JOHN G.PATON
ZENDING ONDER PAPOEA's
Tanamal aan de arbeid.
De 2de Juni 1909 arriveerden zendeling Van Hasselt en Tanamal met zijn vrouw 's morgens om acht uur te Pakriki op het eiland Noemfoor. Een menigte prauwen zwermde om het stoomscheepje „Pionier". Nieuwsgierigheid drong de inlanders tot in de nabijheid van de vreemdelingen. Op één van de prauwen was het dorpshoofd. Deze vroeg aan de zendeling. „Brengt u ons een goeroe? " Het korte antwoord van Van Hasselt luidde: „Neen, " „Waar moet dan deze goeree heen? " vroeg het dorpshoofd verder. „Ik breng hem naar Biak, " antwoordde cle zendeling.
„Krijgen wij geen goeroe meer? " „Neen, jullie hebben de vorige goeroe willen doden, en daarom is hij gevlucht."
„Dat is helemaal niet waar. Wij hebben het niet gedaan, maar mensen van een ander dorp." „Nou, als dat zo is. dan wil ik het nog eens met jullie proberen. Maar denk er aan, als deze goeroe moet vluchten, dan zullen jullie aangeklaagd worden bij het gouvernement."
„Het is goed. heer. Als deze goeroe zou moeten vluchten, dan zullen ik en mijn mensen voor hem boeten."
Na dit gesprek konden Tanamal en zijn vrouw naar het dorp gaan, waar mannen, vrouwen en kinderen samengroepten. Van Hasselt was ook aan land gegaan en in tegenwoordigheid van de dorpelingen bad hij voor de twee mensen, die hier zo'n zwaar werk beginnen moesten. Zoals weleer cle Heere Jozua bemoedigde, wenste zendeling Van Hasselt de goeroe sterkte en moed toe, om niet te versagen, maar met een vast geloof de Heere aan te hangen.
We moeten ons niet voorstellen, dat Tanamal dadelijk beginnen kon om het volk te onderwijzen in de Leer die naar de godzaligheid is. Op Noemfoor was nog nooit een werkelijk bestuur geweest. Ieder deed wat goed was in zijn ogen. Verscheidene misdaden werden gepleegd, meestal als gevolg van dronkenschap. Van de cocospalm werd sterke drank (sagoeweer) bereid, die de gemoederen verhitte, en woeste tonelen kreeg men vaak te aanschouwen. Zodoende werd de goeroe geroepen om bemiddelaar te zijn tussen twee mensen of twee dorpen; dan weer moest hij dokter of ziekenverpleger zijn; vervolgens werd hij als tolk gebruikt bij een Hollandse expeditie, die gekomen was om misdadigers op Noemfoor op te sporen. Maar bij dit alles kwam tenslotte toch ook het eigenlijke onderwijs aan de beurt. Met voorzichtigheid en met veel geduld werd een aanvang gemaakt om het volk te onderrichten En vreemd! Na enige tijd kwamen uit omliggende dorpen inboorlingen, die als zeer gevaarlijk te boek stonden, naar de goeroe en zeiden. „Vroeger waren we vechtersbazen en deden veel kwaad, maar nu willen we anders. Geef ons ook een goeroe, opdat wij het Evangelie horen."
Tanamal zond dan bericht naar Van Hasselt en deze zorgde voor onderwijzers, die voornamelijk van Ambon kwamen. Na enige tijd had elk dorp op Noemfoor een goeroe en werd het zaad van Gods Woord op het heidense eiland uitgestrooid met kwistige hand, tot heil van de bevolking". Langzamerhand werden vruchten gezien: de zielebeelden en amuletten (soort tovermiddelen) werden vrijwillig ingeleverd, want de inboorlingen braken met het heidendom, zoals ze zeiden. In 1911 werden door zendeling Van Hasselt 500 mensen gedoopt in het dorp Pakriki, w'aar goeroe Tanamal zich had gevestigd.
Nu moeten we niet denkeni, dat alles voor de wind ging. Er w r as heel wat tegenstand te overwinnen. Het is, meen \k, een uitdrukking van Luther, waarin gezegd wordt: „Wanneer de Heere een kerk bouwt, zet de duivel er een kapel naast." Zo was het ook hier. Een leugenprofeet was opgestaan op Noemfoor. Hij beweerde, dat hij een profeet was voor de heilstaat (Koreri), die te komen stond. Naar de goeroes moesten de mensen niet luisteren. Wat die zeiden waren allemaal leugens, maar hij, hij kon hun het heil naar ziel en lichaam verschaffen, mits ze hem allerlei gaven brachten. Als de mensen op reis wilden gaan, dan moesten ze bij hem om advies of ze een goede, dan wel een slechte wind zouden hebben. En voor dat advies moest worden betaald. Daar draaide de zaak om: geld en goederen. Zo probeerde hij het volk van het geloof af te krijgen en zichzelf te verrijken ten koste van de bevolking.
De assistent-resident bemoeide zich er mee en door middel van een brigade soldaten werd de leugenprofeet gevangen genomen. De gevangene kon vijf jaar doorbrengen in de gevangenis in Ternate.
Andere moeilijkheden ondervond Tanamal met het districtshoofd. Nog steeds tapten de inboorlingen palmwijn uit hun bomen, met het gevolg, dat er door dronkenschap weer vechtpartijen ontstonden. De ass.-resident verbood dit tappen van wijn, maar het districtshoofd liet het oogluikend toe. Tanamal bracht hierover verslag uit. en zodoende kwamen er allerlei verwikkelingen. Zendeling" Van Hasselt vond het raadzaam, dat goeroe Tanamal Noemfoor verliet. Op een ander eiland zou hij vruchtbaarder kunnen wei-keft. De zendeling had het eiland Jappen op het oog. Hij zou Tanamal er over schrijven. En wat wil het geval ? Voordat de goeroe dit schrijven ontving, droomde hij, dat een heiden van Jappen hem kwam halen met een vliegtuig. Een wonderlijke droom, maar toen Tanamal de brief las om naar Jappen overgeplaatst te worden, was hij terstond bereid om te gaan. Van Hasselt kreeg wel vlug antwoord terug!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 3 april 1953
Daniel | 12 Pagina's