JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Op het gebied van de Zending

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Op het gebied van de Zending

4 minuten leestijd

RONDKIJK

Op het gebied van de Zending zijn onze Jongelings-verenigingen over het algemeen niet erg thuis. In hoofdzaak is dit wel te wijten, dat onze Geref. Gemeenten zolang ze bestaan, de Zendingsarbeid nooit zelfstandig hebben opgevat. Ds J. van den Berg te Utrecht tracht in „De Saambinder" de leden onzer gemeenten door periodieke artikelen over dit onderwerp, wat meer „Zendingsbegrip" bij te brengen. Dat is verheugend. En het komt uw rondkijker voor, dat hoe meer hij zich in deze materie verdiept, hoe meer hij tot de overtuiging komt, dat onze kerk — als ik het zo noemen mag — daadwerkelijk aan zending gaat „doen". Herhaaldelijk legt hij daar de klemtoon op. In een van de laatste Saambinders schrijft hij bv.: „We behoorden ons wel een weinig meer te oriënteren op het gebied der zending. We laten de dingen zo langs ons heen glijden. "We staren maar op eigen bevindingen en hebben meningen omtrent een en ander, maar we zijn een toetje te vroom om ons te zetten voor dat van de Koning der Kerk opgelegde werk. Een beetje over zending praten is nog 3e realiteit niet meegemaakt te hebben. Vandaar lijkt het me zo buitengewoon noodzakelijk, om meer onze aandacht te geven aan het werk der zending."

We zijn dit met Ds v. d. Berg van harte eens. En het is mede daarom, dat ik onze jongeren opwek, meer studie van de zendingte maken. Het is niet gemakkelijk dat weet ik wel, maar waar een wil is, is een weg. Er zijn bronnen te over om er wat meer van te weten; het zou er toe bij kunnen dragen, dat er wat meer liefde voor het zendingswerk kwam. Helaas verliezen we ons zo vaak in kleinigheden en zien we de grote lijnen over het hoofd. We horen bv. wel eens dat men zegt, er is hier in ons land zoveel te doen, dat we niet naar een ander land behoeven te gaan om het Evangelie te brengen. Of, die zendingdrijvers hebben toch geen zuivere leer! Enzovoort. Maar daar zijn wij niet mee klaar. „Want, dit is 't bevel, van de Heer der heeren!" Het bevel van Christus zelf, Die gezegd heeft dat het Evangelie gepredikt zal worden alle creaturen. En dan moet het beschamend voor ons zijn, dat wij daar practicaal niets aan hebben gedaan.

Do Chr. Gereformeerde Kerk, die toch in grootte niet zoveel verschilt met onze Geref. Gemeenten, deed het wel. In 1922 vatte men daar de zendingsarbeid zelfstandig aan. Uitzending van predikanten geschiedde als bij de Geref. Kerken, vanwege een plaatselijke kerk. Het zou op zichzelf een goede studie zijn om eens na te gaan, hoe de zending in theorie en practijk daar heeft toegedragen, om er dusdoende een beetje kijk op te krijgen.

Zending-en Kerk staan tha, ns meer dan ooit midden in de brandding. Het schijnt of alle zendingswerk wordt afgesloten, nu we in een wereld van oorlog leven. Neem de zendingsvelden in Indonesië, hoe moeilijk hoe gevaarlijk is het daar zending te drijven.

Van Dr K. J. Brouwer, president-director van de Verenigde Nederlandse Zendingscorporaties*) is kort geleden een boek verschenen, getiteld: „Zending in een gistende wereld". We hebben dit met veel interesse gelezen. Er komt uit, dat de politieke gisting in Indonesië een ingrijpende invloed heeft op de plaats en de taak van het Christendom aldaar. De auteur, die de gehele archipel heeft doorgereisd, beziet de ganse Protestantse zending in het gindse werelddeel. We stonden er over verbaasd, dat onder welke enorme moeilijkheden ook, het zendingswerk doorgaat.

De Kerk des Heeren staat midden in de wereld. En de Koning der Kerk, zal haar niet laten ondergaan, Die zal er ook voor zorgen, dat het Evangelie wordt uitgedragen tot aan de einden der aarde. Totdat Zijn Dag komt en • Zijn Woord zal zijn vervuld. Om nu geen ledige toeschouwers te zijn, metterdaad te mogen medewerken aan de opdracht in hoe geringe mate dan ook, is een grootse taak. Want niets is groter, dan het bevel des Heeren te mogen doen en volbrengen. Daar behoeft men niet altijd zendeling voor te zijn of te worden. Daadwerkelijk kan daaraan op zo velerlei wijze worden medegewerkt. Maar dan zal men eerst van de noodzaak moeten overtuigd zijn. En daartoe dient zeker de belangstelling te worden gewekt.

RONDKIJKER.

Verbetering. In het artikel over de Nieuwe Vertaling in het vorig nummer heb ik mij verschreven. Er stond: „er zijn meer mensen die Latijn kennen." Dit moest zijn Hebreeuws en Grieks. Het Latijn heeft met de oorspronkelijke tekst van de H. Schrift niets te maken. De lezer uit Lisse, die ons er op attendeerde, zeggen wij vriendelijk dank.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 3 oktober 1952

Daniel | 8 Pagina's

Op het gebied van de Zending

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 3 oktober 1952

Daniel | 8 Pagina's