JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Kerkelijk besef

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Kerkelijk besef

9 minuten leestijd

(7).

De brievenrcgen, die ik verwachtte, is nog wel niet in volle omvang neergekomen, maar de eerste grote druppels kondigen wellicht de grote bui aan. Hoewel ik mij voorgenomen had, de draad van mijn betoog weer op te vatten, waar ik hem in artikel no. 5 even had neergelegd (terwille van cle vacantietijd), komt het mij noodzakelijk voor, nu eerst de binnengekomen brieven te behandelen, daar verschillende lezers anders zouden kunnen gaan denken, dat ze geen antwoord meer kregen. En het is juist de bedoeling van deze rubriek een uitwisseling van gedachten onder ons tot stand te brengen. Er steekt immers totaal geen kwaad in, als wij eerlijk en openhartig als lezers onder en met elkaar spreken en schrijven over de dingen, die het kerkelijk besef onder ons betreffen. Bij die gedachtenwisseling zal het best wel eens vóórkomen, dat iemand over een of ander punt een andere mening, een eigen gedachte heeft. Dit is heel niet erg. Beter 'n andere mening dan in 't geheel geen mening. Maar als we onze eigen mening hebben, moeten we die ook kunnen verdedigen. We moeten kunnen bewijzen, wat we menen. Het komt er dus op aan, dat we goed beslagen ten ijs komen, waaruit onze vriendschappelijke discussie kan ontstaan.

Door een discussie kan een meningsverschil tot oplossing komen. Doen we dit niet, dan blijven de onjuiste meningen voortbestaan en wordt het op de duur een menings-chaos, waarbij niemand gebaat is, allerminst het kerkelijk leven. We behoeven hierbij gans niet bang te zijn, clat — als wij op rustige toon ons eigen kerkelijk standpunt uiteenzetten, zoals clit hoort en zoals elke andere kerkformatie in zijn jeugdbladen reeds lang vóór ons gedaan heeft en nog steeds doet — clit tot ruzie, twist of strijd aanleiding zal geven. Het gaat er slechts om, hoè we zulks doen.

Er is al kerkelijke twist genoeg in en buiten ons land. Maar laten we even vaststellen, clat die er in meerdere of mindere mate altijd geweest is en dat die er ook wel blijven zal hier op aarde. Gods kerk op aarde is ook in dit opzicht en in deze bedéling altijd een strijdende kerk. Zij heeft te strijden tegen alle valse leer en vóór de waarheid. Doet ze dit niet, clan verloochent zij een belangrijk deel van haar opdracht. Zong ds. Ledeboer al niet:

„Wij strijden voor de Dordtse omdat zij is van God, den Heer." leer,

Nogmaals: wij wensen geen onderlinge strijd van binnen aan te wakkeren, maar wel verlangen we vurig, dat onze jeugd aangegord moge worden met kracht van boven, opdat zij als geharnaste krijgers lere strijden naar buiten tegen alles, wat zich tegen de onwankelbare waarheid Gods verheft. De zonen der jeugd dienen hun pijlkoker goed gevuld te hebben met pijlen, zoals een held die heeft. Dan zullen de ouderen niet beschaamd worden, als er met de vijanden (van de waarheid) in de poort (openlijk dus) gesproken moet worden.

Kunnen we onze mening en ons kerkelijk standpunt niet verdedigen, wat doen we dan eigenlijk op glad ijs? Om dit te voorkómen, dienen wij ons juist in onze jeugdjaren toe te leggen op het onderzoek van de waarheid. Alles dient hierbij samen te werken: de opvoeding thuis, de school, de kerk, de catechisatie en de jeugdvereniging. Niet één van deze schakels in deze ketting kan gemist worden. Zij dienen alle op elkaar aan te werken en in elkaar te grijpen.

Zoals ik meedeelde, maken alle ontvangen brieven van lezers met dankbaarheid gewag van 't feit, dat deze openhartige gespreksrubriek geopend is. Enige zinsneden uit brieven onderstrepen de bedoeling van de rubriek: „Het is actueel en voorlichting gevend."

