JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Kerstfeest onder de Alfoeren Eb en vloed

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Kerstfeest onder de Alfoeren Eb en vloed

5 minuten leestijd

De nieuwe leer, door Riedel onder de heidense bevolking van Tondano gebracht, werkte met onweerstaanbare drang, maar toch bleef het een hele toer, om de heidense zuurdesem totaal te verdringen. Dat bleek zo duidelijk, wanneer er een fosso gehouden werd. Een fosso is een heidens offerfeest, waarbij veel gegeten en gedronken werd en de Walians, de heidense tovenaars, sterk op de voorgrond traden om de zinnen van de bevolking te verblinden. Zo'n fosso duurde enige dagen en voor de verblinde heidenen waren deze dagen de schoonste van hun leven. De kinderen kwamen op zulke dagen niet op school en het ging er woest en schaamteloos toe.

Nu werd weer zo'n fosso gevierd, zelfs in de nabijheid van de woning van de zendeling. Wat moest Riedel toch doen? Droefheid vervulde zijn hart, en hij peinsde lang op een middel om de arme mensen tot iets beters te brengen. Wat moest hij echter in de plaats geven ? Vaak zag men de zendeling een wandeling maken, de onafscheidelijke pijp in de mond. Dan was hij aan het nadenken. Op zekere dag komt hij opgeruimd thuis. „Ik heb iets gevonden, " roept hij tot zijn vrouw. „Straks is het Kerstfeest, en nu moeten we de mensen door een of ander middel zien te lokken. Je moet echte duitse kerstkoeken zien te bakken, zoveel als je maar kunt, en die koeken moeten dan het lokaas zijn." „Dat is goed, " zegt de vrouw, „maar in Tondano is het echte meel niet te vinden, dat ik nodig heb "

„Nou, dat is niets, je neemt eenvoudig rijstmeel. De koeken, daarvan gebakken, zullen dezelfde uitwerking hebben."

Op school was Riedel ijverig bezig om de kinderen te vertellen van de geboorte van de Heere Jezus en er werd een Kerstlied geleerd. In het dorp werd bekend gemaakt op welke dag het grote feest van de Christenen zou plaats vinden. De avond vóór het feest zou de zendeling de mensen verwachten bij het gouvernementshuis om daar te vernemen wat er de volgende dag plaats zou hebben. Riedels vrouw had het de dagen vóór het feest geweldig druk met het bakken van zoe-

te rijstkoeken. Ze gaf er niet om, dat ze straks zuinigzouden moeten leven, nu er zoveel extra onkosten gemaakt werden. „Wellicht, " zo sprak ze, „gelukt het ons, met dit aas menig visje te vangen in het net van Gods Koninkrijk."

Het was druk bij het gouvernementshuis op de vooravond van het Kerstfeest: behalve de schoolkinderen, waren ook talrijke nieuwsgierigen gekomen. Het ingestudeerde Kerstlied werd ten gehore gebracht en vervolgens vertelden enige kinderen de Kerstgeschiedenis in het maleis. Toen ging Riedel over die geschiedenis vragen stellen, die op bevredigende wijze door de kinderen werden beantwoord. De opgekomen ouders stonden versteld over de geleerdheid van hun kinderen. Riedel greep nu de gelegenheid aan om dieper in te gaan op het feit van de komst van Gods Zoon in het vlees. Christus was niet alleen op de wereld gekomen voor de Joden, maar ook voor de heidenen, dus ook voor de alfoeren Hij verzocht al de aanwezigen om morgen in de kerk te komen.

De volgende dag liep de kerk vol, en vooral 's middags was er geen plaats onbezet. Al de rijstkoeken, die mevrouw Riedel had gebakken, gingen op en de koffiekan moest telkens bijgevuld De zendeling zat als een vader tussen de kinderen en vertelde maar. Hij zei, dat nu in zijn land de velden met sneeuw waren bedekt en dat de mensen bij de kachel zaten vanwege de kou. De bomen en heesters waren kaal en wachtten op de komst van de lente, die nieuwe groei en bloei zou brengen. De majoor, die we al eerder hebben ontmoet, knikte toestemmend en zei, dat dit zeker waar was, want al de blanke mensen zeiden dat. Riedel ging voort en verhaalde van de gebruiken der Christenen; hoe die mensen daar leefden, en toen hij zo de aandacht van zijn toehoorders had, sprak hij over de grote liefde des Heeren, waardoor zondige mensen weer met God konden verzoend worden en dat alleen door de komst van Gods Zoon, Die uit liefde mens werd om te lijden en te sterven. De zendeling sprak in de alfoerse taal, en als hij een woord niet gauw genoeg wist, dan hielp de majoor hem wel. Ongemerkt was het avond geworden en ging men huiswaarts, zeer voldaan en druk sprekend over de vriendelijke pandita en diens vrouw.

De volgende dag werd voor de eerste keer het Heilig Avondmaal in Tondano gevierd. De zendeling schreef hierover: „Het getal dergenen, die aanzaten, was klein; want wij waren slechts zeven personen, maar gevoelden toch, dat de Heere geestelijk in ons midden was en onze harten tot Hem trok. Er waren ook nog vele anderen tegenwoordig, die deze heilige handeling nog nimmer gezien, maar toch in hun harten gevoeld hebben, hetgeen ze niet in woorden konden uitdrukken. Moge deze eenvoudige plechtigheid ten gevolge hebben, dat velen begerig worden, ook onderwijs te ontvangen."

Na deze bemoedigende gebeurtenissen werd Riedel weer teleurgesteld: op de nieuwjaarsdag werd zeer onmatig gegeten en gedronken en 's avonds maakten dronken mensen groot kabaal met hun tieren en krijsen. De Zondag daarop waren vele plaatsen in de kerk onbezet. Het ging dus in Tondano zoals het gaat in de zee: eb en vloed. Wanneer zou een aanhoudende vloed over de Minahassa gaan?

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 april 1954

Daniel | 8 Pagina's

Kerstfeest onder de Alfoeren Eb en vloed

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 april 1954

Daniel | 8 Pagina's