JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

JOHN G. PATON

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

JOHN G. PATON

Wat is het Christendom ?

4 minuten leestijd

Wat is het Christendom ?

Gelukkig kreeg Paton, na het verlies van Namakei, een nieuwe vriend en helper. Zijn naam was Naswai en deze was het opperhoofd van het grootste dorp op Aniwa. Hij was verstandiger dan Namakei en onderwees zelf 'de jeugd in de school op zijn dorp. Ook was hij ouderling in de kerk. Hij werd een zeer ijverige strijder voor de zaak des Heeren.

Toen de Dayspring, het zendingsschip, afgevaardigden van Fotuna op Aniwa bracht, werden er na de godsdienstoefening toespraken gehouden. De bezoekers van Fotuna waren komen zien hoe groot de invloed van het Evangelie was, ze moesten toch ook iets horen. Nadat enkele onderwijzers het woord hadden gevoerd, sprak ook het opperhoofd Naswai. Hij deed dit ongeveer op de volgende manier:

„Mannen van Fotuna. gij komt om te zien wat het Evangelie voor Aniwa heeft gedaan. Het is Jehovah, de levende God, die hier alles zo heeft veranderd. Toen wij nog heidenen warén, hadden we gedurig twist en doodden en aten wij elkander. Wij hadden geen vrede en geen vreugfle in hart noch huis, in dorp noch land. Maar nu leven we als broeders en zijn gelukkig en tevreden.

Als gij op Fotuna terugkomt, zullen zij u vragen: „Wat is het Christendom? " Dan zult gij antwoorden: „Het is dat, wat het volk van Aniwa heeft veranderd." Dan zullen ze nogmaals vragen: „Wat is het? " En gij zult antwoorden: „Het is dat, wat hun klederen en dekens, messen en bijlen, vishaken en een menigte andere nuttige dingen gegeven heeft. Het is dat, wat hen er toe gebracht heeft, het vechten op te geven en als vrienden te leven."

Maar zij zullen u nog eens vragen: „Maar waar gelijkt het op? " Dan zult gij hun, helaas, moeten zeggen. dat gij het niet kunt uitleggen; dat gij alleen de werking er van hebt gezien, niet het Christendom zelf; dat niemand zeggen kan wat liet Christendom is, dan de man, die Jezus, de onzichtbare Meester, liefheeft, Hem volgt en tracht Hem te behagen.

Zie. gij volk van Fotuna, gij denkt dat ge geen goede oogst zult hebben, als gij niet danst en zingt en tot uw goden bidt. Wij dachten dit vroeger ook, en begonnen ieder jaar, reeds weken vóór de zaaitijd, ter ere van onze goden te offeren en allerlei gruwelijke dingen te doen. Maar wij zagen onze Missi alleen tot de onzichtbare God bidden vóór hij zijn broodwortels plantte, en ze groeiden veel beter dan de onze. Gij zijt ieder jaar al zwak vóór uw zware arbeid in de velden begint, door uw wild en slecht gedrag om uw goden te behagen. Maar wij hebben kracht voor ons werk, want wij bidden tot Jehovah. Hij geeft ons rust inplaats van dat wilde gedans en maakt ons gelukkig onder ons werk. Sedert wij begonnen zijn Missi's voorbeeld te volgen, heeft Jehovoh ons een groter en schoner oogst

gegeven, en nu weten we dat elke regen van Hem komt.

Als gij weer op Fotuna gekomen zult zijn, en men u vragen zal: „Wat is het Christendom? ", dan zult gij gelijk zijn aan een zeker opperhoofd van Erromanga, die eens hier kwam, en een groot feest op het strand bijwoonde. Toen hij zoveel verschillende soorten van spijzen zag, vroeg hij: „Waar is dit van gemaakt? " Het antwoord luidde: „Van kokosnoten en broodwortels". „En dit? " „Van kokosnoten en bananen". „En dit? " „Kokosnoten en kastanjes."

Het opperhoofd was ten hoogste verwonderd over de menigte gerechten, die van de kokosnoot bereid konden woden, en nam er bij zijn vertrek een hele vracht mee, opdat zijn volk het heerlijke voedsel van de strandbewoners ook eens zien en proeven mocht.

Hij riep zijn volk bij elkaar en vertelde van de wonderen van dat feest. Daarop kwamen de kokosnoten voor de dag, en na ze geroosterd te hebben, nam hij de kern, die geheel verbrand en bedorven was, uit, en verdeelde ze onder zijn volk.

Ze proefden de kokosnoten, begonnen te kauwen en spuwden ze toen uit.

„Bah, " zeiden ze, „ons eigen voedsel is vrij wat beter dan dit!"

Het opperhoofd stond beschaamd en werd voor zijn moeite nog uitgelachen ook. Was dat de schuld van de kokosnoten? Neen, maar ze waren bedorven door het klaarmaken. Evenzo zullen uw pogingen, om te verklaren wat. het Christendom is, niets doen dan het bederven. Zeg hun dat iemand moet léven als een Christen, vóór hij anderen duidelijk kan maken wat het Christendom is."

Met deze les van Naswai konden de afgezanten van Fotuna naar huis.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 december 1952

Daniel | 8 Pagina's

JOHN G. PATON

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 december 1952

Daniel | 8 Pagina's