VRAGENBUS
Correspondentie voor deze rubriek aan : T. MOLEN AAR. Lee.i le IH. Rotterdam Zuid
A. K, te R. vraagt een verklaring over Deut. 17 : 16 en 17, in verband met de handelswijze van Salomo.
Antwoord: In Deut. 17 wordt in de koningswet. gezegd, dat de toekomstige koning voor zich de paarden en de vrouwen niet mocht vermenigvuldigen, evenmin mocht hij het goud en het zilver vermenigvuldigen.
Het paard dat bij ons zo hoog wordt werd bij de Oosterling weinig gebruikt. gewaardeerd,
Runderen, ezels, muildieren en kamelen bewezen hen in 't veld en op reis goede diensten.
In de strijd was het paard van onschatbare waarde, maar aangezien Israël van de Heere het land Palestina zou erven, behoefde Israël buiten zijn grenzen geen veroverings-oorlogen te voeren. Daarom werd aan de koning het onderhouden van veel paarden verboden, en dit te meer, omdat voi'ming van ruiterij alleen mogelijk was, door tussenkomst van Egypte, waar veel paarden gefokt werden. Met dit land mocht Israël geen betrekkingen aanknopen. Salomo scheen zich echter ontslagen van dit uitdrukkelijk gebod Gods, omdat men een terugkeer naar Egypte niet meer te vrezen had.
Niet zozeer het hebben van paarden wordt hier verboden in Deut., als wel het met en door die paarden met Egypte weder in aanraking komen. Door een sterke arm zijn zij uit Egypte verlost. Egypte moet voor hen het beeld zijn van slavernij, dood en verderf. Wat de vele vrouwen betreft zij opgemerkt, dat heel het leven van die Bijbelheiligen, die meer dan een vrouw hadden, getoond heeft, dat Gods ongenoegen er op rustte. Ik denk aan Jacob, Elkana, David, en Salomo. Eindelijk, wat het goud en zilver aangaat, moet U niet vergeten, dat Salomo's rijkdom de vervulling was van Gods belofte: „Zelfs ook wat ge niet begeerd hebt, heb Ik U gegeven, beide rijkdom en eer; dat uws gelijke niemand onder de koningen al uw dagen zijn zal." Ik besluit dit antwoord met de opmerking van Perkins: „Indien God overvloed van dingen toezendt, die meer dan noodzakelijk zijn voor de Prinsen, zo mogen zij die van de hand Gods ontvangen en behoren daar voor dankbaar te zijn, maar de koningen mogen zelf niet meer zoeken, dan voor hun staat nodig is."
C. G. te IJ doet twee vragen, die wel in één antwoord kunnen saamgevat worden.
Hij vraagt: Wie of wat wordt er bedoeld met Genesis 22 : 8: En Abraham zeide: God zal Zichzelve een brandoffer voorzien, mijn zoon!" enz.: Toen Abraham de hand uitstrekte om zijn zoon te slachten, sprak op dat moment zijn vaderhart niet? "
Luther zegt: „Waar de duizenden vragen van zijn vaderhart rust zoeken, daar kan ook alleen de zoon het antwoord verkrijgen. Terwijl hij deze op de Heere w r ijst, dient dit tevens voor hem tot geloofsversterking.
Hij heeft in zieleangst een profetisch woord gesproken, waarover hij nu wel verder zal nagedacht hebben. Ook Isaak zegt verder niets. Hij is de Vader gehoorzaam, hij geeft zich over."
Het woord voorzien heeft hier de betekenis van vooraf zorgdragen.
Abraham heeft hier niet het oog op de voorwetenschap Gods, maar op diens albestierende zorg.
Onder voorzienigheid Gods is dan ook niets minder te verstaan dan de zorg Gods, die over alles gaat. Kort saamgevat is hier in de allereerste plaats door Abraham bedoeld een gewoon lam, maar doordat hij profetisch sprak, had deze uitdrukking een veel verstrekkende betekenis en wel, dat dit lam zou zien op Christus.
Het is schier niet denkbaar, dat Abraham's vaderhart niet gesproken heeft, maar vergeet nooit, dat Hebr. 11 : 17, 18 en 19 (lees maar) de sleutel is, om te verstaan, dat Abraham toch gehoorzaamde.
Hij deed zulks toch door het goloof?
Het geloof redeneert niet, maar verlaat zich alleen op Hem, Die gezegd had: „In Isaak zal u het zaad genoemd worden."
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 mei 1953
Daniel | 8 Pagina's