VRAGENBUS
Correspondentie voor deze rubriek aan: T. MOLENAAR. Leede 18. Rotterdam-Zuid \ ^
A. N. te U. uraagt een nadere verklaring van Mattheüs 23 : 13, waar geschreven staat: Want gij sluit het Koninkrijk der hemelen voor de mensen, overmits gij daar niet ingaat, en degenen, die ingaan zouden, niet laat ingaan."'
Antwoord: De verklaring van M. Henry is zo mooi, dat ik die gedeeltelijk overneem. Deze schrijft: „In de verzen 13 t/m 33 hebben we een achtvoudig wee O ' door de Heere Jezus uitgesproken tegen de Farizeeën. Deze weeën zijn des te merkwaardiger, niet slechts om het gezag, maar ook om de nederigheid en zachtmoedigheid van Hem die ze uitsprak. Hij kwam om te zegenen, en beminde het om te zegenen; maar als Zijn toorn ontstoken is, dan is daar gewisselijk oorzaak voor; en wie zal bidden voor hem, tegen wie de grote Voorbidder Zijn weeën uitspreekt? Een wee van Christus is een wee, waarvoor geen herstel te hopen is. De Schriftgeleerden en Farizeeën waren geveinsden. Een geveinsde is een toneelspeler in de godsdienst. Zij waren gezworen vijanden van het Evangelie van Christus en bijgevolg van de zaligheid der zielen. „Gij sluit het Koninkrijk der hemelen voor de mensen"; dat is gij doet alles wat ge kunt om de mensen af te houden van het geloof in Christus. Christus is gekomen om het Koninkrijk der hemelen te openen, dat is: om een verse en levende weg bloot te leggen. Nu hadden de Schriftgeleerden en Farizeeën, die gezeten waren op de stoel van Mozes, en er aanspraak op maakten de sleutel der kennis te bezitten, hun bijstand hiertoe moeten verlenen, door die Schriften van het O.T. te openen, die op de Messias en Zijn Koninkrijk wezen; zij hadden er de ware zin en betekenis van moeten aanduiden. Zij, die het op zich hadden genomen Mozes en de profeten te verklaren, hadden het volk moeten tonen, hoe de Schriften van Christus hebben getuigd; dat Daniëls weken ten einde liepen, dat de scepter van Juda was geweken, en dat het nu de tijd was, dat de Messias zou verschijnen. In plaats hiervan hebben zij het Koninkrijk der hemelen toegesloten. Zij legden er zich op toe. om aan te dringen op de vervulling der ceremoniële wet, die 1111 op het punt was te verdwijnen; de profetieën achter te houden die nu stonden vervuld te worden, en in het hart des volks vooroordelen te scheppen en te voeden tegen Christus en Zijn leer.
Zij wilden degenen, die ingaan zouden, niet laten ingaan. liet is slecht om zelf van Christus weg te blijven, maar nog erger is het om anderen van Hem af te houden. Door zelf niet in te gaan, waren zij ook een hindernis voor velen, want daar zij zo'n grote invloed hadden op het volk, hebben de scharen het Evangelie verworpen, alleen omdat hun leiders het verwierpen. Daarenboven hebben zij het ook tegengestaan, dat Christus de zondaren ontving (Lukas 7 vers 39) en dat zondaren Christus ontvingen en onthaalden. Zij verdraaiden Zijn leer, weerstonden Zijn wonderen, twistten met Zijn discipelen en stelden Hem en Zijn inzettingen aan het volk voor in het meest valse en hatelijkste licht. Zij slingerden hun banbliksems tegen hen, die Hem beleden en gebruikten al hun vernuft en al hun macht voor hun boze doeleinden tegen Hem. Aldus hebben zij het koninkrijk der Hemelen gesloten; zodat zij, die in wilden gaan, liet geweld moesten gebruiken. (Hoofdstuk 11 : 12.)
Hoe goed is het voor ons, dat onze zaligheid niet gelegd is in handen van enig mens, of van enig gezelschap van mensen in de wereld, want indien dit zo ware, het zou met ons gedaan zijn. Zij die uitsluiten uit de kerk, zouden wel gaarne uitsluiten uit de hemel, zo zij slechts konden; maar de boosaardigheid der mensen kan de belofte Gods aan Zijn uitverkorenen niet te niet doen."
Een vriend uit U. maakte mij attent, dat Mordeehai niet de oom was van Estlier, zoals ik enige weken geleden geschreven heb in de vragenrubriek. Inderdaad heeft hij gelijk. Het is wel de gangbare mening, maar deze is toch fout. In Estlier 2 : 7 lezen we: E11 hij was het, die opvoedde Hadassa (deze is Estlier), de dochter zijns ooms". Esther en Mordachai waren dus nicht en neef.
Ik dank die vriend voor zijn opmerking. Het is weer een bewijs, dat hij zijn belangstelling heeft voor het werk van „Daniël" en dat hij goed gelezen heeft.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 oktober 1954
Daniel | 8 Pagina's