De verloren zoon uit het Oude Testament
Manasse was twaalf jaren oud, toen hij Koning werd." (2 Kon. 21 : 1)
Een ieder van mijn lezers kent de gelijkenis uit het Nieuwe Testament van de verloren zoon. Maar laat ik U ook eens herinneren aan de geschiedenis van ecu verloren zoon uit het Oude Testament. Zijn naam is Manasse, zoon van de godvruchtige Hiskia. Hij d.an erfde zijns vaders troon toen hij pas twaalf jaren oud was. De onervarenheid van zijn leeftijd, en verkeerde raadslieden maakte de oorzaak uit om de jeugdige vorst, die reeds vroeg aanleg zal getoond hebben lot lichtzinnigheid, van 's vaders paden af te leiden tot hunne paden. De partij der afgodendienaars werd al spoedig op een in het oog lopende wijze begunstigd. Hoe vreselijk waren de gevolgen, daar de jonge vorst meer en meer lust kreeg in heidense gruwelen. De eerste stap kostte hem wel enige moeite, daar hij toch was opgevoed in het huis zijn vaders in de vreze des Heeren. Maar hij zonk hoe langer hoe dieper weg, en het duurde niet lang of hij overtrof in goddeloosheid dc meest goddeloze koningen als Achaz en Achab. Leest eens de verzen 3 tot 7 in uw teksthoofdstuk, dan vindt U daar een opsomming van de gruwelen die hij deed. Wat zal het geweest zijn voor de profeet Jesaja, die met zoveel smart de dwaasheden van deze verloren zoon aanschouwde, en zelfs, naar men zegt, onder zijn regering cn op zijn bevel in stukken gezaagd werd. Hoe vreselijk zullen de gevolgen van die handelingen zijn, want die God verlaat heeft smart op smart te vrezen. De Heere komt op Zijn tijd, en dat zal ook Manasse Ondervinden. Toen de Assvriërs krijgdeu tegen de Egyptenaren schaarde Manasse zich aan de zijde der Egyptenaren. Hij werd in die strijd gevonden door de Assyriërs die hem in het 40ste jaar zijner regering in dubbele ketenen naar Babel voerden.
Gevangene der Assyriërs'. Ongelukkige Manasse! Waar is nu uw glorie?
De Heere had nog menigmaal gesproken tot Manasse cn tot zijn volk; maar zij merkten daar niet op. 2 Kron. 33 : 10. Hoe vreeslijk is het als ook wij niet letten op de stemme Gods, die op allerlei wijze ook tot ons spreekt.
Wat een waarschuwend voorbeeld is deze verloren zoon uit het Oude Testament ook voor onze jonge mensen. Hoe velen treffen wij er aan, die zich onttrekken aan de invloed, die onder de genadige zeggen des Heeren tot hunne behoudenis had kunnen dienen; zij, die het onderwijs en de vermaningen der ouders en leraren in de wind slaan, en tegen de inspraak van het geweten in zich onverschillig gaan gedragen, en soms in openbare vijandschap zich tegen God cn Zijn Woord gaan openbaren. Wij hebben het in onze bediening meegemaakt dat zij die soms in hun jeugd op de gezelschappen welke in de ouderlijke woning gehouden werden met aandacht, ja soms met indrukken zaten te luisteren, door verkeerde vrienden cn goddeloze boeken tot godloochenaars zijn geworden. En als ik dan naga hoe hun einde geweest is, dan zal ik dat nooit kunnen vergeten. Hoe vreselijk zal bet voor de zulken zijn om te moeten vallen in de handen van die God, waarmede zij gemeend hadden tc hebben afgerekend. Wat een tranen worden er geschreid van vaders en moeders over het lot van hunne verloren zonen en dochteren! Een smart die mee gaat tot aan hun graf!
Jonge mensen! spiegelt u toch aan het voorbeeld van deze jeugdige vorst van Juda. Al hebben wij geen bossen van de afgod Astaroth, of ook geen altaren van Baiil, ja ook geen Moloch, denkt echter eens aan de goden van deze tijd; de hoogmoed, ijdelheid, de weelde, lichtzinnigheid, leugen en godsverzaking en wat al meer; dan zijn de namen slechts anders, maar in wezen zijn het dezelfde! O gij die de Christennaam draagt, en in de christelijke kerk geboren en gedoopt alsmede ook opgevoed ja werd, mogelijk ook in dat heilige uur uws levens, toen gij voor God en de gemeente beloofd hebt de
wereld te zullen verzaken 011 een nieuw christelijk leven te leiden, hoe staat het nu met U?
Denk er toch eens aan daar uw einde nadert, en de boeken van uw leven zullen door die God geopend worden, en dan te laat, voor eeuwig tc laat! Valt die God nog te voet, nu gij nog leeft in het heden der genade, opdat hetgeen Manasse in de kerker beleefd heeft ook door U mocht ervaren worden, waarover ik een volgende maal nader wens terug te komen. Die rijkdom uit genade voor verloren zonen cn dochteren die in Jezus Christus is, hopen wij dan te behandelen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 oktober 1953
Daniel | 8 Pagina's