ontkenning van de onmacht des mensen.

4. Uitwendige en inwendige roeping.

5. Noodzakelijkheid der wedergeboorte.

6. Verwerping van het onderscheid tussen een zichtbare en onzichtbare kerk.

7. Nieuwe inzichten over H. Doop en H. Avondmaal.

8. Een algemeen en welmenend aanbod van genade aan allen, zonder onderscheid.

Ook kwam de rechte leer aangaande het Verbond der genade in het gedrang. Ds. de Cock en ouderling Schouwenburg protesteerden tegen deze leerbegrippen. Er is terdege onderscheid tussen bekeerd en onbekeerd, alsook tussen uitwendige en inwendige roeping. T.o.v. het welmenend aanbod van genade vloeiden onze vaderen niet door betoogde ds. Rijksen. Wijlen ds. Kersten heeft het in het kort begrip zo duidelijk behandeld. zie (blz. 46 en 50). Hoe kan de Heere het welmenend aanbod tot zaligheld aanbieden? Omdat Gods eer boven onze zaligheid staat. Een inwendige roeping is noodzakelijk, waarvan men niets wilde weten. Hoksbergen en Schouwenburg hielden aan de aloude beginselen vast, waaruit de kruiskerken ontstonden. De eerste vergadering werd gehouden 18 juli 1838.

In het verdere van de rede werden namen genoemd als ds. Corn. v. d. Oever, ds. Pieneman, ds. A. Jansen, ds. Fransen; ds. Roelof sen, ds. v. Oordt, ds. Kersten, ds. Makkenzie, ds. den Hengst, ds. Barth, ds. Minderman, ds. Vreugdenhil die zich bij de kruisgemeenten aansloten.

Daarna ging ds. Rijksen de historie na van het ontstaan der Ledeboeriaanse gemeenten Ds. Ledeboer werd de Herv. Kerk uitgeworpen en 21 jan. 1848 afgezet. Het was een man van grote zelfverloochening al was hij geen man van de scheiding. Het duurde dan ook lang eer ds. Ledeboer tot stichting van gemeenten overging. Ds. R van Dijke te St. Philipsland werd door hem in de dienst des Woords geordend.

Deze twee kerkgroepen groeiden naar elkaar toe. In 1905 deed men poging tot vereniging, die echter mislukten. Eerst in 1907 kwam de fusie tot stand. Ds. Boone van St. Philipsland, die aanvankelijk instemde, trok zich terug en met hem een aantal gemeenten. In 1930 kwam het tot een conflict met de 2 predikanten Gebr. Overduin inzake het eenzijdig drijven van de leer der besluiten. Zij verlieten onze gemeenten en werden zelfstandig. Voorts releveerde ds. Rijksen de opleiding voor de dienst des Woords, de opening van de Theologische School 13 juni 1927. Op onderwijsgebied zijn 35 l.o. scholen, vier Ulo scholen; een V.G.L.O. en enige kleuterscholen. Belangrijk is ook de eigen kweekschool „De Driestar" te Gouda met internaat, die thans voor Rijkssteun in aanmerking komt. Er zijn 3 bejaarden tehuizen (Rotterdam, Yerseke, Middelburg) en te Nunspeet een Kindertehuis. Spr. vertelde een en ander van de Zendingsactie en de correspondentie met de gemeenten in Amerika.

Door een leergeschil verliet ds. Kok van Veenendaal onze gemeenten. Ds. P. v. d. Bijl kwam vanuit de Chr. Ger. Kerk tot ons over. Met leedwezen moest ds. Rijksen ook melding maken, hoe in 1953 enkele predikanten onder leiding van dr. Steenblok de Synode verlieten. Ook ds. Ligtenberg ging heen. Als diepste oorzaak voor deze afscheiding noemde spr. dit „zelfhandhaving en het voeren van heerschappij over het erfdeel des Heeren." Spr. betreurde dit zeer en drukte de wens uit, dat in de rechte weg mocht worden samengevoegd wat bij elkaar hoort.

De laatste spreker was ds. C. Hegeman van Genemuiden die een historisch overzicht gaf van de Geref. Gemeenten in de Verenigde Staten van Amerika en Canada. Er zijn thans 21 gemeenten en 5 predikanten. De tijd dat ds. Hegeman in Amerika is geweest heeft hij ook benut om bijzondere studie te maken van het ontstaan van deze gemeenten in dit werelddeel. De ruimte in ons blad laat niet toe hierover een uiteenzetting te geven. Zeer interessant was wel, wat ds. Hegeman uit een oud notulenboek naar voren bracht. Deze herdenkingsdag op woensdag 9 oktober 1957 was een blijde maar anderzijds een droeve dag. Een blijde, omdat er grote saamhorigheid, gebondenheid en eenheid aan elkandes werd gevoeld, maar anderzijds droef vanwege de scheuring die onder ons plaats had. Te roemen was waarlijk niet oirbaar, wat ook niet werd gedaan. Alleen de grote daden Gods geprezen en Die is het eeuwig waard! Gods knechten hebben die 50 jaar onder ons mogen arbeiden en zij doen dat nog. En velen mochten onder de bediening worden toegebracht. Daar is een wolke van getuigen, van wie reeds velen juichen voor den Troon. Ondanks tegenstand, moeite en zorg, zal de Heere met Zijn Kerk blijven. Hij heeft het toegezegd tot allen die Sion niet gram zijn: „Ziet, Ik ben met ulieden, tot aan de voleiding der wereld."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 25 oktober 1957

Daniel | 8 Pagina's

RONDKIJK

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 25 oktober 1957

Daniel | 8 Pagina's