VRAGENBUS
Corretpondenlie i'oor deze rubriek aan | T MOLENAAR Lee, lp IS Rotter, Zantd
N. N. te R. vraagt iets mee te willen delen over de slavernij en de arbeidsverhouding onder Israël.
Antw r oord: Alle arbeid geschiedt als regel door de mens in samenwerking met andere mensen. Zodoende treedt in de arbeid ook altijd een nieuwe relatie naar voren, nl. die van heer en medearbeiders.
In Israël bestond in oude tijden ook al het instituut van dagloner, maar tegelijkertijd werd daar ook gevonden de slavernij als standvastige verhouding.
Wij hebben altijd maar weer de neiging om te denken, als we van slavernij horen, van verschrikkelijke onrechtvaardigheden en wreedheden. Dit te denken is helaas wel dikwijls gegrond, maar behoeft niet noodzakelijk te wezen. Onder Israël, maar ook wel onder andere volken vinden we vormen van slavernij, die in het geheel niet mensonterend behoeven te zijn.
Onder Israël was de slaaf eigendom van zijn heer, maar daardoor viel hij ook voor rekening van zijn heer. Zijn heer waakt over hem als over zijn kind. Omdat de slavernij in Israël in alle opzichten gebonden was aan Goddelijke wetten en voorschriften, was de norm van de slavernij daar zo, dat ze een grondslag vormde voor een uitnemende wijze van samenleving. Een Israëliet mocht niet langer in een toestand van slavernij verkei-en, dan hoogstens zes jaar. In het zevende jaar mocht hij vrij uitgaan. Wilde hij bij zijn heer blijven, dan was dit geoorloofd, maar dwang tot blijven, was er niet. Maar dan ook droeg zijn slavernij een vrijwillig karakter.
Dat de arbeidsverhoudingen onder Israël soms bijzonder gunstig waren, blijkt wel uit die enkele fijne trekjes uit de geschiedenis van Boaz en Ruth.
Wanneer Boaz zijn landarbeiders bezoekt en op zijn akker de maaiers bezig vindt spreekt hij hen aan met: „De Heere zij met ulieden!"
En zij antwoordden met: „De Heere zegene u!"
Dat is een arbeidsverhouding, die alle bitterheid mist en gedragen wordt door wederzijdse waardering.
In Efeze 6 wordt de arbeidsverhouding aldus getekend, dat de knecht in eenvoudigheid des harten, gelijk als aan Christus, gehoorzaam moet zijn aan zijn heer, maar dat de heer de dure verplichting krijgt om in zijn omgang met zijn knechten de Heere te dienen en niet de mensen, ook niet zichzelf. De moeilijke en tere arbeidsverhouding wordt in Gods Woord gesteld onder het licht van de liefde tot Christus en van daaruit moet de oplossing gezocht worden voor alle problemen, die zich hier voor doen. Ook heden ten dage.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 juni 1952
Daniel | 8 Pagina's