Op die voorlichting immers komt het aan. Die heeft onze opgroeiende jeugd broodnodig, want anders verliezen wij diezelfde jeugd, de toekomstige kerk. Een andere briefschrijver zegt: „Dit soort onderwijs hebben wij allen nodig, want cle onwetendheid is schrikbarend, " „Ga alstublieft op dezelfde voet door met het uiteenzetten van ons kerkelijk standpunt." Meer citaten zal ik niet overnemen, claar deze drie voldoende en volledig weergeven — meer clan mijn eigen woorden het doen kunnen —, wat er leeft in onze jeugdkringen en bij hen, die zich voor de jeugd medeverantwoordelijk weten, en clie alle tot uitdrukking brengen, wat er nodig is.

Thans volgt beantwoording van binnengekomen brieven. Rekening houdend met cle mij toegekende plaatsruimte, moet ik elke brief zo beantwoorden, dat er met weinig woorden veel gezegd wordt.

Allereerst een lezer uit Wolfaartsdijk. Van uw lange brief heb ik goede nota genomen en ik hoop t.z.t., als de door u genoemde punten aan cle beurt van behandeling zijn, van uw opmerkingen gebruik te maken. Dat vindt u wel goed, zeker?

Hetzelfde wil ik vragen aan een lezer uit Sliedrecht. Ook uw opmerkingen zijn de overweging waard. Omdat er kerkelijk besef ontbreekt, durft men gerust de leesdiensten (clie ook „diensten des Woords" zijn) te veronachtzamen, om van verachten maar niet te spreken en gaat men her en der om elders een goede dominee te horen. Zeer juist merkt u op, clat zulke mensen eigenlijk lid van een dominee zijn in plaats van lid van een kerk. In de verdere behandeling van de rubriek hoop ik aan uw brief cle vereiste aandacht te besteden. Zie de volgorde der punten van behandeling, in mijn eerste artikel aangestipt. U leest D.V. wel nader over uw brief. Accoord hiermee?

Lezer uit Zeist, het boek „Kruisdominees" van Dr. F. L. Bos is mij bekend. Eén opmerking: Dr. Bos is niet — zoals u meent — in Delft, maar in Vlaardingen Gereformeerd predikant. Hij is een telg van een bekend predikantengeslacht in cle Geref. Kerken, die zeer veel over de Al scheidings geschiedenis geschreven heeft. Dr. F. L. Bos heeft meer boeken dan het door u genoemde op zijn naam staan. Het boek „Kruis-dominees" is zeer oriënteel geschreven, maar we moeten ook dit werk met oordeel des onderscheids lezen. Denkt u daaraan? U hebt gelijk, dat dit boek een bredere lezerskring verdient onder ons. De jeugdverenigingen kunnen er prachtig materiaal voor schetsen uit putten. Vriendelijk dank voor uw schrijven.

Lezer uit Lisse, veel dank voor uw bemoedigend schrijven. Het is maar al te waar, dat de mensen zo weinig weten van eigen kerk en nog minder van andere Gereformeerde kerkformaties. Er moet daarom bij ons vèèl meer gelezen en onderzocht worden. Geen klakkeloos lezen, maar nadenkend lezen. We moeten ons op de hoogte stellen van wat er om ons heen plaatsgrijpt, want we leven temidden van anderen, niet in een afgezonderde kluizenaarsruimte. Dit zich-interesseren-voor-wat-anderen-doen en-laten betekent helemaal niet hen-precies-nadoen. Het betekent veeleer: oppassen-hen-nief-na-tevolgen in sommige of vele dingen. Het betekent evenmin, dat we in farizeïstische hoogmoed ons boven hen zouden gaan verheffen en danken, dat wij niet zijn gelijk zij. Verre vandaar! Maar als deel van de Gereformeerde gezindte in ons land hebben wij acht te geven op elkaar. Evenals privépersonen zijn ook de kerken onze naasten, wier hoeder (maar ook vermaner) wij in liefde dienen te zijn.

