Vaderlandse Geschiedenis
In Maart 1612 werd door de staten van Holland een nieuw stuk geschut in stelling gebracht n.1. vergunning tot gebruik van de kerkorde van 1591.
In 1586 was ter synode van 's-Gravenhage een kerkorde opgesteld in calvinistisch-presbyteriaanse geest, waarbij dus het parool voor de staat was: handen thuis in de kerkelijke zaken. (Men zie eens het Kerkelijk Handboekje in van wijlen ds. Kersten: uitgave „De Banier" en vergelijke de verschillende kerkordes tot en met die van Dordrecht).
Maar ter synode van 1591 kwam een voorstel ter tafel (n.b. niet van de kerken: deze wilden bevestiging van de kerkorde van 1586) om bij kerkelijk beroep en kerkelijke tucht, overwicht aan elke magistraat in stad of dorp toe te kennen. Een recht middel om de kerk in afhankelijkheid te brengen; vooral om vreesachtige, of behoeftige of eergierige predikanten hun spraakfatsoen, lering en doen naar de humeuren der overheid te schikken (bij Groen). Toen was de zaak niet doorgegaan; nu, in 1612 echter wel. Toch gingen cle zaken niet zo glad als men wel wenste.
Zoals bekend waren de steden in Holland oppermachtig en nu waren er enkele die zich met de gang van zaken niet konden verenigen. Goed. Oldenbarnevelt c.s. wisten er raad op: men zou een bezending .sturen naar deze bezwaarde steden ten einde ze over te halen zich te conformeren met cle gewenste gang van zaken.
De conferentie van Delft (Febr. 1613.) Zij was samengeroepen op aandrang van Willem Lodewijk en duurde twee dagen. Ter vergadering verschenen Uytenbogaert cle Arminiaan en Festus Hommius de Contra-Remonstrant, ieder met twee collega's.
De Gereformeerden verzochten een duidelijke verklaring omtrent cle 6 punten genoemd in cle resolutie van 3 Dec. 1911 (zie het slot van ons vorig artikel.) De Remonstranten antwoordden daarop, dat zij horen wilden, of hun 5 artikelen de goedkeuring van de Gereformeerden konden wegdragen. Deze antwoordden daarop, gelijk te begrijpen was, dat zij dat zo maar niet konden verklaren. Maar wel wilden zij onderhandelen over een ontwerp van tolerantie (= verdraagzaamheid). Misschien kijken onze lezers hier wat vreemd op. Doch leest verder. De staten gelastten nu aan F. Hommius c.s. maar eens een opstel in te leveren ter vereniging! Toen kwam de aap uit cle mouw.
Hommius c.s. merkten op, clat het tolereren van een gevoelen niet wil zeggen, clat dat gevoelen (i.c. der Remonstranten) clan overal vrij geleerd kan worden. Neen, belange niet. Zij vinden het ongehoord, predikanten in de kerk te dulden, die openlijk verklaard hebben van cle leer der kerkverschillen.
Maar goed, zij willen clat gevoelen dulden, mits — en toen kwam het, waar Hommius heenwilde — a. cle Remonstranten dat gevoelen voor zich houden tot aan de beslissing der synode; b. ruiterlijk verklaren, clat zij ( = cle Rem.) overigens cle leer der formulieren in alles voor schriftmatig houden; c. zich onderwerpen aan het oordeel der classes en synoden; cl, herstel van cle jaarlijkse synoden.
Natuurlijk gingen cle Remonstranten met dit alles niet accoord en van een vereniging kwam niets.
Tot hun blijdschap ging zelfs Jacobus I van Engeland zich met de twisten bemoeien. Hij verkondigde cle hoge wijsheid, clat die disputen beter door cle overheid dan door cle theologen beslecht konden worden. Dat klopte precies met zijn handelingen tegen cle Puriteinen of Presbvterianen in zijn land, zodat een deel van deze via Holland de wijk naar Noord-Amerika nam.
Voor cle Arminianen was dit alles koren op cle molen en hun leraars preekten er lustig op los.
Wat nu? Oldenbarnevelt en consorten werden steeds brutaler en wilden zelfs een leerformulier aan cle leraars van Holland en West-Friesland voorschrijven, natuurlijk in remonstrantse geest. Absoluut niet nodig, zeiden de gereformeerde predikanten; 't zou ook nadelig en ongeoorloofd zijn (zie bij Groen). Maar Oldenbarnevelt wilde zijn zin hebben. Hij liet in Januari 1614 een waarschuwing door cle staten uitgaan om niet bovenmate wijs te willen zijn; niet te leren dat God enigen geschapen heeft ter verdoemenis, óf de mensen tot de zonde noodzaakt, óf tot cle zaligheid hen nodigt aan wie Hij besloten heeft ze
met te geven; inplanten, dat de onver dienbare genade Gods in Christus Jezus het begin midden en einde der zaligheid is.
Ook hierop bleven de Gereformeerden het antwoord niet schuldig; maar het hielp altemaal niets. De Remonstranten beleefden een gouden tijd met zulke machtige helpers als de staten. Maar ook de Contra-Remonstranten zwegen niet. Hun leraren waren de sta-in-de-wegs, die hoe eer hoe liever maar verdwijnen moesten.
Er brak nu een vreselijke tijd aan. De overheid, het door overleg niet kunnende winnen, begon met geweld en ging tot vervolging der rechtzinnigen over. Dit geschiedde niet alleen in Holland, maar ook in andere gewesten, vooral in Utrecht, dat graag Holland na-aapte. Alleen in het gebied van Willem Lodewijk kregen ze geen kans: hij hield er goed de wind onder. Ook op de Veluwe met zijn echt-gereformeerde bevolking was het rustig.
Vervolgingen. Die richtten zich allereerst tegen de leraars. Omdat de trouwe gemeenteleden zich niet onder een leugenleer wilden neerzetten, bleven zij thuis, of zochten de rechtzinnige predikers in de omgeving op. Maar deze werden tenslotte geschorst, of afgezet, of verbannen. Toen ging men er toe over in schuren, huizen, schepen enz. samen te komen. Maar ook dit werd verboden.
Het was een droef gezicht, die velen ter stad te zien uittrekken om zuivere waarheid te horen en 's avonds terugkerende, vermoeid, beslijkt, uitgescholden voor slijkgeuzen en rijswijklopers, met stenen geworpen. En dat in het land der vrijheid!
Wij gaan nu enkele voorbeelden geven. Laten we het goed onthouden. Ook in de 19e eeuw, in de dagen der afscheiding en later zal de overheid zich vergrijpen aan de kerk en daarmee de rechten van de Koning der kerk aantasten.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 10 december 1954
Daniel | 8 Pagina's