Briefwisseling
Boste jongelui;
„Wie „a" gezegd heeft moet ook „h" zeggen, dus zet ik mijn cijferbrief voort.
Over de uitkomst van de volkstelling 1947 zou heel veel te schrijven zijn. Ik stij) hier maar enkele dingen aan.
De verdeling naar kerkelijke gezindte was toen zo:
R. Kath. Ned. Herv. Gereformeerd Overige kerken Géén kerk 3.703.572 2.992.926 935.956 371.693 1.641.214 Totaal 9.645.361
Onder de Ned. H. zijn ook de Walen begrepen, onder de gereformeerden: Ger. Kerken, Ger. K. art. 31, Chr. Ger. Kerk en Geref. Gemeenten.
Onder „overige kerkgenootschappen" rekent men buitenlandse kerken, Mormonen, Christian Science, Rozekruiscrs, Jehova-getuigen, Soefi-beweging en zo meer, die merendeels met christendom weinig hebben uit te staan.
Met meer zorg bezien wij de cijfers der genen die opgegeven hebben dat zij tot geen enkele kerk behoren.
Hier moeten wij niet denken aan on-kerkelijke mensen, zoals wij die soms ontmoeten, ernstige mensen, die maar niet kunnen besluiten tot de kerk toe te treden; onder hen zijn vaak godvrezende lieden. Allicht is hun billet waar „geen'' op stond, hierbij geraakt, maar dan is het getal toch zeer klein op die ruim millioen, die met de kerk iy2 niets te maken willen hebben. En zó stellen deze mensen het toch eigenlijk niet.
Het is een bedroevend feit, dat 1 millioen zes honderd een en veertigduizend mensen buiten alle kerk staan. Dat betekent nog niet dat zij slechter zijn dan die anderen, maar wèl dat zij zich van de dienst des Heeren hebben afgewend. Hun aantal wordt steeds groter, het stijgt snel. Zelfs in Middelburg bedroeg hun aantal in 1930 reeds 4000 of 21 y2 procent.
Vergeleken met de telling in 1930, toen hun aantal in het gehele land 14, 4 c /c was, terwijl het in 1947 17 % is, zijn zij met 18 c /o vermeerderd. De grote steden geven hier ook geweldige cijfers, voor Amsterdam wel 1/3 deel der inwoners, voor Rotterdam 1/4. Er is een grote afval van alle geloof te constateren, dat in de steden het sterkst is. Ja, de steden vervullen in het volksleven een bepaalde functie, daar hoopt zich op: het kapitaal, liet vernuft, wetenschap, kunst, handel, maar ook de Kaïnidé, van een stad, die tenj hemel zou reiken en waar men vindt de uitgieting van ongerechtigheid, het leven los-van-God.
Dit is alweer een hoogst ernstig feit, waarover wij eens moeten nadenken. Hoeveel mensen vindt men niet in elke plaats, die nog uit een christelijk gezin komen, maar toch geheel zijn afgedwaald. Vader en moeder namen het al niet zo nauw met de kerk, de Bijbel raakte in een hoek, dp kinderen welen al niet beter dan dat een mens maar netjes leven moet. en ook wal genieten. Soms komt men tot onberaden huwelijken, soms komt er armoede, dan verbittering. dan bii verkiezingen een keuze voor communisme of een Partij v. d. Arbeid, icaar men heil zoekt in de stoffelijke vooruitgang. En ge ziet ook de rol dpr Openbare Scholen. waar over de dienst des Heeren niet gesproken wordt, (als die er al niet ongemerkt in een hoek gedrukt wordt). En denk aan die duizenden kinderen in de grote volksbuurten, die van Bijbel noch kerk meer weten, dan kan het u wel eens aangrijpen. Uw Koninkrijk kome — dat is, bewaar en vermeerder Uw Kerk! En wat gaat er voor deze mensen van de kerk weinig uit. Wat is er niet een massa werk in eigen gemeenten, waarvoor men al leraars en ouderlingen te kort komt. Maar men zou ook tot die anderen moeten gaan.
En dan is er nog iets. Er is ook nog een verlies in eigen gemeenten. Er lopen wat mensen rond die het teken des doops op hun voorhoofd dragen en die de wereld tot hun deel hebben gekozen. O, het zal wat uitmaken als wij bewust die sprake van het Verbond Gods, dat teken en zegel Zijner beloften, al is die ook maar uiterlijk, verworpen hebben. Binde God het op uw en mijn hart. De Heere zegt: „Mijn juk is zacht en Mijn last is licht!" Uw liefdedienst heeft mij nog nooit verdroten, ja het is zo gelukkig; ik hoop op uw heil met al uw gunstgenoten! Moge er, ouders, maar veel gebed zijn voor onze arme kinderen.
Hoe grote inspanning kost het niet om op de gehele gemeente acht te hebben en als er eens een schaap dreigt af te dwalen en in allerlei redeneringen en theorieën verward is, deze steeds weer eens op te zoeken, zijn nood te peilen, er eens mede bezig te zijn. 't Vergt veel tijd en veel geestelijke inspanning om in '/. gesprek met zon dolende, die toch zovéél meent te weten, eens een poosje bezig te zijn.
Nu is het onmogelijk om van elke burgerlijke gemeente precies de cijfers na te gaan van de tellingen in 1930 en 1947. Dat zou mij hier te ver voeren. Maar de ambtsdragers mogen er zich wel eens in verdiepen, Onze Geref. Gemeenten stijgen nog in ledental, dat mogen we dankbaar vaststellen maar ik zou ook graag tellen die er afvallen. En die dan nog eens nalopen, plat gezegd, je zou gaan leuren om ze — zonder voor 't kerkje te vechten
— toch tot des Heeren dienst terug te brengen. Menig ouder perst het ('en traan uit het oog. En nu. doet toch God wonderen, want Hij trekt tot Zich die Hij wil. En dat gebeurt ook buiten dc kring d, er kerk. Ja, van die gaan er ons dan vóór, wij. die zo trouw ter kerk gaan en 't zo goed menen. Vandaar de eis: bekeert u - en. Jeremia's gebed: Heere, bekeer mij! In de weg der middelen wil God dat doen, zo leert ook Smytegelt ons in zijn zo practicalft preken.
Van de bijna 10 millioen inwoners waren er dus in 1947 ruim millioen zonder enige kerk. Da! l]/2 is 17 c /c (van elke 100 zielen 17). In 1930 was het 14.4 %. In 17 jaar een stijging dus van 18 r /r.
Het gemiddelde van heel het land was dus in 1947 17 c /c. Hoe tvas het per provincie? Aldus:
Noord Holland 34.2 Groningen 27 Friesland 23.4 Zuid Holland 21.1 Utrecht 13.9 Overijsel 13.4 Drente 13 Gelderland 7.4 Zeeland 6.6 Noord Brabant J.5 Limburg 1.3
De eerste vier provincies komen dus boven het rijksgem iddelde uit.
Nu mopt ge die cijfers maar eens aankijken on er rustig over nadenken. Ze mogen u niet onbewogen laten. Niet zeggen: , , uat kan mij dat schelen',
ivant het gaat hier om het welzijn van geheel ons volk en hoe kostbaar is zelfs één onsterfelijke ziel. 936.000 behoorden in 1947 tot de groep „gereformeerd". Dat is van heel de bevolking 9.7 c /c. Daarover later iveer eens iets. M.h.g.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 16 mei 1952
Daniel | 8 Pagina's