JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

DE VOGELEN DES HEMELS 2.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

DE VOGELEN DES HEMELS 2.

6 minuten leestijd

3. Zomergasten.

Hieronder verstaan we de vogels, die de zomer in Palestina doorbrengen met nestelen, broeden en opkweken van jongen, maar tegen de winter weer verdwijnen.

Daar het onmogelijk is om alle zomervogels te bespreken, bepalen we ons, zoals gewoonlijk, tot die dieren, die ook in de Bijbel voorkomen.

a. De Tortelduif.

Deze vogel is één van de eersten, die in het voorjaar verschijnt. „De bloemen worden gezien in het land, de zangtijd genaakt, en de stem der tortelduif wordt gehoord in ons land." (Hoogl. 2 : 12.)

Het is een prachtige vogel met zijn wijnrode hals en borst. Op zijn tochten met de kudde heeft David zich ongetwijfeld verwonderd over de prachtige kleuren van deze duif. Dikwijls zal hij hem hebben opgenomen, zodat hij dat beeld helder voor ogen heeft staan en het verloste Israël ermee vergelijkt: Al laagt gijlieden tussen twee rijen van stenen, zo zult gij toch worden als vleugelen ener duive, overdekt met zilver, en welker vederen zijn met uitgegraven geluwen goud." (Ps. 68 : 14.)

Ook heeft David haar snelle vlucht opgemerkt. Wanneer hij in Ps. 55 dan ook vol vrees is en graag uit de stad zou willen vluchten, dan zou hij graag vleugelen ener duif willen hebben: Zodat ik zeg: ch, dat mij iemand vleugelen, als ener duive, gave! ik zou henenvliegen, waar ik blijven mocht. Ziet, ik zou verre wegzwerven; ik zou vernachten in de woestijn, Sela." (Ps. 55 : 7, 8.)

Een snelle vlucht is echter ook het enige, waardoor de overigens weerloze duif zich kan redden bij achtervolging van belagers. Zo is het ook gesteld met Gods volk, dat hoewel machtig in God, zwak is in zichzelf: Geef aan het wild gedierte de ziel Uwer tortelduif niet over; vergeet de hoop Uwer ellendigen niet in eeuwigheid. (Ps. 74 : 19.)

Het aantal tortelduiven is in Palestina buitengewoon groot in de zomer. Dat zal zijn oorzaak wel vinden in het feit, dat hun natuurlijk voedsel in overvloed aanwezig is, n.1. de zaden van de Vlinderbloemigen, zoals wikke en klaver. Overal hoorde men dan ook het getier van deze dieren in de bomen. Iedereen kende deze vogel en verschillende liederen waren er over de duif gedicht en getoonzet. Eén ervan was blijkbaar zeer bekend geworden en begon: De duif op verre eiken." Dit versje, evenals zijn melodie, heeft David ook goed gekend, want het staat vermeld in het opschrift, van Ps 56: Een gouden kleinood van David, voor den opperzangmeester, op Jonatn Elem Rechokim; als de Filistijnen hem gegrepen hadden te Gath." (Ps. 56 : 1) Deze psalm werd onder oud Israël dus gezongen op bovengenoemde wijs.

Dat de tortelduif zeer veel voorkwam, blijkt ook hieruit wel, dat de armen als reinigingsoffer twee tortelduiven moesten offeren. „Maar indien haar hand niet genoeg voor een lam vindt, zo zal zij twee tortelduiven, of twee jonge duiven nemen, een ten brandoffer en een ten zondoffer; en de priester zal voor haar verzoening doen; zo zal zij rein zijn." (Lev. 12 : 8). Twee tortelduiven of twee jonge duiven. Hieruit blijkt al, dat de tortelduif niet het hele jaar voorkwam. Wij rangschikken haar immers onder de zomergasten. Tijdens haar afwezigheid konden dan jonge duiven geofferd worden. Door alle tijden heen is altijd en overal de duif het beeld geweest van liefde, onschuld, zachtmoedigheid, en weerloosheid, zoals .uit de hierboven aangehaalde teksten wel gebleken is!

b. De Zwaluw.

Zeer waarschijnlijk moeten we bij het in de Statenvertaling voorkomende woord zwaluw denken aan de gierzwaluw, die ook in ons land in de zomer bij grote aantallen voorkomt.

