RONDOM STAAT EN KERK
Van het bestaan van een staat kan men daar spreken, waar een nauwkeurig begrensd gebied is, bewoond door een volk, dat door taal, afkomst, godsdienst en zeden, of door een gemeenschappelijk cultureel of commercieel streven een eenheid vormt.
Het is dus niet zo, dat men het ene land en volk zo maar bij het andere zou kunnen voegen. Men denke maar aan de ellende met het Saargebied en b.v. aan Triest. In 1830 werd België losgemaakt van Nederland dat was maar goed ook, want met het roomse België konden wij niet samenleven, al hadden de grote mogendheden dat eerst zo bepaald. En in België zien we tot heden ook, dat een tweetalenland, het samenhouden van fransgezinden en Vlamingen in één land, de eenheid blijft ondermijnen.
In dit verband moeten we ook bedenken, dat God in de mensheid apart levende en werkende levenskringen heeft gewild. Het is heus niet zo. dat men alle landen en volkeren maar tot één zou kunnen smeden; weg grenzen, weg die aparte regeringen! O, neen. Toen de mensen gingen bouwen aan de grote toren van Babel, die lot de hemel zou reiken, en zij dus allemaal bij elkander wilden blijven, verwarde God de spraak, zodat zij uiteen gingen en alzo heel de aarde gingen bebouwen en bewonen.
En zo is het ook in ons eigen land gelukkig dat er provinciën zijn, elk met eigen gekozen bestuur, alle verenigd in het Koninkrijk der Nederlanden. Elke provincie heeft thans haar eigen aard en dialect. Wat zou b.v. een nuchtere Noord-Hollander de baas moeten spelen over Overijselse belangen, of een Zeeuw zich bemoeien met de Friezen? Het socialisme heeft voor deze gewestelijke verschillen nooit veel oog gehad. En toen de fransen hier heersten (1795—1813), maakten zij van Holland een paar Departementen, wat konden hun al die aparte provincies schelen?
U voelt het, hierin ligt nog meer verscholen. Sommigen hebben gedroomd van één ongedeelde wereld, naar aan het hoofd één mens zou staan, die dan alles zou regeren. De Russen hebben in hun heilloos communisme wel zulke neigingen. En zou eens die mens kómen, die heel de wereld zal regeren en die dan de radio zal gebruiken om al de aardbewoners toe te spreken? Zal dat niet zijn de mens der zonde, de dienaar van de vorst der duisternis, die zich tegen God zal stellen? Ja lezer, denk er eens over na. Lees eens het boek der Openbaringen en dat van Daniël. Er slaat nog wat te gebeuren eer de laatste van Sions burgers geboren is en Michaël de arch angel de bevelen en oordelen Gods gaat uitvoeren!
Ziet ge wel dal er in het leven en in alle verschijnselen niets is of het staat met andere feiten, verhoudingen of met het verleden in verband? In alles volvoert de Heere Zijn raadsplan; want Hij laat Zijn doel niet los. En daarin vervullen de volkeren, maar ook U en ik, ah kleine slipjes, en onder onze verantwoordelijkheid, Gods Raad. Zo heeft elke handeling die ivij verrichten een bepaalde plaats in 's Heeren Raad. Of we trouwen, wanneer wc dat doen, en met wie, of wij emigreren en zo ja, waarheen wij gaan, is van vérstrekkende betekenis voor ons en ons nageslacht, ja het houdt verband met de uitbreiding en welstand van het Koninkrijk Gods. Laten wij deze dingen, al zijn wij jong (ja, juist daarom) toch biddend overwegen. Maak mij Uwe wegen bekend. leer mij Uwe paden!
Ik ben hier weer afgedoold. Maar ik voer een excuus aan en dat is dit: wij kunnen nimmer dit of dat gaan bespreken „op zichzelf', omdat er niets is dat „op zichzelf' slaat. In de wereld komend gaan we in de mensheidshistorie in; we zijn al dadelijk „bepaald" in afkomst, land, zeden, godsdienst of geen godsdienst en zo meer. Want boven onze geboorte staat de regerende God; Zijner is de aarde en Zijner is elk mens; geheel gepast in Zijn souvereine Raad. En tot ons is Gods Word gekomen, toe behoeven clus niet als onwetenden te staan in de wereld. Kijk, dat moet je nu 's Zondags kunnen horen: een mens getekend buiten het Paradijs; zonder God in de wereld! En welke smart dat in het hart verwekt als de H. Geest ons er bij vastzet. Want de koninkrijken der wereld vergaan, maar nu dat Koninkrijk der Hemelen; het is er cn het is komende! Daarvan zich door genade onderdaan te weten, opent een verschiet van onuitspreekbare zaligheid.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 8 januari 1954
Daniel | 8 Pagina's