JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

VOOR ONZE  Militairen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VOOR ONZE Militairen

OVERHEID, GEZAG EN RECHT (3)

6 minuten leestijd

Hoeveel er ook veranderd moge zijn, het eigendomsrecht zelf is, de geschiedenis door, onveranderd gebleven; zo schreven wij in ons vorig artikel.

Met name het moderne Communisme pretendeert het huw r elijk en daarmee het gezin, alsook het eigendomsrecht te kunnen opheffen, de geschiedenis leert ons echter, dat het niet lukt, zodat zelfs het Communistisch Rusland het eigendomsrecht kent. Ook al hebben de drijvers van het arme volk de vroegere bezitters vermoord, om hun goederen te roven.

Feit is dat er geen maatschappelijk leven zonder huwelijks-en eigendomsrecht bestaat, ook nooit bestaan heeft en ook niet bestaan kan.

Deze primaire rechten moeten beschermt, anders kan van een handhaven van het levensrecht geen sprake zijn. Het is daarom, dat de door God geopenbaarde rechtsorde zich over deze grote sociale levensgebieden Uitstrekt. Vandaar de geboden in Gods Wet: Gij zult niet doodsiaan, gij zult niet echtbreken, gij zult niet stelen. Daarom is het de taak der Overheid haar gezag over dit alles uit te breiden omdat ze zodoende de haar van God verordende functie zal kunnen volbrengen.

Zij verschijnt dan ook voor het bewustzijn van alle volken der Oudheid niet alleen a's niet Goddelijk gezag bekleed, maar tevens als tot de volbrenging harer taak van Godswege toegerust.

W T ie zou U niet vrezen, gij Koning der heidonen? want het komt U toe. Dat wordt nu door Salomo klaar en onomwonden uitgesproken. Daar woï'dt de Goddelijke Wijsheid sprekende en met haar opgaand licht over alle levensverhoudingen ons voorgesteld. Van deze Goddelijke wijsheid wordt ons eerst gezegd, Raad en wezen zijn mijne, Ik ben het verstand, Mijne is de sterkte. Raad is in haar, zodat wie door haar bestuurd en geleid wordt, het goede deelachtig zal worden, de ware levensdoeleinden zal bereiken. Zij geeft verstand met Goddelijk licht bestraald en wijst ons de juiste weg, die wij zullen gaan. En die eeuwige Goddelijke wijsheid zegt nu: Door mij regeren de Koningen en stellen de vorsten gerechtigheid. De overheid is er dus niet zoals latere wijsgeren leerden, door een vrijwillig gesloten verdrag" waarbij de individuen besloten van hun macht af te staan en daarmee van hun recht. Wat een dwaasheid dit te leren. De Overheid is er niet krachtens een door mensen genomen besluit, omdat die mensheid tot het inzicht kwam, dat geregeerd worden, voordeliger en nuttiger is dan in voortdurend onderlinge strijd te leven. Indien op deze wijze, zoals de wijsgeren dei - revolutie leren, de Overheid ware ontstaan, zij zou nooit ontstaan zijn, daar het volkomen uitgesloten is, dat een zondaar wiens recht volgens deze leer evenzo ver gaat als zijn macht er nooit toe zou kunnen worden gebracht, van nature het offer van zich zelf te brengen. De Goddelijke Wijsheid stelde het Overheidsgezag in. De Goddelijke Wijsheid heeft door haar voorzienigheid de mensheid zó geleid door het licht harer openbaring, dat overal waar de mens verschijnt, hij blijkt een overheidsgezag te erkennen en te gehoorzamen, ofschoon hij dit zelf niet heeft voortgebracht, maar vond in het milieu, waarin hij werd geboren.

Een mens riep het overheidsgezag niet op, maar het was over hem bij zijn geboorte. De Goddelijke Wijsheid had het opgeroepen als waker over de door God zelf verordineerde rechtsorde die tot strekking had, het menselijk samenleven mogelijk te maken.