Deze vogel komt het meeste voor in de buurt van de Dode Zee. Daar zijn veel kalkholen en tegen het dak van deze holen plegen ze hun nesten te maken. Of hun voedsel daar in de buurt ook voorkomt, is van minder belang, want ze vliegen met een enorme snelheid. (volgens Brehm is de gierzwaluw de snelste en meest onvermoeibare vogel) en grote afstanden tot 180 km toe.

De gierzwaluw brengt een zacht melodisch klagend geluid voort, in tegenstelling met de schrille tonen, die andere zwaluwsoorten laten horen: „Gelijk een kraan of zwaluw, alzo piepte ik; ik kirde als een duif; mijn ogen verhieven zich omhoog; o Heere! ik wordt onderdrukt; wees Gij mijn Borg, " zo aegt Hizkia. (Jer. 38 vers 14.)

c. De Hop.

Deze vogel is in ons land zeldzaam. Hij is gemakkelijk te kennen aan zijn grote waaiervormige kuif, zijn zeer gekleurd lichaam, en zijn lange iets gebogen snavel. Het is één van de laatste zomergasten, die in Palestina aankomt, zo ongeveer in het begin van de oogst. Bij voorkeur haalt hij zijn voedsel uit de mest.

„In Afrika is hij in ieder dorp, ja zelfs midden in de steden aan te treffen. Hier vindt hij alles, wat zijn hart begeert. Het is daar niet het vee, dat voor het voedsel van deze kleurige vogel zorgt, maar de mens. Er is altijd genoeg te halen voor vogels, die de mesthopen als hoogst verkwikkend beschouwen. De primitieve bewoners maken iedere hoek tot een veelbelovende voedselakker, waar overvloed van mestkevers, aasvliegen en stukken van lintwormen — waaraan in Ethiopië bijna iedereen schijnt te lijden — te vinden zijn. De

gemoedelijkheid, of wellicht juister de onverschilligheid der bevolking veroorlooft hem gewoonlijk zijn werk ongestoord uit te oefenen." (Brehm)

Zou dit niet de voornaamste oorzaak zijn, dat hij voor Israël een onreine vogel was? „En de ooievaar, de reiger naar zijn aard, en de hop en de vledermuis." (Lev. 11 : 19.)

Tijdens de Palestijnse winter gaan de zomergasten veelal naar Oost-Afrika.

Tenslotte nog

d. De Zangvogels.

Eerst een ornithologische (vogelkundige) opmerking. „Vogels gebruiken water en daarom zijn ze het talrijkste in de nabijheid van stromend water. De meest interessante gebieden voor de vogelliefhebbers zijn bos en water. Aan beide is Palestina betrekkelijk arm. Het is mogelijk, dat eeuwen geleden, in de tijd van de Israëlitische geschiedenis, meer bossen aanwezig geweest zijn. In ieder geval, om Hebron heen, waar de wortelloten der eiken, die men daar overal op de hellingen ziet, er op wijzen, dat hier eenmaal eikenbossen hebben gestaan. Bos en water zijn het gunstigst verenigd in het Jordaandal. Daar is dan ook het aantal zangvogels groot, vooral in het struikgewas, dat de Jordaan omzoomt." (A. Gustavs - Streifzüge durch die Vogelwelt Palastinas.)

Hieruit blijkt dus wèl, dat de uitspraak van reizigers, die dwars door Kanaan reizen, zonder in het Jordaandal geweest te zijn, luidt, dat er zeer weinig zangvogels zijn. En dit is inderdaad waar. Alleen in streken met bomen en water klinkt de vogelzang. Dat is dus in hoofdzaak bij de Dode Zee, het Jordaandal en het Hulé-Meer en ook wel langs de zeekust van Gaza tot Sidon. De voornaamste zanger is de Palestijnse nachtegaal.

Het nuttig vee en 't roof riek bosgediert', Zelfs d' ezel, die door woeste wouden zwiert, Die, ongetemd, zich kreunt aan juk noch koorden, Vindt lafenis aan hare frisse boorden, 't Gevogelte, dat in zijn snelle vlucht. De vlerken klapt en opstijgt naar de lucht, Of uit het loof zijn schelle stem laat horen, Heeft aan haar zoom zijn woningen verkoren.

(Ps. 104 : 6)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 8 augustus 1952

Daniel | 8 Pagina's

DE VOGELEN DES HEMELS 2.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 8 augustus 1952

Daniel | 8 Pagina's