Vervolgens een lezer uit Nieuwer ter Aa. Uw schrijven is evenzeer geschreven in de toon van dankbaarheid, dat eindelijk deze zaken onder ons eens beschreven en besproken gaan worden. Uw exclamatie: „Wat is er op dit terrein nog een geheel braakliggende oppervlakte!" beaam ik volkomen, maar ik wens met u, flat we ook meer naar de diepte mogen en kunnen afsteken, want er is nog meer te doen onder ons, zoals u cok wel zult weten. Uw opbouwende critiek, waarvoor u nog geen tijd kon vinden, die neer te schrijven, verwacht ik t.z.t. gaarne van u. Mocht u verdere wensen koesteren, wend u zich daarmee tct de redactie.

Nu ligt er een grote brief voor mij van een belangstellend lezer uit onze hoofdstad Deze lezer heeft goed nagedacht over de verschenen artikelen en dientengevolge zijn er diverse vragen bij hem gerezen. Kijk, dat is, wat we hebben moeten om de discussie op gang te brengen en levendig te houden. Uw brief kan ik niet in een paar regels afdoen, daar moet ik meer ruimte aan besteden. Vergun mij dus, dat ik D.V. een volgend maal met uw brief begin, want ik merk, dat mijn plaatsruimte bijna vol is. Alvast twee opmerkingen aan uw adres. Ik begrijp uw opmerking, clat het uw bedoeling niet is, elkaar met stekelige vragen (met bijbedoelingen) dwars te zitten. Dat merk ik al uit uw eerlijke vraagstelling.

Maar gesteld, clat er eens zo'n vraag van een ander zou binnenkomen, clan was het m.i. nog mijn plicht geweest, mijnerzijds deze vraag niet te negéren, maar hem correct te beantwoorden. Afstoten is niet de goede methode.

Ter zake! Ik waardeer uw brief zonder enige bijbedoeling zeer en u krijgt van mij een uitgebreid antwoord. Wat ten tweede uw p.s.-vraag betreft over de dissertatie van Prof. Dr. Bouwman: „Voet'ius over het gezag der synoden", welk werk cle zelfstandigheid der plaatselijke kerk behandelt, cleze dissertatie ken ik zeer zeker, doch hij is (nog) niet in mijn bezit. Ik raad u te gaan naar de Openbare leeszaal en bibliotheek in Amsterdam (Keizersgracht 444—446) en het daar aan te vragen. Hoewel ik niet het boekenbezit van cleze bibliotheek uit mijn hoofd ken, vermoed ik in vrij sterke mate, dat deze bibliotheek u al kan helpen, omdat dissertaties cloor de bibliotheken in het gehele land meestal gretig opgenomen worden. Heeft de Amsterdamse stadsbibliotheek het niet, dan bestaat de mogelijkheid, dat zij het voor u leent uit een andere bibliotheek. Enige (geringe) portokosten krijgt u dan te betalen. Ik hoop, clat u aldus het gevraagde werk binnenkort in handen en onder ogen zult krijgen. Mocht u het op de twee bovenomschreven manieren niet kunnen lenen, schrijft u dan nog even, dan geef ik u nog andere bibliotheken _ op, waar ze het vast en zeker hebben. Na cleze correspondentie nog een algemene notitie. Op mijn vraag, of er — speciaal bij onze jeugdverenigingen — animo bestond voor kennisname van de Acte van Afscheiding, heb ik nog geen reactie vernomen. Moet ik daaruit echt concluderen, clat deze acte wijd en zijd bekend is onder onze jeugd? Dat zou verblijdend zijn als teken van ontwakend kerkelijk meeleven en tot verlichting van de taak van

KERKMAN,

p.a. Administratie „Daniël", Ridder van Catsweg 244a, Gouda.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 augustus 1957

Daniel | 8 Pagina's

Kerkelijk besef

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 augustus 1957

Daniel | 8 Pagina's