Gokmanie.
RONDKIJK
Er blijkt een grote gokmanie in ons land te zijn los gebroken. Bijna geen dag gaat er voorbij of in onze brievenbus ligt een briefkaart van een of andere instelling — vaak ook voor roomse doeleinden — waarop z.g.n. prijsraadsels staan afgedrukt, met de vraag deze op te lossen. Men moet met de oplossing 50 cent aan postzegels opplakken, waarbij men dan kans maakt om een auto, een televisietoestel, een radio, een bromfiets of meer van die aantrekkelijke dingen te winnen. Het prijsraadsel is meest een eenvoudige rebus dat een kind kan ontcijferen; het gaat om de vijf dubbeltjes! En bij inzending van méér briefkaarten, een grotere kans! Duizenden en nog eens duizenden beproeven hier hun geluk; één op de tien of twintigduizend krijgen dan een prullig ding toegestuurd. Tóch volhouden denken velen, — éénmaal zal mij het geluk wel eens in handen vallen. Arme verslaafde mens, die er zijn tijd mee bezig houdt en in zuiver fatalisme meent dat het lot hem eens gunstig zal zijn. Handige zakenlieden buitten de lust tot gokken uit door prijsvragen en puzzle's in allerlei bladen en tijdschriften waar mannen en vrouwen uren over gebogen zitten om de „wasmachine" of het „radiotoestel" te winnen. Die handelshuizen profiteren dus van de goklust om er een zoet winstje uit te slaan.
In de voetbalwereld bestaat ook een gokspel, dat men „voetbalpool" noemt. Hoe dat „poolen" precies werkt weten we niet, maar het komt hierop neer, dat men iedere week een bedrag — groot of klein — moet inleggen voor de grote wedstrijden. Naar gelang dat men „gepoold" of ingezet heeft wint men de inlegsom of meer. Over de geoorloofdheid van de voetbalpool in verband met de loterijwet is veel gaande, tot in de Tweede Kamer toe. Wij menen te weten, dat het „officieel" niet zal doorgaan.
„Officieel" zeggen we, want in de duivensport is men reeds jaren lang met dit gokspel bezig. Er zijn jongelui, die er al hun zakgeld insteken. En zelfs „grote heren" doen er aan mee.
Zo wordt op de lagere instincten van de mens gespeculeerd en zijn er duizenden in ons land, óók mensen die zeggen een Christelijk beginsel te belijden, die aan dit gokspel mee doen. Het lijkt zo onschuldig, het oplossen van zo'n rebus op een briefkaart, waar men een kwartje tegen aangooit, het is echter het begin op het hellende vlak van het geloven aan het noodlot'.
Zoudt ge, wanneer ge aan dergelijke gokkerij mee deed, uw knieën kunnen buigen en bidden: Heere, bestuur het zo, dat ik een prijs haal? Immers, dat zou dwaasheid, dat zou God verzoeken zijn. Daaruit alleen al kan men opmaken dat het te veroordelen is. Wij doen dan ook niet aan gokken en aan loterij mee. Die rijk willen worden vallen in verzoeking en in de strik, zegt Gods heilig woord. En nu zal men er nooit rijk van worden, maar het proberen is er winst uit te halen. Jacht naar geluk buiten God cm. En in feite bestaat er geen „geluk", dan is er alleen sprake van zegen óf van vloek. En wordt onze hand nu gezegend als we bij het gokken geluk hebben? Zegen is dat, wanneer we met hetgeen we uit Gods hand ontvangen, 't zij veel of weinig, tevreden kunnen zijn. Waarvan we eens een arm kind des Heeren, die in de aardappelteelt een slecht gewas had, hoorden zeggen: ik heb maar één poter gezet, en het is nog een wonder dat ik er twee aardappelen voor in de plaats krijg. Want ik heb het mij ten enenmale onwaardig gemaakt. Zo een doet vast aan die gokmanie niet mee.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 8 maart 1957
Daniel | 8 Pagina's