VRAGENBUS
BILLY GRAHAM (vervolg)
Correspondentie voor deze rubrtek aan: T. MOLENAAR. Leede 18. Rotterdam-Zuid
aten we nu tot de zaak zelf komen. oorop sta, dat ik in dit schrijven aan e persoon van Billy Graham niets te ort hoop te doen. Van verdachtmakinen houd ik niet. Zowel het goede als et verkeerde hoop ik aan te tonen, niet p grond van enkele krantenuitknipsels, aar uit volledige preken door hem zelf esproken.
onderdagavond 30 juni van het jaar 955 stond er in de „Rotterdammer" een reek afgedruk van Billy Graham, die ot titel had: „De waarde van een ziel." eze preek handelde over Markus 8 de erzen 34 tot 38.
n de objectieve verklaring was er wel at, wat stootte, maar er stonden toch ok rake dingen in. Dit wil ik eerlijkheidshalve u niet onthouden. Zo las ik: „Daarom zeide Jezus tot Nicodemus: „Voorwaar zeg Ik u, tenzij dat iemand wedergeboren wordt, hij kan het Koninkrijk Gods niet zien." Jezus zegt, dat uw ziel blind is, omdat ze geen contact heeft met God. Daarom voelen sommigen van u zich teleurgesteld en bedrogen en gelooft u het wel. Dat komt, omdat ge de Bijbel niet leest; omdat ge niet bidt; omdat ge eigenlijk van geestelijke zaken niet houdt. Daarom gevoelt ge u niet erg op uw gemak, als ge preken hoort als deze, die u Gods Woord voorhouden. Daarom zegt Jezus: „Een mens moet wedergeboren worden wil hij het Koninkrijk Gods kunnen ingaan." Ge zult dat niet kunnen, als uw ziel niet levend is gemaakt door contact met God door Christus."
Nog een andere aanhaling uit de preek. „Welnu, velen van u zijn alleen maar verstandelijk bekeerd. Ze zijn blij, dat ze kerklid zijn. Niemand zou in een stad willen leven, waarin geen kerk was. Zo nu en dan gaan ze ook naar de kerk. Soms met Pasen, soms met Kerstmis en nemen hun kinderen ook mee. Ze geloven in de kerk, ze geloven in de Bijbel, ze geloven in God. Is dat dan niet genoeg? Mijn antwoord is: „Neen. U zult zeggen: „Maar Billy, ik geloof in Jezus; is dat dan niet genoeg? "
Neen dat is niet genoeg. U antwoordt misschien: „Maar Billy, wat is dat nu voor een gepraat? " Mijn antwoord is: „Dat is alleen maar verstandelijk geloof." U gelooft en zegt het ook, dat godsdienst een goed ding is en dat de Bijbel een goed ding is en dat de kerk een goed ding is. Maar geloof mij toch hoorders, dat dit alles werkelijk niet genoeg is. Duizenden mensen zijn verstandelijk bekeerd, maar zij zullen nooit naar de hemel gaan."
Op dit gedeelte van de preek zou mis schien nog wel wat op te merken zijn, maar omdat hij een woord van evangelisatie sprak voor een bonte menigte, wil ik daarover niet vallen. Mijn bezwaren liggen op een ander gedeelte van zijn preek.
Graham is tot de conclusie gekomen, dat het godsdienstig-bevattingsvermogen van de moderne mens gelijk inoet gesteld worden met het bevattingsvermogen in het algemeen van een twaalfjarig kind. Daarom vertelt hij, wat er in de Bijbel staat.
