JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

VRAGENBUS

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VRAGENBUS

4 minuten leestijd

i Correspondentie voor deze rubriek aan : \ T. MOLENAAR. Leede 18. Rotterdam-Zuid

V J A. M. te R. heeft mij een lange brief geschreven, waarin hij nogal scherp veroordeelde de viering van het St. Nicolaasfeest. Hij vroeg mijn mening.

Antwoord: St. Nicolaasfeest heeft een roomse bijsmaak, waarom ik kan begrijpen, dat vele protestanten zich bezwaard gevoelen, dat feest te vieren. Nicolaas van Myra is een van de voornaamste heiligen van de Griekse Katholieke kerk. Volgens overlevering moet hij in een nacht eens bij een arme edelman geld in huis geworpen hebben, opdat deze de uitzet van zijn dochter zou kunnen betalen.

Omdat hij algemeen veel goed deed, heeft men gemeend zijn sterfdag (6 December) te moeten herdenken. Dit herdenken gaat gepaard met het geven van cadeau's, waarbij de kinderen in het middelpunt staan.

Hoewel ik geloof, dat de gedachte aan Nicolaas van Myra steeds meer op de achtergrond raakt, blijft het toch waar, dat het een rooms feest is. En aangezien de macht van Rome steeds toeneemt en de praktijken van Rome, gezien de berichten uit Spanje en Columbia nog ongewijzigd zijn, zij men op zijn hoede, om Rome niet in 't gevlei te komen.

't Is wel erg, dat men voor St. Nicolaas kosten noch moeite spaart en dat de jaarlijkse bid-en dankdagen steeds meer in verval geraken. En niet alleen die dagen, maar i.z.h. de Dag des Heeren. Hoe wordt deze ontheiligd! 't Is een aanklacht voor Christelijk (? ) Nederland, dat we steeds meer cle ordinantiën des Heeren verlaten en dat we heulen met onze aartsvijand, die in verledene tijden ons land heeft gedrenkt met het bloed der martelaren. Nederland let op uw saeck!

N. N. te R. doet mij enige vragen over het boek „Esther."

le. Waarin dit boek zich onderscheidt van cle andere Bijbelboeken.

2e. Of het een geschiedkundig boek is.

3e. Of de wet der Meden en Perzen onherroepelijk is en zo ja, waarom dat bevel in hoofdstuk 8 in tegenstelling met hoofdstuk 3.

4e. Waarin bestonden de vrolijke dagen en maaltijden ?

5e. Hoe konden vele volkeren Joden worden ? Ge* schiedde dit door besnijdenis of andere ceremoniën.

Antwoord: Wat het eerste betreft zou ik kunnen schrijven, dat in het boek Esther de naam van God niet voorkomt, dat in onderscheiding van elk ander boek des Bijbels. Dat neemt echter niet weg, dat Gods voorzienigheid in dit boek duidelijk aan het licht treedt

en dat de naam Gods als onzichtbaar op schier elke bladzijde is uitgedrukt.

Op vraag 2 kan ik bevestigend antwoorden.

Wat vraag 3 betreft, het volgende:

Inderdaad was de wet der Meden en Perzen onherroepelijk. Dat zegt koning Ahasveros zelf in hoofdstuk 8 : 8. Deze tekst wil ik met enkele tussenvoegingen neerschrijven, dan zal het u wel duidelijk zijn.

„Ik wil u, Esther en Mordechai, dezelfde rechten geven, die ik eens aan Haman gaf n.1.: Schrijft dan gijlieden voor de Joden, zoals het goed is in uw ogen, een onveranderlijke wet, in des Konings naam en verzegelt het geschrift, met des Konings ring, want de eerste wet door Haman uitgevaardigd is niet te herroepen."

De eerste, door Haman uitgevaardigde wet, was dus nog van kracht, maar nu kwam er een andere ook niet te herroepen wet, waarin bekend gemaakt werd, dat de Joden zich mochten verdedigen tegen, en dat zij mochten doden, ombrengen en verdelgen al hun vijanden.

De vierde vraag lijkt mij niet zo moeilijk. U moet er niets bijzonders achter zoeken. De Joden waren blij, toen gebleken was, dat de aanval van Haman had gefaald en dat dit was gebeurd door de Almachtige Hand Gods ten gunste van Zijn volk.

Iemand, die blij is, maakt de dag tot een vreugdedag en openbaart dat in een welvoorziene dis, in een heerlijke maaltijd.

Eindelijk de laatste vraag. Het betekent niet, dat enkelen de zijde der Joden kozen, maar dat velen de dienst der afgoden vaarwel zegden en de dienst des Heeren kozen, de dienst van Hem, Die op zulk een wonderlijke wijze de Joden had beschermd, terwijl anderzijds de onmacht van de afgoden was gebleken in de val van Haman.

Hier wordt vervuld het woord van Zacharia.

„Het zal in die dagen geschieden, dat tien mannen uit allerlei tongen der Heidenen, grijpen zullen de slip van een Joodse man, zeggende: Wij zullen met u gaan want wij hebben gehoord, dat God met ulieden is."

De overgang van de Heidenen tot de Joden was tweeërlei. De proselieten, die geheel tot het Jodendom overkwamen werden besneden en gedoopt en droegen de naam van proselieten der gerechtigheid. Anderen, die geestelijke aansluiting zochten, bezochten alleen de synagogen en voelden zich aangetrokken tot het monotheïsme. Deze proselieten werden in het N. Testament „Godvruchtigen" genoemd.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 november 1952

Daniel | 8 Pagina's

VRAGENBUS

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 november 1952

Daniel | 8 Pagina's