EEN BRIEF OOK VOOR ONS
Ouden van dagen gedoopt
Zo nu en dan arriveerde een kist uit Riedels vaderland te Tondano. Wat een blijdschap was dat voor het gezin van de zendeling! Allerhande benodigdheden werden dan uitgepakt, zoals kleren, naalden en garens voor mevrouw Riedel, kinderspeelgoed, duitse pijpen en tabak. Het spreekt wel vanzelf, dat Riedel vriendelijk bedankte voor het zo welkome teken van medeleven. In zo'r. bedankbrief schreef hij: , .Gaarne zou ik nog eenmaal bij u in Erfurt willen zijn, ten einde u te horen en te zien en elkander op de smalle weg naar de hemel te versterken, maar ook dit verlangen moet, om 's Heeren wil, verloochend worden; want wie om Jezus wil niet al het wereldse kan verloochenen, die kan zijn jonger niet zijn. Schrijf mij spoedig eens, hoe het in
Erfurt gesteld is met de liefde voor de heidenen en de onderlinge stichtelijke bijeenkomsten. Groet allen, die zich mijner herinneren en gedenkt in uw gebeden dikwijls uw geringen broeder
J. F. Riedel."
Riedel hield meer briefwisseling met vrienden en familie in het vaderland. Een stukje uit een brief aan de kinderen van zijn zwager moge hier volgen. Het is ook wel de moeite waard om nu nog door onze jonge mensen met aandacht gelezen te worden. Hij schrijft dan: , , En nu nog een woord aan u, jongelieden! Zo lang ik de genade heb, de Heere te kennen, heb ik voor al mijn aanverwanten, dus ook voor u gebeden. Laat mijn bidden niet vruchteloos zijn! Er zijn nu bijkans 20 jaren verlopen, sedert ik de Heere leerde kennen en Zijn genade aan mijn hart heb ondervonden. Maar hoe dikwijls heb ik de 3 7 jaren beweend, die ik in treurige verwijdering van Hem en in de dienst der wereld heb doorgebracht. Zorgt toch. dat gij later ook geen 17 verloren jaren hebt te betreuren, maar wijdt u toe in cle bloei uwer jeugd aan de Heere! Gij zijt aan zo vele verzoekingen blootgesteld, die gij zonder de liefde tot Christus Jezus nimmer zult kunnen overwinnen. Daarom zoekt de Heere, terwijl het heden voor u h^et en geeft uw harten niet aan de ijdele dingen, aan de wereld, maar aan de Heere Christus Jezus "
De familie Riedel leefde wel in eenzaamheid en afzondering te midden van de inlanders, maar toch hielden ze zoveel mogelijk gemeenschap met de ambtgenoten. Schwartz, Riedels metgezel op reis naar het zendingsterrein, w r oonde niet zo ver van Riedel verwijderd, zodat er nogal contact was. Ook kwam zendeling Hellendoorn enkele dagen Tondano bezoeken, naardat het met zijn werk uitkwam. Voorts woonde in Tondano de schoonvader van collega Schwartz. Eovendien werden in 1836 weer twee nieuwe zendelingen uit Duitsland naar de Minahassa gezonden, Herman en Mattern. Deze laatste had het letterzetten geleerd en bracht een drukpers mee, waarmee een zeer belangrijke dienst aan de zending werd bewezen, vooral door het drukken van de benodigde schoolboekjes.
Een voorval, dat grote ontroering onder de Alfoeren teweeg bracht, was het volgende: De oudste en voornaamste priester van de belangrijkste afgod, die devruchtbaarheid schonk, leed aan tuberculose. Met de dood voor ogen zocht hij de hulp van cle zendeling. Riedel ging er heen en vond zijn huis vol priesters. Toen de zendeling veel met hem had gesproken, verklaarde de zieke, dat hij Christen wou worden. Hij zou zijn gewijde zaken wegwerpen, zei hij. Riedel zei, dat God niet zijn tovergereedschappen, maar zijn hart eiste en dat hij zich in oprecht berouw en geloof tot de Heere Jezus moest wenden, waarna Riedel heen ging. Nauwelijks een half uur thuis, vernam Riedel, dat de opperpriester schoolkinderen had laten roepen om zijn trommel en andere tovermiddelen weg te brengen. De onderpriesters smeekten hem om het geloof der vaderen toch niet ontrouw te worden, maar niets mocht baten. De oude man bleef standvastig en zei: „Wat ik eenmaal heb uitgespuwd, dat zal ik niet weer oplekken, gelijk de hond doet."
Riedel bezocht hem trouw en bespeurde duidelijk, dat de Geest Gods in zijn hart werkte. De zieke kon niet begrijpen, dat God zc lang zijn leven, dat toch vol bedrog was geweest, had willen sparen. „Meneer, " sprak hij, „gij verkondigt een godsdienst, die het hart vertroost. Ik heb vele goden offeranden aangeboden, maar nooit van een God gehoord, die Zijn Zoon als verlosser van de zonde gezonden heeft, om de mensen zalig te maken. Wij vrezen onze valse goden, maar uw God heeft ons lief."
Bij het zwakker worden, bad hij Riedel, om gedoopt te mogen worden, want hij wilde niet uit het leven gaan, zonder zijn geloof openlijk beleden te hebben. Riedel gaf toe en bepaalde de dag op 27 Augustus.
Laten we Riedel nu zelf het woord geven: „Die dag was voor mij een blijde dag. De Alfoeren stonden in hun deuren of op de weg, om te zien, of het dan waarheid was, dat hun opperpriester heden zou gedoopt worden. Toen zij nu zagen, dat de oude man, reeds te zwak om alleen te gaan, op de arm van zijn zoon leunende, naar de kerk werd geleid, ontstelden ze; want ze gevoelden, dat r.u aan hun godsdienst in Tondano de doodsteek werd toegebracht. De kerk was eivol. Ik hield een korte toespraak over de liefde des Heeren jegens zondaren en las vervolgens het doopformulier, waarna mijn 8 oude catechisanten openlijk beleden, dat zij in Christus Jezus als cle Verlosser geloofden en van Hem alleen het heil en de behoudenis hunner zielen verwachtten. Ik zelf sprak in de landstaal. Dat verwekte opschudding, want de alfoerse taal was nog niet tot zulke doeleinden gebezigd. Toen nu deze bedaagde lieden bij het doopvont neerknielden en wenend de Heilige Doop ontvingen, ontstond er zulk een luid gesnik, dat ik enige ogenblikken met spreken moest ophouden. Ook mij werd het harte vol Dat Gods Geest in ons midden was, gevoelden velen."
M. N.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 april 1954
Daniel | 8 Pagina's