Tegen het vertellen als zodanig is niet het minste bezwaar. Dat hij cle objectieve waarheid van Gods Woord brengt in de vertelvorm wie zal daar bezwaar tegen hebben. Maar cle fout is anders. Zijn toepassing deugt niet. Hij dringt ontzettend aan, om niet te spreken, zoals ds. Laman, predikant van de Chr. Geref. Kerk, terecht opmerkt van „dringen op" op de actie van cle wil. Deze tracht Billy Graham in werking te brengen met de boodschap uit cle Bijbel. Wanneer nu de wil kiest in de richting van de boodschap, is dit het werk des Heiligen Geestes. Dit kan niemand, die leeft bij Schrift en belijdenis aanvaarden. Om dat te bewijzen zal ik nog enige gedeelten
uit de bewuste preek aanhalen en oordeelt u dan zelf. 11ij toch schrijft zwart op wit:
„Weet, dat het uiteindelijk de wil is, die beslist. Alleen maar als u wilt, buigt ge uw knieën voor God. Alleen maar als u wilt, kunt u geloven, dat uw zonden vergeven zijn. En dan, maar dan alleen, hebt ge recht u zelf een kind van God te noemen. Ieder van u moet zeggen: „Ik wil. Ik wil mij overgeven. Ik wil mijn leven geven aan Christus."
Even verder leest men 111 die bewuste preek: „Maar u en u alleen moet uiteindelijk beslissen over uw eeuwig lot en wat er met uw ziel zal gebeuren. En daarom vraag ik u: „Geef uw leven aan Christus en regel voor nu en altijd waarheen uw ziel zal gaan."
De dwaling van Graham is dezelfde als van Arminius en Pelagius, alleen verfijnder, dus gevaarlijker. Hij ontkent de Heilige Geest niet, o neen. Hij stempelt ile actie van de mens tot het werk van de Heilige Geest.
Wat zouden onze vaderen toch wel gezegd hebben van zulke uitdrukkingen? Hoor wat er geschreven is in de artikelen tegen de Remonstranten: „Overmits zo worden alle mensen in zonden ontvangen en kinderen des toorns geboren, onbekwaam tot enig zaligmakend goed, geneigd tot het kwaad, dood in zonden en slaven der zonden. En willen noch kunnen tot God niet wederkeren, noch hun bedorven natuur verbeteren, noch zichzelf tot verbetering daarvan schikken, zonder de genade van de wederbarende Heilige Geest."
Dezelfde artikelen tegen de Remonstranten zeggen: „Die leren, dat in de geestelijke dood de geestelijke gaven niet gescheiden zijn van des mensen wil, nademaal de wil in zichzelf nooit verdorven is geweest, maar alleenlijk door de duisterheid des verstands en de ongeregeldheden der genegenheden verhinderd, welke verhinderingen weggenomen zijnde, alsdan de wil zijn vrije aangeborène kracht in het werk zou kunnen stellen, dat is allerlei goed hem voorgesteld, uit zichzelve zou kunnen willen en niet willen of verkiezen, onze vaderen zeggen: „Dat is een nieuwigheid en een dwaling en strekt daartoe, dat zij de krachten van de vrije wil verheft, tegen de spreuk van de profeet Jeremia: Arglistig is het hart, meer dan enig ding, ja dodelijk is het, en van de apostel: Onder dewelke (kinderen der ongehoorzaamheid) ook wij allen eertijds verkeerd hebben, in de begeerlijkheid onzes vleses, doende de wil des vleses en der gedachten."
Het is mij onbegrijpelijk, dat ons Gereformeerde volk de ketterse gevoelens van Billy Graham niet onderschept. Van niet een Geref. Predikant heb ik iets gelezen, dat wijst in de richting, dat hij er niet mee eens is. Wel het tegendeel. Medewerking met mensen van verschillende pluimage. Namen zou ik kunnen noemen, maar ik wil niet persoonlijk zijn. Het lijkt wel of de Geref. Gezindte zand in de oren heeft, zodat ze niet meer kan horen. Een predikant van de Chr. Geref. Kerk kon ook niet nalaten met grote waardering over het werk van Billy Graham te schrijven. Hij beriep zich daarbij op uitspraken van vooraanstaande mannen uit eigen kerk. Terecht kreeg hij een openbare berisping van een andere predikant uit de Chr. Ger. Kerk met welke predikant ik het roerend eens ben.
Bovendien zijn er nog andere bezwaren, die ik in het volgend artikel met u wil behandelen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 3 mei 1957
Daniel | 8 Pagina's