Uit dat feit is het ook verklaarbaar, dat onder de volkeren het overheidsgezag met Goddelijke autoriteit is bekieed, want Gods Souvereiniteit straalt op de Overheid af. Daarom heeft de Overheid zo'n zware verantwoording. Daarom is zij Gods dienaresse. De Heilige Schrift zegt zonder enige beperking dat door de Wijsheid, de koningen regeren. Alle Koningen, alle Overheden, alie vorsten, regeren door Haar.

Zo zegt ook onze Belijdenis in overeenstemming met dat Woord: dat God, Koningen, Prinsen en Overheden verordend heeft, willende dat de wereld geregeerd worde door wetten en politieën. Wij hebben dus in de Overheid van doen met een ordinantie Gods, die zich uitstrekt over de gehele menselijke samenleving, over alle rassen, volken, stammen en geslachten. Hebt ge daar wel eens ernstig over nagedacht, mijn waarde lezer ? Het zou er in de wereld heel anders uitzien, als Overheid en onderdaan dit eens meer beleefden. Daar zou van een opstaan tegen de Overheid geen spi^ake zijn en evenmin van een verdrukking van de onderdaan. Daarom rust de dure plicht op Overheid en onderdaan op alle terrein des levens alleen de Ere Gods te bedoelen.

De Apostel zegt van alle Overheid zonder uitzondering: Er is geen macht dan van God, en de machten die er xijn, die zijn van God verordineerd. Zo staat voor alle eeuwen, voor alle Overheidsvormen vast, dat zij hun ontstaan te danken hebben aan Gods Souvereine, albeschikkende Voorzienigheid. Deze beschikking gaat zowel over Israël als over de hei den wereld. Van deze alle geldt het woord van de Wijsheid: Door mij regeren de Koningen. Over de wijze waarop het Wooi^d des levens dit doet, wordt ons verder niets meegedeeld. Het h^ngt van de culturele toestand der volken af op welke wijze zij geregeerd worden, Zij komen op, gedragen door een geloof.

Dat geloof is buiten het licht van Gods bijzondere openharing (pseudos) zoals de apostel zegt in Rom. 1 : 25 dus leugen, niet Godskennis in de reine ware zin des woords, want God kennende, hebben zij Hem als God niet verheerlijkt of gedankt. De heerlijkheid van de onverderfelijke God hebben zij veranderd in de gelijkenis eens beelds van een verderfelijk mens, van gevogelte, viervoetig en kruipend gedierte. Zo laat God hen met hun vals geloof, hun Pseudos aan zich zelf over in de begeerlijkheid hunner harten.

Maar ook in de heidenwereld is niet alles gelijk. Er werkt, ondanks de zondeval, ook in die heidenwereld een goddelijke openbaring, die wel niet dezelfde volle klaarheid heeft als onder het uitverkoren volk, maar toch daarom nog niet door allen op dezelfde wijze wordt ontvangen, opgenomen en gehoorzaamd. Er heerst een grote verscheidenheid, zodat ook onder de volken huiten het gebied der bijzondere openbaring - , er van grote ongelijkheid sprake is, waarin niet minder dan onder de Christenvolken Gods verkiezende daden openbaren. Er zijn ook onder de heiden volken minder en meer begaafden; volken bestemd om te heersen en volken om beheerst te w T orden. Daar is in de geschiedenis de wet te speuren door Bilderdijk bezongen van opgaan, blinken en verzinken. En dat laatste, dat verzinken, is dan gewoonlijk het gevolg van een geestelijke inzinking, van ontrouw aan de voorvaderlijke inzettingen en bovenal van ongeloof in hetgeen de levenskracht was van voorgaande voorgeslachten. Zo zien wij in de geschiedenis onder alle volken in wezen hetzelfde historische proces zich voltrekken. Door de Goddelijke Wijsheid regeren de koningen, kwamen zij op hun tronen, maar vielen ook de tronen en komen andere regeringsvormen, andere machthebbers op. En zij komen op, in de diepste grond door de Goddelijke Wijsheid. Voor ons is dit soms moeilijk te verstaan. Maar daarover de volgende keer.

„KRIJGSMAN".

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 26 juni 1953

Daniel | 8 Pagina's

VOOR ONZE  Militairen

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 26 juni 1953

Daniel | 8 Pagina's