JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

De staat Israël

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De staat Israël

5 minuten leestijd

De Palestijnse kwestie.

Het rapport van de commissie van onderzoek van de Verenigde Naties (zie vorige artikel) werd besproken in de tweede algemene vergadering te New York (16 Sept.—29 Nov. 1947), alsmede in de tweede bijzondere algemene vergadering te New York (16 April—14 Mei 1948). Het rapport bevatte een voorstel om Palestina te verdelen in een Arabische en een Joodse staat, verbonden door een economische unie, terwijl Jeruzalem onder een speciaal regiem zou komen. Dit besluit tot verdeling viel op de historische dag 29 November 1947.

Hoe vonden Joden en Arabieren dit?

a. Arabieren:

De Arabische afgevaardigde Hoesseini sprak o.m. het volgende: „Het recht van de Arabieren in Palestina is het recht van een volk, dat verlangt te leven in het ongestoorde bezit van het land, O ' waarin cle Voorzienigheid en cle historie het heeft geplaatst. De rechten van de Joden op Palestina, gegrond op historische en religieuze verbondenheid met dit land moeten worden ontkend, omdat het Zionisme een beweging is van Westerse Joden, terwijl de religieuze verbondenheid niet tot de zaak behorend is, omdat zowel Mohammedanen als Christenen deze verbondenheid met dit land hebben. De gevoerde politiek van de Britse regering is er een van rassendiscriminatie, waarbij de Joodse minderheid bevoordeeld werd boven de Arabische meerderheid. De Arabieren, die de meerderheid van de bevolking in Palestina vormen, zijn gerechtigd tot het vormen van een onafhankelijke Arabische staat."

b. Joden:

Namens hen werd gesproken door cle Rabbi dr. Abba Hillel Silver, die het verdelingsplan als uiterste concessie wilde aanvaarden zonder wijzigingen.

De derde belanghebbende, cle Britse regering, aanvaardde het verdelingsplan, doch weigerde aan dc doorvoering mede te werken.

Ondertussen groeiden cle onlusten uit tot een gewapend conflict en cle vraag rees, wat er gebeuren zou, als het Britse Rijk zijn troepen terug trok, zoals het had meegedeeld te zullen doen op 1 Augustus 1948. De Joden begrepen, dat ze clan klaar moesten zijn voor actie, te meer toen bleek, clat cle Engelsen niet eens 1 Augustus afwachtten, want op 30 Juni 1948 ging de laatste soldaat te Haifa aan boord. Wanneer er ergens een Brits garnizoen teruggetrokken werd, probeerden Joden en Arabieren om strijd het eerste te wezen, om die plaats te bezetten. Deze burgeroorlog eindigde met een glanzende overwinning voor de Joden en met een snelheid van succes, die de wereld verbaasde. De belangrijke haven Haifa viel de Joden in handen na een straatgevecht van zes uur, Jaffa gaf zich direct over, evenals honderden andere steden en dorpen. Romantisch was de strijd om het kamp Sarafand, waar de Engelsen installaties hadden gebouwd voor 30.000 man. Dit kamp droeg het Britse commando over aan de Arabische troepen, 's Nachts klommen de Joden echter in de kruinen van de eucalyptusbomen, die het kamp oiiiringden en uit die hoogte sprongen ze cle volgende morgen te midden van cle verbaasde Arabieren, die in zeer korte tijd werden overweldigd, bij welke strijd de aanvallers slechts één dode hadden.

Al hadden cle Joden tot nog toe schitterende successen geboekt, er dreigde nog een groot gevaar. Immers Palestina wordt omringd door Arabische landen, die zich gereed maakten tot de aanval, Bovendien verdeden de Verenigde Naties de tijd met praten, waarbij het verdelingsplan weer op losse schroeven kwam te staan.

In die onzekerheid greep Ben Gurion in op 14 Mei 1948. In een proclamatie werd de staat Israël uitgeroepen. Deze proclamatie eindigde met deze v oorden:

„Wij roepen het Joodse volk in al zijn woonplaatsen op zich te verenigen rondom de Joodse bevolking van Erets-Jisraël door immigratie en opbouw en haar terzijde te staan bij haar grote strijd ter verwezenlijking van het eeuwenoude streven tot de bevrijding van Israël.

In vertrouwen op de Rots van Israël ondertekenen wij eigenhandig deze verklaring in cle zitting van de voorlopige staatsraad, op de grond van het vaderland, in de stad Tel-Aviv, heden, cle dag vóór cle Sabbat, 5 Ijar 5708 - 14 Mei 1948."

Binnen een week erkenden de Verenigde Staten deze voorlopige Joodse regering en de autoriteit van de nieuwe Joode staat.

Maar eveneens binnen een week had de nieuwe staat reeds oorlog met 5 naburige staten, waarvan de geregelde legers het land binnen vielen: van Libanon uit het noorden, van Syrië uit het noordoosten, van Irak en het Arabische legioen uit het oosten en van Egypte uit het zuiden.

De Verenigde Naties benoemden een bemiddelaar in de persoon van graaf Bernadotte. Die bereikte op 18 Juli 1948 een wapenstilstand, waarop lange onderhandelingen volgden. Hierbij kreeg de bemiddelaar zowel Joden als Arabieren tegen zich over de kwestie van de Arabische vluchtelingen en over de toewijzing van Jeruzalem aan de Arabieren. Op 17 September 1948 maakte een misdadige moord een einde aan zijn leven. Hij werd opgevolgd door de Amerikaan Ralph J. Bunche.

Op 15 October 1948 werd een Israëlisch voedselconvooi zo hevig door Egyptische troepen beschoten, dat Israël een einde maakte aan de wapenstilstand en een hevig offensief inzette. Op oudejaarsdag stond het Israëlische leger reeds 30 mijl op Egyptisch grondgebeid. Engeland kwam op grond van een verdrag in 1936 met Egypte gesloten, waarbij het zich verplicht had, dit land te hulp te komen als het aangevallen werd, in een moeilijke positie. Nog dreigender werd het, toen Israëlische luchtdoelartillerie 5 Britse vliegtuigen neerschoot. Toen heeft Israël, waarschijnlijk op een wenk van Amerika, zijn troepen uit Egypte teruggetrokken. Weer kwam er een wapenstilstand met de Arabische landen, die tot op heden nog niet door een definitieve vrede werd gevolgd. De gevoerde oorlog had Israël echter in een zeer gunstige positie gebracht.

„De oorlog, die door Israël gestreden werd met heldenmoed, met militair inzicht en gloeiende bezieling tegenover een numerieke overmacht van Arabieren, wie het aan drijvende geestelijke kracht ontbrak, heeft het gevolg gehad, dat de grenzen voor Israël toch belangrijk beter zijn dan die, welke waren vastgelegd in de resoluties van de Verenigde Naties, omdat de joden meester zijn geworden van enkele landstreken, die eerst aan de Arabieren waren toegewezen." (Van Kanaan tot Israël).

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 26 november 1954

Daniel | 8 Pagina's

De staat Israël

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 26 november 1954

Daniel | 8 Pagina's