JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

ZONDAG IN TONDANO

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

ZONDAG IN TONDANO

5 minuten leestijd

Veel hinderpalen

Zondagmorgen in Tondano. Riedel staat al vroeg in de morgen op de veranda van zijn woning. Wat zal deze eerste Zondag in zijn nieuwe standplaats brengen? Hij heeft een eenvoudige preek klaar gemaakt en hij heeft de Heere ernstig gesmeekt om bijstand. Maar wat is dat voor geluid? Hij hoort het gedreun van de rijststamper. De inwoners zijn aan het werk. Kijk, daar gaan ze met korven en ander gereedschap zijn woning voorbij. Ze gaan als op andere dagen van de week hun arbeid verrichten. Zie, daar loopt Toemewa ook. Hoe kan dat? Toemewa is toch Christen?

Riedel snelt van de trap naar beneden en roept: „Toemewa, durf je vandaag gaan werken? " „Jawel, meneer, " is liet antwoord, „als er maar geen kwaad voorteken is."

„Maar man, - je wilt toch een Christen zijn en ben je nu nog zo heidens bijgelovig? Bedenk toch eens welke dag het vandaag is."

„Ik geloof, dat het geen ongelukkige dag is." „Neen, het is geen ongelukkige dag, want het is de dag van onze Heere Jezus, die 11 wil zalig maken. Het is een zeer gelukkige dag, de Zondag, aan de verheerlijking van God gewijd."

Toemewa denkt even na en zegt dan: „Zo, ik dacht, dat het gisteren Zondag geweest was."

„Neen, het is vandaag Zondag en daarom moet je het werk laten rusten en naar de kerk gaan." „Maar meneer, ik moet wel werken, want iedereen is naar zijn werk gegaan."

„Toemewa, een Christen mag op Zondag niet werken."

Nu durft Toemewa niets meer terug zeggen, en hij durft ook niet meer verder te gaan. Hij mompelt: „De pandita is, een streng heer" en gaat naar zijn huis. Daar vertelt hij wat liem is overkomen.

De tifa, een kleine trommel, wordt geroffeld. Het is het teken dat de godsdienstoefening gaat beginnen. Tot zijn grote teleurstelling ziet Riedel, dat er slechts weinigen in het kleine kerkje komen. Het zijn de dorpshoofden met hun vrouwen en nog enkele anderen, die de moeite hebben genomen om het kerkje binnen te treden.

Het zingen klinkt zwak met zo weinig mensen. Oplettend wordt geluisterd, maar is het uit nieuwsgieriglieid of uit behoefte? Vurig bidt Riedel: „Heere, dat het U mocht behagen, in deze doodsbeenderen door Uw Heilige Geest, het nieuwe ware leven te wekken, en dat in dit oord Uw Koninkrijk mocht worden uitgebreid."

Na afloop vraagt de zendeling, waarom er zo weinig mensen in de kerk wa2'en. Het antwooi'd is, dat velen niet eens wisten dat het Zondag was, en dat ook velen nog in hun hutten woonden op de rijstvelden, omdat de oogst nog niet was afgelopen.

Die Zondag was bij Riedel dus erg tegengevallen, maar dat was het ergste niet. Al spoedig moest de zendeling constatex^en, dat de bewoners berucht waren wegens diefachtigheid en onmatig drinken van de palmwijn, waardoor velen in gruwelijke zedeloosheid leefden. Schier elke avond kon men het woeste getier horen van dronken jonge mannen. Twist in de woningen en echtscheidingen kwamen geregeld voor. Over het algemeen zag men een ruw en wanordelijk leven. Bovendien leefden onder de Alfoeren Chinese sluwe kooplieden, die de zedelijkheid niet op hoger peil brachten; Mohammedanen, die voor een kleinigheid mensen probeerden te kopen, om die voor veel geld op andere plaatsen te verkopen. Verder hielden heidense tovenaars, Walians genoemd, de mensen in de greep van schandelijk bijgeloof, waaruit geen ontkoming scheen te kunnen zijn.

Zo waren er veel hinderpalen, die door Riedel moesten overwonnen. Voorwaar een zeer zwaar werk! In eigen kracht zou het niet uit te voeren zijn, maar Riedel had geleerd om zijn kracht bij de Heere te zoeken. De zendeling begreep, dat hij het best maar werk van de jeugd kon maken in de opvoeding. Het onderwijs was in handen van een onbekwaam onderwijzer, zodat Riedel zelf moest gaan onderwijzen, niet alleen de leerlingen maar ook de leraar. De taal gaf ook grote moeilijkheden: er bestonden veel dialecten van de alfoerse taal. In het maleis waren de bijbel, een gezangboek en verschillende schoolboeken geschreven, zodat Riedel zich wel van het maleis moest bedienen, maar daarnaast gebruikte hij toch ook de alfoerse taal.

In zijn vrouw had Riedel een ijverige en bekwame helpster. Op Zondagmiddag werden de vrouwen bij elkaar geroepen met het doel die te leren lezen en terwijl konden ze de verhalen uit de bijbel aanhoren. Dit duurde echter niet lang, want de Walians, die wel inzagen dat hun invloed zou tanen, maakten de mannen bekend, dat hun vrouwen niets goeds leerden, maar dat ze aangezet worden tot ongehoorzaamheid, en dat de voorvaderlijke gebruiken en zeden in onbruik zouden geraken. De Walians kregen hun zin en mevrouw Riedel moest na enige tijd haar werk staken bij gebrek aan belangstelling. Met de naaischool ging het beter. Tweemaal per week kwamen de vrouwen in het huis van de zendeling om zich te bekwamen in allerhande werkjes, die bij het huishouden behoorden; ook het breien van netten voor de visserij werd geleerd, alsook het vlechten van korven. Terwijl de vrouwen en meisjes bezig waren, vertelde mevrouw Riedel uit de bijbel. De bijeenkomsten waren dus niet met opzet godsdienstig als die op de Zondagmiddagen maar langzaamaan werd toch het evangeliezaad gestrooid, en deze naaischool werd niet verhinderd door de Walians.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 maart 1954

Daniel | 8 Pagina's

ZONDAG IN TONDANO

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 maart 1954

Daniel | 8 Pagina's