JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

MEDITATIE

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

MEDITATIE

4 minuten leestijd

, Want : ie, die dag komt" (Maleachi 4 : la)

Wat voor een dag is dit? Het is die dag, waarop de hoge ogen der mensen vernederd zullen worden en de Heere alleen zal te dien dage verheven zijn. Het is de dag des Heeren, die als een verwoesting komt van de Almachtige. Het is de laatste dag, o wee; want die dag is zó groot, dat zijns gelijke niet geweest is en het is een tijd van benauwdheid voor Jacob. Toch zal hij daaruit verlost worden.

Maleachi profeteert hier de grote en vreselijke dag des Heeren; voor de goddeloze tot een eeuwige ondergang, maar de ware vrome in Christus tot eeuwige heerlijkheid.

Dat die dag komt, is zeker. God zelf getuigt dit door Zijn Woord en Geest.

En deze dag des Heeren is nabij; een dag des oordeels en des gerichts.

Deze grote dag des Heeren is zeer haastende, de held zal aldaar bitter schreeuwen.

Het zal een dag van verbolgenheid zijn, een dag der benauwdheid en des angstes O O van woestheid en verwoesting, een dag der duisternis en der donkerheid, een dag der wolken en der dikke donker-

heid. Tegen de vaste steden zal het geklank

der bazuin worden gehoord. Dus een dag of dagen des gerichts, een

dag of dagen des oordeels. Het ziet ook op de komst van Christus in het vlees, zowel als aan het einde der

wereld. Voor zover het Zijn komst aangaat, geldt dit beide Zijn vleeswording als Zijn verschijning in de voleinding; het zal een dag van een brandende oven zijn. Alle hoogmoedigen en al wie goddeloosheid doet, zullen een stoppel zijn en de toekomstige dag zal ze in vlam zetten, zegt de Heere der heirscharen, die hun noch wortel of tak laten zal.

Hierdoor wordt uitgedrukt de ondragelijke smart die dan gekend zal worden, maar ook de volkomen vernietiging, waarmede dan de goddelozen zullen vernietigd worden. Echter zó, dat hun worm niet sterft en hun vuur niet wordt uitgeblust, want de rook hunner pijniging gaat op tot in alle eeuwigheid.

Het is een eeuwigheid van smart, waarin de goddelozen zullen vallen.

En dat eeuwigheid. zullen zij lijden tot in alle

De vervulling van deze profetie ziet ge aanvankelijk reeds in de verwoesting van stad en tempel. En ziet eens hoe al de voorzegde oordelen tot hiertoe door de verwerping van Christus, zijn vervuld. Maar eindelijk de beslissing in de dag des gerichts. Het zal eindelijk zijn: „Gaat weg van Mij" of „komt in, gij gezegenden."

Dan zal het voor de rechtvaardigen een dag van eeuwige blijdschap en verlossing zijn.

Want dan zal de rechtvaardige recht gedaan worden.

Alle smaad, die de knechten en kinderen Gods in de wereld hebben moeten ondergaan; de smaad die gij, kinderen uw godvruchtige vader of moeder en O O knechten en volk aangedaan hebt, zal

dan gewroken worden. Laten de vijanden dan beven, die God en Zijn volk en Zijn Kerk gram zijn, de dag der vergelding is zeer nabij.

Dat dan een ieder zich nauw moge onderzoeken.

De tijden zijn boos, ernstig en verward. Maar God drieënig blijft, met Gods Woord, dezelfde en onveranderlijke.

En nu kan niemand de wedergeboorte, de verandering des gemoeds en het herstel naar Gods beeld missen.

Buiten Christus in Adam de dood, in Christus het leven. O, laten Gods kinderen verblijd zijn. Ziet de belofte, hun toegezegd in het tweede vers van dit hoofdstuk uit Maleachi.

En zie ook, wat de gemeente des Heeren in Zondag 19, vraag en antwoord 52 belijdt, eveneens hoe Art. 37 der geloofsbelijdenis eindigt: En daarentegen, de gelovigen en uitverkorenen zullen gekroond worden met heerlijkheid en ere. De Zoon Gods zal hun naam belijden voor God, Zijn Vader en de uitverkoren engelen.

Alle tranen zullen van hun ogen afgewist worden, hun zaak, die nu soms van vele rechters en overheden als ketters en goddeloos verdoemd wordt, zal bekend worden de zaak des Zoons Gods te zijn.

En tot een genadige vergelding zal de Heere hen zulk een heerlijkheid doen bezitten, als het hart eens mensen nimmermeer zou kunnen bedenken.

B. ROEST..

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 augustus 1954

Daniel | 8 Pagina's

MEDITATIE

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 augustus 1954

Daniel | 8 Pagina's