VOOR ONZE Militairen
DE GEESTELIJKE VERZORGING VAN ONZE MILITAIREN (4.)
DE GEESTELIJKE VERZORGING VAN ONZE MILITAIREN (4.)
Ik heb van een jongen uit M. een hartelijke brief ontvangen waarin hij mij vraagt of ik eerst art. 31 van het Regl. op de Inw. Dienst wil behandelen vóór ik verder ga met de geestelijke verzorging.
Ik wil aan dit vriendelijk verzoek gaarne voldoen maar mijn vriend zal het wel goed vinden dat ik het laatste puntje van art. 46 eerst behandel. Ik heb dan een afgerond geheel. Dat laatste punt van art. 46 luidt als volgt:
„Alle dienstplichtige militairen zijn verplicht, de in dit artikel bedoelde bijeenkomsten bij te wonen, tenzij zij bij de compagnies-commandant een schriftelijke verklaring indienen, inhoudende, dat zij deze bijeenkomsten niet wensen bij te wonen."
Zo jullie weten is er iedere week „Dominee". Dat is een van de karakteristieke dienstuitdrukkingen. Wij bedoelen daarmee dat er iedere week een godsdienstige bijeenkomst wordt gehouden. In bijna alle garnizoenen en kampementen — misschien wel in alle - — worden deze bijeenkomsten gehouden door een veldprediker. Ik moge de aandachtige lezer attent maken dat in dit artikel nog steeds gesproken wordt over godsdienstige bijeenkomsten en niet over godsdienstoefeningen. Het verschil tussen die beiden heb ik in no. 6 uiteengezet. Ik kom daar dus niet op terug.
Je ontmoet nog wel eens een jongen die niet naar zo'n bijeenkomst toe wil. De meesten van dit soort zijn pure vijanden van God en 55ijn Woord. Wanneer hij echter geen verklaring bij zijn compagnies commandant heeft ingediend dan moet hij bedoelde bijeenkomsten bijwonen. Daar staat in ons punt „alle dienstplichtige militairen." Dat is dus niet geldig voor de beroepsmilitairen. Die vallen hier buiten. Dat is eigenlijk wel een beetje vreemd. We hebben tegenwoordig jeugdige beroepsmilitairen. Deze zijn dus van deze bijeenkomsten vrijgesteld. Men kan niet zeggen dat alle dienstplichtigen minderjarig zijn want onder „alle dienstplichtige militairen vallen ook de dpi. sergeanten en sergeanten majoor enz. enz. Misschien krijgen we op dit punt nog wel eens een wijziging. Het is vooreen dpi. militair al heel eenvoudig gemaakt om vrijstelling van deze bijeenkomsten te verwerven. Even een schriftelijke verklaring indienen bij de kapitein en klaar is hij. Hij behoeft zelfs niet eens reden op te geven. Alleen het schriftelijk kenbaar maken van het niet wensen bij te wonen is reeds voldoende.
Hoe ik over deze bijeenkomsten denk jongens? Nu, dat wil ik jullie wel zeggen hoor. Het liefste zag ik deze bijeenkomsten gehouden door een predikant van onze Gemeenten. Dat is zo vanzelf sprekend dat ik jullie die niet nader behoef tc verklaren. Ik weet niet of één onzer predikanten het doet. Waar het nu geschiedt door veldpredikers zijn we dus daarop aangewezen. Men houde goed vast het karakter van deze bijeenkomsten. De veldprediker houdt geen preek. Het is meestal een bespreking van een of ander onderwerp en ik zie niet in dat onze jongens weg moeten blijven. Dat was ons laatste punt van art. 46. Ik wil op verzoek nu wel eerst art. 31 behandelen alvorens ik met art. 47 begin.
Art. 31 gaat niet-over de geestelijke verzorging maar handelt over de dienst op Zon-en Feestdagen. Dat is heel wat anders. Mijn plan was om dit hoofdstuk na de geestelijke verzorging te behandelen. Die jongen uit M. heeft er echter zo'n haast mee dat ik hem wel een pleizier wil doen. Wat zegt art. 31.
Punt 1. „Op Zondagen worden alleen onvermijdelijke diensten verricht; deze diensten worden zodanig geregeld dat een zo groot mogelijk getal der daarbij betrokken militairen in de gelegenheid kan worden gesteld, om de godsdienstoefening van de gezindte of instelling, waartoe zij behoren of waarbij zij zijn aangesloten, volledig bij te wonen."
Ik denk dat ik mijn vraagsteller volkomen bevredigd heb als ik het bij dit punt laat.
Punt 2 geldt voor de Joodse militairen. Punt 3 noemt enkele feestdagen en punt 4 handelt over de dienst op Zaterdag.
De eerste vraag die ik wil stellen is deze: Wat zijn onvermijdelijke diensten? Dat is niet zo gemakkelijk en eenvoudig om daar een afdoend antwoord op te geven. Mag ik dit artikel eens toepassen op alle mensen? Ook de burger mag op Zondag alleen onvermijdelijke diensten verrichten. Dat ben je toch wel met me eens hè V.? Als ik zeg: „onvermijdelijke diensten" zijn die diensten die noodzakelijk zijn, zou ik dan ver mis zijn? Ik zal je er een paar noemen. Ze alle te noemen is onmogelijk.
De kok in de keuken maakt cles Zondags de spijs en drank klaar.
De kazernes en munitie-magazijnen worden des Zondags bewaakt.
De dokter helpt des Zondags de zieken en de verplegers verzorgen hen.
De sergeant van de week houdt appèl, haalt het eten en controleert verschillende diensten.
Je kunt dit lijstje zelf wel uitbreiden. Wie maakt nu uit wat „onvermijdelijk" is. Daar is maar één antwoord op: „onze commandant en onze hoge Overheid." Het is soms zo heel moeilijk om een bepaalde opgedragen dienst te beoordelen. De ondergeschikten zijn niet altijd op de hoogte van verschillende toestanden. Dat kan ook niet. Ook de commandant en onze Overheid zijn gebonden aan regels, voorschriften, wetten en algemene normen. Ik zou niet graag alle diensten welke op Zondag worden verricht beoordelen met „onvermijdelijk" of „overbodig". Men moet daar voorzichtig mee te werk gaan. De geest van dit punt is: „alleen onvermijdelijke diensten en het getal dienstdoenden op Zondag zo klein mogelijk houden."
Waarom wou V. nu eerst art. 31 behandelen? Wel schrijft hij, in verband met de in Sept. a.s. te houden internationale oefeningen in Duitsland. Die zullen Zondags wel doorgaan. Alvorens mijn mening hierover kenbaar te maken moet ik mijn vriend V. direct de illusie ontnemen dat hij zich zou kunnen beroepen op art. 31. Onze Imv. Dienst geldt alleen voor normale vredestoestanden. Niet dus voor mobilisatie of grote oefeningen. Ik geloof dat deze zaak heel anders ligt.
We komen dan op een heel ander terrein en ik wil dit met genoegen betreden, ja, ik wil je wel een toezegging doen. Zo de Heere ons in het leven laat, hoop ik mijn gedachten eens aan jullie mee te delen over ons leger in internationaal verband. Dan moet je beslist nog even geduld oefenen want ik ga eerst de geestelijke verzorging afhandelen.
Voor deze week genoeg. Ik ga een paar dagen met vacantie en dan sla ik eens een keer over. Jongens, allen de hartelijke groeten van
„KRIJGSMAN".
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 5 september 1952
Daniel | 8 Pagina's